Klimaattop Durban: Koolstoftaks kan Groen Klimaatfonds redden

IPSnewsDURBAN, 8 december 2011 - Per jaar 100 miljard euro vinden voor de strijd tegen de opwarming van de aarde, is moeilijk maar doenbaar. Daarover zijn vooraanstaande politici en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven het eens op de klimaattop in Durban. Het geld kan van een koolstoftaks komen of van andere technieken die een kostprijs verbinden aan de uitstoot van koolstof.

"Als we een meer omvattende koolstoffinanciering kunnen uitwerken, zullen we meer geld uit de private sector aantrekken", zegt de Noorse premier Jens Stoltenberg, een van de voorzitters van de VN-adviesgroep over Klimaatverandering en Financiering.

Als koolstofdioxide uitstoten overal ter wereld geld gaat kosten, levert dat volgens Stoltenberg drie voordelen op. Het moedigt de industrie aan minder broeikasgassen te produceren. Het draagt bij tot de ontwikkeling van propere technologie om de uitstoot te verminderen. En het zal inkomsten opleveren die gebruikt kunnen worden om acties te financieren die de klimaatverandering tegengaan of de gevolgen ervan beheersbaar maken.

Aan eerste initiatieven is er geen gebrek, zegt Stoltenberg. "De Europese Unie heeft al een systeem van uitstootquota en koolstofhandel. Australiƫ heeft net een koolstoftaks ingevoerd en Zuid-Afrika is van plan dat te doen. China begint ook een kostprijs te verbinden aan de uitstoot van CO2."


Haalbare doelstelling

De vraag hoe er genoeg geld kan worden gevonden voor de strijd tegen de opwarming van het klimaat, stond de voorbije dagen centraal op de klimaattop in Durban. Tijdens de vorige top in Cancun werd afgesproken tussen 2010 en 2013 10 miljard dollar (7,5 miljard euro) per jaar ter beschikking te stellen, om dat bedrag dan geleidelijk op te trekken tot 100 miljard dollar (75 miljard euro) per jaar tegen 2020. Het Groen Klimaatfonds moet dat geld beheren.

Door de internationale groeivertraging en de besparingen waartoe zowat alle rijke landen gedwongen worden, zal er minder overheidsgeld in het fonds terechtkomen dan verhoopt. "We moeten dus ook geld uit de private sector aantrekken", concludeert Stoltenberg. Aan een totaal van 100 miljard dollar per jaar komen, is volgens hem nog altijd "haalbaar".

Ook VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon zegt dat de doelstellingen van het fonds alleen gehaald kunnen worden door een combinatie van publieke en private middelen. "Er is een heel gamma aan mogelijkheden: een koolstoftaks, een transporttaks, enzovoort. Het is aan elk land om te beslissen welke maatregelen het wil nemen." Maar volgens Ban mogen de rijke landen hun verantwoordelijkheid niet ontlopen. "De industrielanden moeten leiderschap tonen door meteen genoeg kapitaal te injecteren. Iets doen aan de klimaatverandering is geen optie, het is noodzakelijk."


Talmen kost geld

Leiders uit verschillende ontwikkelingslanden scharen zich achter die stellingen. "We moeten een prijsstructuur creƫren die de private sector aanmoedigt te investeren in de financiering van klimaatmaatregelen", zegt de Ethiopische president Meles Zenawi. "Een kostprijs vastleggen voor de uitstoot van koolstofdioxide zal bedrijven het signaal sturen dat groene technologie winstgevend zal zijn. En er is een race aan de gang. Wie te laat komt, zal achtergelaten worden."

Toch lopen de concrete onderhandelingen over de werking en de financiering van het Groen Klimaatfonds heel moeilijk. Hoe sneller de rijke landen van wal steken, des te minder hoog zal de rekening oplopen, waarschuwt de Mexicaanse president Felipe Calderon. Hij zou willen dat het fonds operationeel is voor het einde van de huidige top op 9 december. "Een koolstofarme economie krijg je niet goedkoop", zegt Calderon. "Maar hoe sneller we in actie komen, hoe minder we zullen moeten uitgeven."

Ook Caio Koch-Weser, de vice-voorzitter van de Deutsche Bank, maakt zich zorgen over de slabakkende onderhandelingen. De industrie is klaar om de investeren in de groene economie, zegt hij. "Geef ons een prijs voor koolstof, geef ons een betrouwbaar beleid, en de private sector zal het grootste deel van het werk op zich nemen."

Auteur: Kristin Palitza

IPS DOOR:

Deel dit artikel