Koffieaccijnzen voor kleine koffieboeren

Ngo's, koffiesector en overheid in principe akkoord over toekennen 13 miljoen euro koffieaccijnzen voor steun aan kleine koffieproducenten via ontwikkelingssamenwerking.

Wie binnenkort een pakje koffie koopt, ongeacht waar of van welk merk, draagt automatisch ook extra bij aan de ondersteuning van de kleine koffieboeren in het Zuiden. Een equivalent bedrag van de accijnzen op de koffie zou toegekend worden aan een speciaal programma binnen ontwikkelingssamenwerking ten bate van kleine koffieproducenten.
Tenminste, dat is wat de betrokken kabinetten vandaag in principe toezegden op een gezamenlijke vraag van de koffie-industrie en de NGO’s Max Havelaar, Oxfam-Wereldwinkels en Vredeseilanden (*).

Die gemeenschappelijke vraag van koffieproducenten, -branders, -invoerders en –verdelers en van de NGO’s, is het eerste concrete en opmerkelijke resultaat van één jaar dialoog met alle bij de koffiecrisis betrokken partijen. De dialoog werd georganiseerd in het kader van de campagne ‘Ik ben verkocht’, een grootscheepse sensibiliserings- en lobbycampagne om Fair Trade in Vlaanderen op een hoger niveau te tillen. Die campagne trok de afgelopen maanden de aandacht van publiek, overheid en koffiesector op de problemen van de koffieboeren in Costa Rica en andere derde wereld landen.

Concreet vragen de deelnemers aan de dialoog extra te investeren in een duurzame koffiesector in het Zuiden. Aangezien de overheid via het mechanisme van accijnzen ook inkomsten int uit de koffiesector (jaarlijks zo’n 13 miljoen euro), engageren de deelnemers aan de werkgroep zich om samen met de overheid te overleggen over de besteding van minstens een deel van die inkomsten ter ondersteuning van de koffieboeren in het Zuiden.

Een andere, niet minder belangrijke, verdienste van de campagne is dat voor de eerste keer alle betrokken ‘stakeholders’ van de koffie-industrie, samen rond de tafel zitten en op zoek gaan naar maatregelen om de koffiecrisis structureel op te lossen. Vandaag maakten zij een bilan op van de resultaten van die dialoog, die werd gevoerd d.m.v. drie ronde tafel bijeenkomsten en drie specifieke werkgroepen.

Terwijl de werkgroep rond de accijnzen vrij snel tot een voorstel kwam, blijft het bij de andere werkgroepen - de ene over “certificeringssystemen”, de andere over “sensibilisering van consumenten” – nog wat vaag.

Uitbreiding draagvlak Week van de Fair Trade

In een andere werkgroep werd vooral gedebatteerd over manieren om consumenten te sensibiliseren en motiveren rond het aankopen van fairtrade producten. Er werden heel concrete ideeën voorgesteld door overheden, de BTC (Belgische technische coöperatie), Test Aankoop, Oxfam Fairtrade, de Gezinsbond, Netwerk Bewust Verbruiken en de ‘ik ben verkocht’-alliantie. Ze vonden raakvlakken die elkaar kunnen versterken op sleutelmomenten zoals de Week van de Fair Trade.

Koffie zonder certificering moet verdwijnen

In de werkgroep over “certificeringssystemen” gaat de discussie over de noodzaak van en het onderscheid tussen de verschillende keurmerken die vandaag de dag in de koffiesector gehanteerd worden: er is enerzijds het Fair Trade (Max Havelaar)-label, dat vooral aandacht heeft voor de economische, sociale en ecologische ondersteuning van de kleine producenten. In dat systeem krijgt de consument in ruil voor een meerprijs kwaliteitskoffie die kleine boeren in het zuiden reële kansen tot ontwikkeling biedt.
Anderzijds zijn er initiatieven als Rainforrest Aliance dat vooral het ecologische aspect benadrukt en Utz Kapeh dat streeft naar het invoeren van een minimumstandaard. Een vierde multistakeholders initiatief ‘CCCC’ (Common Code for the Coffee Community) is nog in ontwikkeling.
De discussie hierover is nog niet afgerond en wordt in de komende maanden verder gevoerd.

“Ik ben verkocht”: eindstreep nog niet bereikt

In het kader van de ‘Ik ben verkocht’-campagne formuleerden de organiserende NGO’s vijf concrete politieke eisen: herverdeel de overheidsinkomsten uit koffie, steun diversificatie en lokale vermarkting via ontwikkelingssamenwerking, richt een helpdesk Import Vlaanderen op, pak oneerlijke internationale landbouw- en handelsafspraken aan en stimuleer het maatschappelijk verantwoord ondernemen.

Met het op gang brengen van de dialoog tussen de verschillende stakeholders uit de koffiesector, heeft de ‘Ik ben verkocht’-campagne alleszins een belangrijke stap gezet in het realiseren van een aantal van die eisen. De open dialoog die ontstaan is tijdens de ronde tafels, de confrontatie met de werkelijkheid van het terrein tijdens de ‘handelsmissie’ naar Costa Rica (eind januari) met vertegenwoordigers van NGO’s, overheid en bedrijfswereld, en de talrijke sensibiliseringsacties die de NGO’s over de voorbije maanden opzetten, leidden tot een klimaat waar meer begrip bestaat voor de ernst van de situatie voor de kleine koffieboeren. De bereidheid om naar concrete oplossingen te zoeken, is duidelijk toegenomen.

De campagne is ook nog niet ten einde. Waar ze dit jaar focuste op de koffieproblematiek aan de hand van de situatie in Costa Rica, krijgt ze na de zomer een vervolg met een meer uitgebreid grondstoffenverhaal, aan de hand van de landbouwsituatie in Ecuador.

(*) In het Franstalige landsgedeelte wordt de campagne gevoerd onder de noemer van ‘Ca passe par moi’, een alliantie tussen SOS Faim, Max Havelaar, Magasins du Monde, Ecoconsommation, Crédal, Nature et Progrès

Deel dit artikel