Het Wereldrampenrapport van het Rode Kruis

Risico’s op rampen in stedelijke gebieden in kaart gebracht

Voor het eerst in de geschiedenis leven er meer mensen in steden dan op het platteland. Dat vraagt een andere aanpak van de bestaande rampenhulpverlening. De nadruk moet verschuiven naar de bescherming van kwetsbare stedelijke gemeenschappen.

In steden als Turnhout,  Tokyo of Toronto beschikken mensen over een woning met stromend water, riolering en afvalophaling.  Als een huis afbrandt of overstroomt, snellen de hulpdiensten ter plaatse. Nadien vergoedt de verzekering de geleden schade.

Voor de 1 miljard mensen die wonen in een sloppenwijk is zo’n ramp veel dramatischer. Hun huis zal afbranden omdat de gemeentelijke overheid geen hulpdiensten voorziet voor 'illegale' woonplaatsen. En als de hulpdiensten toch proberen te helpen, dan is er vaak geen toegangsweg om ter plaatse te geraken. Kinderen in sloppenwijken hebben meer kans om ziek te worden omdat er geen riolering of sanitair is.

Deze tegenstelling legt een nieuw probleem bloot: de kwetsbaarheidskloof.  In een kwetsbare stedelijke gemeenschap beschikt de plaatselijke autoriteit niet over de nodige financiën, kennis of wil om een goed functionerende stedelijke omgeving te creëren. En de gemeenschap zelf heeft te weinig middelen en politieke invloed om daar iets aan te veranderen.

Grote uitdaging van de 21ste eeuw
De Braziliaanse president Lula da Silva groeide op in een sloppenwijk. Hij vertelt: "Soms werd ik midden in de nacht wakker met mijn voeten in het water omdat ons huis opnieuw overstroomd was. Kakkerlakken en ratten zochten een weg naar binnen en in onze woonkamer dreef vanalles rond. Telkens als het regende, probeerden we het water tegen te houden. We nagelden een stuk hout aan de voordeur en voerden zandzakken aan. Dat hielp maar een beetje, want het water bleef stijgen en de autoriteiten deden niets."

Goed stedelijk bestuur kan de kwetsbaarheid van bewoners in een sloppenwijk drastisch verbeteren. Een mooi voorbeeld daarvan is Thailand. Op 18 jaar tijd slaagde de Thaïse overheid erin om 2 miljoen woningen in sloppenwijken te moderniseren.

Maar op veel andere plaatsen maken de overheid en hulporganisaties te traag de noodzakelijke overgang van plattelandsontwikkeling (die essentieel blijft) naar stadsontwikkeling (manieren om de kwetsbare stedelijke gemeenschappen beter te ondersteunen). Precies dat wordt een van de grote uitdagingen van de 21ste eeuw.

Humanitaire organisaties moeten leren omgaan met mensen zonder papieren en met niet-geregistreerden. Zij leven in sloppenwijken en spontane nederzettingen aan de rand van steden, in overstromingsgebieden of in seismische zones. Gedwongen ontruiming vormt een constante bedreiging voor hen. Na een ramp verliezen ze alles en moeten ze helemaal herbeginnen.

Betere heropbouw: Haïti
In januari trof een zware aardbeving Haïti. Na de ramp ontstond een enorm humanitair en politiek engagement. Het resultaat van de heropbouw in Port-au-Prince kan aantonen dat de internationale gemeenschap in staat is om op een nieuwe manier te werken met de stedelijke armen. ‘Beter heropbouwen’ na een ramp betekent dat eigenaars, huurders en informele of zelfs illegale bewoners op gelijke voet behandeld worden: allemaal hebben ze een recht op onderdak.

Als deze werkwijze overal wordt toegepast, kan het een enorme bijdrage betekenen voor de bestaande rampenhulpverlening. Alleen op die manier kunnen gemeenschappen in rampgevoelige gebieden zich concentreren op nieuwe klimaatrampen.

Het volledige rapport lees je hier.

Deel dit artikel