Klimaatcrisis bedreigt voedselproductie in het Zuiden - fairtradeproducenten aan het woord

De klimaatcrisis stelt heel wat uitdagingen aan de kleinschalige landbouwers in het Zuiden. Gewassen lijden onder de klimaatverandering. Door onvoorspelbare seizoenen, droogte of hevige regenval met bodemerosie, hebben vooral de landbouwers in het Zuiden het hard te verduren.

Afrika ondergaat de grootste impact. Landbouwers zien hun bron van inkomens opdrogen: de productie daalt, kwaliteit verslechtert, de oogsten mislukken.

De droogte die Oost-Afrika nu teistert is mogelijk de ergste sinds 1991.
De productie van maïs in Kenia is gedaald tot één derde, wat een enorme impact heeft op de arme boerenfamilies.
In het noorden van Uganda zal de graanoogst 50% lager uitvallen.
Ook delen van Tanzania zijn hard getroffen.

Maar niet alleen de basisvoeding staat onder druk. De koffieproducenten in Uganda en Tanzania klagen dat de onvoorspelbare regenval het rijpingsproces en de oogst bemoeilijkt. Zij zien hun inkomsten verdwijnen.

De koffiecoöperatieve Gumutindo in Uganda trok in 2007 al aan de alarmbel: de productie van koffiebonen ging er met 40% achteruit. Koffie is in Uganda het belangrijkste exportgewas en stelt meer dan 500.000 mensen te werk. Te veel regen op bepaalde momenten verhindert de bloei, wat de productie doet afnemen. De bonen kunnen niet goed gedroogd worden en meer en meer plagen steken de kop op. Lange periodes van droogte zorgen er voor dat de bonen niet goed rijpen en de bodem zijn vruchtbaarheid verliest. Als de gemiddelde temperatuur  stijgt met 2°C zal het grootste deel van Uganda ongeschikt worden voor koffieteelt. Dat kan al gebeuren binnen de 30 jaar.








Willington Wamayeye, managing Director van Gumutindo Coffee Cooperative: “Ik woon al heel mijn leven rond de Mount Elgon en heb het weer nooit zo onvoorspelbaar meegemaakt. De regens vallen veel heviger over een korte periode en de droge seizoenen worden veel langer. De koffieplanten worden er slecht van en stoppen met bloeien. Reeds in 2007 verloren we zo’n 40% van onze productie. Ondertussen is voedsel duurder geworden en belangrijk basisvoedsel zoals bananen ondervinden ook problemen van de klimaatsverandering. Zonder werk en alternatieven worden jonge mensen gedwongen naar de stad te verhuizen.”

Gumutindo maakt volop werk van erosiebestrijding, door bomen tussen de koffie te planten. Dit komt bovendien de vruchtbaarheid van de bodem ten goede. De boeren van Gumutindo besteden ook meer en meer aandacht aan rationeel watergebruik.




De Tanzaniaanse koffiecoöperatieve KNCU die 60.000 koffieboeren verenigt rond de Kilimanjaro in Tanzania signaleerde in augustus 2009 dezelfde problemen.

Mapunda Kisuma van KNCU
: “ De droogte in Tanzania heeft dit jaar veel te lang aangehouden. Er is geen maïs, geen eten, geen koffie. De boeren twijfelen zelfs of ze oude planten nog zouden vervangen door nieuwe. Er zijn meer plagen op de planten, en de bonen kunnen niet goed rijpen omdat de regen op verkeerde momenten valt. Boeren doen alles om in hun levensonderhoud te voorzien: we zien meer en meer dat boeren de koffiepercelen vrij maken om er maïs te verbouwen. Ondertussen worden er volop bomen gekapt om extra inkomsten binnen te rijven, terwijl die bomen juist zeer belangrijk zijn om erosie tegen te gaan en de bodemkwaliteit te behouden. Veel jonge mensen geven de koffieteelt op en verhuizen naar de stad. Ik zie de koffieteelt hier binnen een twintigtal jaar volledig doodbloeden.”




Ruth Simba van het African Fair Trade Network ziet hier een belangrijke rol weggelegd voor fair trade: “Door de fairtradestandaarden, waaronder ook milieustandaarden, moedigen we de producenten aan om duurzaam om te gaan met de natuurlijke hulpbronnen. Door de premie kunnen ze investeren in duurzame teeltmethodes die ook meer bestand zijn tegen klimaatverandering. Coöperaties kunnen een belangrijke rol spelen om de boeren hierin op de leiden. In moeilijke tijden investeren boeren de premie prioritair in sociale noden, er zijn dus echt bijkomende middelen nodig om op langere termijn te kunnen werken aan klimaatadaptatie: in stand houden van schaduwteelt, biologische productie, herbebossing en irrigatie.”

Oxfam-Wereldwinkels wil deze problematiek onder de aandacht brengen naar aanleiding van Wereldvoedseldag. Aangezien de klimaatverandering een extra bedreiging en uitdaging wordt voor duizenden achtergestelde producenten in het Zuiden, en een bedreiging vormt voor hun inkomens, vragen we aan onze beleidsmakers dat ze dringend voldoende en additionele middelen vrijmaken om de meest kwetsbare bevolkingsgroepen te beschermen. De rijke landen zijn de grootste veroorzakers van de uitstoot van broeikasgassen en hebben de middelen om de klimaatuitdaging aan te gaan.

Prioritair voor Oxfam-Wereldwinkels is dat de middelen bovenop de reeds beloofde ontwikkelingsgelden komen, dat ontwikkelingslanden voldoende inspraak krijgen in het beheer van de fondsen en dat ook kleinschalige landbouwers toegang krijgen tot de middelen.


Saar Van Hauwermeiren, Politieke dienst Oxfam-Wereldwinkels, oktober 2009
www.oww.be/wereldvoedseldag
www.oww.be/klimaat

Deel dit artikel