Indonesië gaat naar de stembus

verkiezingen-17april2019-stembussen-manvrouw

Indonesië is met ruim 265 miljoen het grootste land met een moslim-meerderheid, 193 miljoen ervan zijn minimaal 17 jaar, en dus kiesgerechtigd. Er zijn maar liefst 800.000 kiesbureau's verspreid over ruim 10.000 bewoonde eilanden. Dit maakt het de grootste rechtstreekse presidentsverkiezing op wereldschaal, hoewel de VS groter is, zijn de verkiezingen er nog (steeds) niet rechtstreeks. Algemeen wordt India als grootste democratie beschouwd, maar daar vinden de verkiezingen plaats gedurende een maand.

In België hebben we tot nu toe nauwelijks iets gehoord van deze verkiezingen. Is dit een goed teken?

Kris Vanslambrouck is Azië-medewerker voor 11.11.11 en volgt reeds 20 jaar de politieke actualiteit in het land. Hij beantwoordt een aantal vragen over de verkiezingen in het land.

Waarom horen we weinig over de verkiezingen in Indonesië, en is er wel een goede reden waarom we er iets over moeten lezen?

Het is inderdaad minder opwindend dan 5 jaar terug, toen de 2 zelfde antagonisten het tegen elkaar opnamen. Voor beiden was het toen een eerste gooi naar de troon. Nu is het een strijd tussen uittredend president Jokowi en 'de eeuwige verliezer' en ex-generaal, Prabowo. Beide kandidaten hebben weinig veranderd aan de vorm en inhoud van hun campagnes, we kunnen het dus allemaal wat voorspelbaar noemen, met weinig diepgang.

Net als in de VS dient de president zich aan in een team met een vicepresident. Hier is wel een opmerkelijke trendbreuk, vooral bij Jokowi. Hij koos voor Ma'ruf Amin, de voorzitter van de Imams, te vergelijken met een aartsbisschop binnen de katholieke kerk. Dit was een verrassing omdat de PDI-P van Jokowi bekend staat als een nationalistische, niet-religieuze partij, terwijl Ma'ruf net het tegenovergestelde belichaamt.

Als voorzitter van de MUI (Indonesian Ulema Council) nam die diverse controversiële standpunten in. Zo sprak zijn organisatie een fatwa uit tegenover de LGTB-gemeenschap en was er de blasfemie-zaak tegen kandidaat gouverneur Ahok. Dit zette de deur open voor een verbond tussen de oppositie en de conservatieve moslimorganisaties. Ahok was immers als christen van Chinese achtergrond 'niet geschikt' om Jakarta te besturen, een stad met een voor 90% Islamitische bevolking. Nadat Ahok tijdens de campagne een vers uit de Koran citeerde die zijn tegenstanders tegen hem konden gebruiken was zijn lot beschoren. Hij werd beschuldigd van blasfemie, verloor de verkiezingen en werd kort nadien veroordeeld tot 2 jaar gevangenisstraf.

In 2014 werd Jokowi een vernieuwingskandidaat genoemd. Wat is zijn palmares?

Vijf jaar terug was er inderdaad veel enthousiasme rond de kandidatuur van Jokowi, hij was de eerste 'serieuze' presidentskandidaat die geen directe link had met de politieke dynastieën en geen militair verleden had. Hij zorgde voor een stijlbreuk en werd beschouwd als de Indonesische 'Obama'. Maar veel van dit enthousiasme is nu weggesmolten. Er was algemene ontgoocheling toen hij zijn eerste regering voorstelde omdat hij teruggreep naar de oude recepten: een coalitieregering met technocraten, ex-generaals en bedrijfsleiders.

Toen bleek al dat de hoop op structurele veranderingen in het politieke systeem op een onverbiddelijke realiteit stuitte. Jokowi had het in zijn eerste campagne over het verbeteren van de mensenrechten en het aanpakken van symbolische schendingen van mensenrechten uit het verleden. Dit kwam er niet, integendeel, vijf jaar later is de situatie inzake rechten voor vrouwen en LGTB verslechterd. Enkele fundamentele vrijheden, zoals vrije meningsuiting en het recht om te vergaderen staan onder druk. Het drama van 1965-66 blijft een taboe, LGTB-feestjes worden abrupt afgebroken door de politie, studenten moeten een charter tekenen dat ze niet LGTB zijn, of worden van de universiteit gestuurd, een activist die onlangs een parodie zong op een lied van het leger werd gearresteerd.

Het aanpakken van de duizenden landconflicten, een tweede belangrijke belofte, kwam niet van de grond. Er werd een commissie opgericht die wat vooruitgang boekte maar teveel bleef hangen in procedurekwesties om een verschil te maken. Bovendien worden nog steeds boeren en vissers die hun land terugeisen of opkomen voor hun rechten gecriminaliseerd, en zelfs tot gevangenisstraf veroordeeld. De massale investeringen in infrastructuur maakte ook de overheid vaak schuldig aan het niet respecteren van de landrechten.

Hoe staat het met de economie, is dat zijn sterke wapen?

Jokowi investeerde heel wat in infrastructuur: nieuwe wegen, havens, luchthavens, elektriciteit, enz. Het jaarlijks begrotingstekort liep behoorlijk op en werd grotendeels gefinancierd door leningen van China. Dit verklaart deels waarom de koers van de munt, de rupiah, ondanks een gemiddelde jaarlijkse economische groei van 5%, en de creatie van bijna 10 miljoen jobs, in waarde bleef afnemen. De economie blijft sterk afhangen van de export van gas, mineralen en palmolie terwijl heel wat (half)afgewerkte producten worden ingevoerd. Zo kwam de handelsbalans en ook de begroting in rode cijfers.

Jokowi blijft erop hameren dat zijn beleid Indonesië in de top 4 van de grootste economieën zal brengen tegen 2030. Maar bij diverse bezoeken aan het land zag ik dat de kloof tussen de stedelijk en ruraal Indonesië ongelofelijk blijft toenemen. Het inzetten op macro-economische groei sijpelt maar heel traag door in de slums van Surabaya en de dorpen van pakweg Flores en Sumbawa.

verkiezingen-17april2019-fingerprint

Hoe gaat de regering de groeiende ongelijkheid tegen? Is er sprake van een beter en breder sociaal beleid?

De regering probeert met diverse sociale programma's, zoals gesubsidieerde rijst, gratis onderwijs en ziekenzorg voor mensen en gezinnen met een laag inkomen, werk te maken van sociale bescherming, maar dit blijft zeer bescheiden. Procentueel nam het aantal armen af, maar door de bevolkingsgroei blijft de daling in absolute cijfers bescheiden. Het totaal budget voor sociale programma's blijft namelijk zeer beperkt, ongeveer 0.7% van het BNP, daarmee scoort het zelfs in ASEAN (Associatie van staten in ZO-Azië) slecht.

11.11.11 investeert in samenwerking met milieuorganisaties, hebben zij kunnen wegen op het beleid?

Het milieubeleid kende een aantal verbeteringen. De civiele maatschappij en dus ook de 11.11.11-partners hadden ngo's meer toegang tot het beleid, in bijzonder het Ministerie voor Milieu en voor Maritieme zaken. Deuren gingen open, er kwam meer dialoog, enkele ngo-medewerkers waagden de stap naar het beleid, maar er kwam geen wijziging in het beleid.

Er waren duidelijke overwinningen: er kwam in 2018 een moratorium op uitbreiding van palmolieplantages, op een paar kleine eilanden werd de mijnbouw verbannen, de bouw van enkele steenkoolcentrales werd uitgesteld, maar de uitdagingen blijven enorm.

Onderzoek van KPK (Anti Corruptie Commissie) wijst uit dat de extractieve sector en de grootschalige plantages een zorgenkind blijven, met heel wat corruptie, illegale operaties, fraude, militarisering, milieuvervuiling, landgrabbing, met grote gevolgen voor lokale gemeenschappen.

Hoewel Indonesië het klimaatakkoord van Parijs ratificeerde blijft het grotendeels business as usual, en ontbreekt het aan grote investeringen in duurzame energie en maatregelen om ontbossing structureel tegen te gaan. Met de huidige technieken is het mogelijk om dit beter te monitoren, maar het blijft nog steeds wachten op één overzichtelijke kaart die alle concessies in beeld brengt.

Hoe onafhankelijk is justitie, kunnen actiegroepen rekenen op de rechtspraak?

Op het vlak van Justitie zien we meer autonomie en minder corrupte rechters, maar er blijft een groot probleem om de rechterlijke uitspraken af te dwingen. Nu het beleid minder greep heeft op de rechterlijke macht negeren de beleidsmakers de uitspraken die hen niet goed uitkomen, of gaan ze die openlijk aanvallen.

Eén sprekend voorbeeld was de reactie van enkele parlementairen nadat het Hooggerechtshof de milieuvergunning voor de ontginning van kalksteen voor de cementproductie in Kendeng nietig verklaarde. Zij stelden in een persconferentie dat de investering van PT Semen voorrang heeft op kleine administratieve vergetelheden van het bedrijf en riepen de gouverneur op om zo snel mogelijk een nieuwe milieuvergunning te geven. Zo werd de lange publieke en juridische strijd van honderden lokale boeren met enkele zinnen van tafel geveegd.

Politici zijn zo verweven met de bedrijfswereld dat ze elke zin voor realiteit dreigen te verliezen. Het inkomen van deze boeren is immers afhankelijk van het water van dit karstgebied dat nu omgetoverd wordt tot een mijngebied. Het water zal niet langer vastgehouden worden tot het droogseizoen aanbreekt. De velden zullen opdrogen en de boerenfamilies hebben de keuze tussen hongerlijden of de informele sector opzoeken.

Hoewel het land een lage werkloosheidsgraad heeft, bevindt ruim de helft van de tewerkstelling zich in de informele sector, waar willekeur en onzekerheid troef zijn.

Hebben partners van 11.11.11 hun stempel kunnen zetten op de campagne?

Onze partner Walhi heeft heel wat debatten en events georganiseerd die een link hadden met de verkiezingen, ik woonde er één bij in Palu, Centraal Sulawesi. Walhi had 3 professoren uitgenodigd die in debat gingen met het publiek, vooral studenten en lokale activisten. Er werd op een heel kritische manier gedebatteerd.

Zo was er heel wat discussie over een 'golput'-stem. Dit zijn de kiezers die weigeren te kiezen tussen de 2 kandidaten, en daarmee een signaal willen geven dat het kiessysteem moet veranderen. Nu hebben de regerende partijen teveel macht. Om te kandideren moet je immers 25% van de parlementsleden achter je hebben, dit maakt het uiterst moeilijk voor onafhankelijke kandidaten om zich in de strijd te mengen. Ook de mensenrechten-ngo's, zoals 11.11.11-partner KontraS steunen openlijk de oproep van de golput-beweging om niet te stemmen bij de presidentsverkiezingen.

Jatam voerde een opvallende media-campagne. Hun dossier over de financiering van de campagnes door mijnbouwbedrijven werd veel geciteerd. Hun onderzoek toont aan dat de extractieve sector heel sterk verweven is met het beleid. Tot 70% van de partijfinanciering komt van bedrijven die belangen hebben in de sector. Dit verklaart dus deels het feit dat deze bedrijven zich onaantastbaar wanen, en de regels makkelijk aan hun laars lappen.

Het is ook geen toeval dat de meeste gevallen van corruptie bij politici rechtstreeks verband houden met frauduleuze vergunningen en transacties met de mijnbouwsector. Ondanks het goede werk van de corruptiebestrijdingscommissie, KPK, blijft dit een oud zeer.

Steun het werk van onze partners in Indonesië

Omwille van verwerkingskosten, is het toegestane minimumbedrag € 10

Wie heeft nu de beste troeven in handen?

De polls tonen een grote, maar afnemende, voorsprong voor Jokowi. Met de nodige voorzichtigheid mag je stellen dat hij herverkozen wordt. Hoewel, door de ontgoocheling bij de progressieve kiezers, en de beperkte keuze, is de golput-beweging, sterker dan ooit. Indien veel kiezers thuisblijven zou er alsnog een verrassing uit de bus kunnen komen.

Zoals gezegd, we zitten in een vrij unieke situatie met 2 dezelfde kandidaten als 5 jaar terug. Bij een overwinning van Jokowi wordt het de derde nederlaag voor Prabowo in (vice-)presidentsverkiezingen, en dus het einde van zijn politieke carrière. Na 2 termijnen zal Jokowi zich in 2024 niet meer verkiesbaar kunnen stellen, dus kijken velen nu al uit naar hopelijk meer open en boeiende verkiezingen over 5 jaar.

Dit betekent uiteraard niet dat er niks op het spel staat. Hoewel beide kandidaten veel gelijklopende standpunten hebben, is het eerder een spel van imago en karakter. Prabowo staat als ex-generaal voor 'de sterke leider die zijn Indonesië er terug bovenop zal helpen', vooral wat betreft morele waarden. Dat zou wel eens een nieuwe Duterte aan de macht kunnen brengen. Jokowi zegt: " we zijn goed bezig, we doen zo verder, we werken hard en komen er wel".

Wat me vooral verontrust is de toenemende greep van de islam om de politieke wereld. Het aantal veroordelingen voor blasfemie neemt elk jaar toe, kritiek op controversiële standpunten die zgn gebaseerd zijn op de Koran is uit den boze. Indonesië stond tot nu toe gekend als het land waar diverse godsdiensten relatief vreedzaam naast elkaar konden beleefd worden, en waar tolerantie een basisprincipe is. Hopelijk blijft dit zo in de komende jaren, het is uitkijken hoe bij een verkiezing van Jokowi, de nieuwe vice-president Ma'ruf zijn stempel zal kunnen zetten op het beleid.

11.11.11 DOOR:

Lees ook

 

Onze partners in Indonesië

 

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels