Meer zelfverbrandingen onder Arabieren

Mohammed Bouazizi, de 26-jarige Tunesiër wiens zelfverbranding een ongekende revolutie in zijn land gang zette, krijgt navolging onder ontevreden jongeren in andere Arabische landen. Zij protesteren tegen hun autocratische heersers en de slechte economische omstandigheden.

Gisteren (dinsdag) stak een derde Egyptenaar zichzelf in brand in de stad Alexandrië. Hij deed dat uit protest tegen de werkloosheid. De man overleed in het ziekenhuis. Eerder al had een man zichzelf in brand gestoken bij de regeringsgebouwen in Cairo. Een andere man protesteerde maandag met eenzelfde daad tegen de hoge broodprijzen.

In Algerije, het land dat na Tunesië als eerste te maken kreeg met volksprotesten tegen een tekort aan huizen, corruptie en werkloosheid, staken al vier mensen zichzelf in brand. Een van hen is inmiddels overleden.

In Mauritanië, waar 50 procent van de bevolking van 3,5 miljoen mensen onder de armoedegrens van twee dollar per dag leeft, moest zondag een man in het ziekenhuis worden opgenomen nadat hij zichzelf in brand stak bij het presidentiële paleis.

Westerse steun

Egypte, een land met 85 miljoen inwoners, voert in samenwerking met de Wereldbank, het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en het Amerikaanse Bureau voor Internationale Ontwikkeling (Usaid) een economisch programma uit dat onder meer leidt tot lagere subsidies voor basisvoedsel en energie. Het programma beroofde miljoenen Egyptenaren van goedkoop brood en joeg de prijzen van diverse andere voedselproducten op. Egypte heeft daardoor al vijf jaar te maken met protesten.

Andere door het Westen gesteunde Arabische landen implementeren soortgelijke programma's, daartoe aangespoord door Westerse financiële instituten. Ze steunen bedrijven die investeringen en ontwikkeling beloven, ten koste van de armen.

Tijdens een ministeriële bijeenkomst voorafgaand aan een Arabische Economische Top in Sharm El-Sheikh later deze week, riep de algemeen secretaris van de Arabische Liga, Amre Moussa, rijke (olieproducerende) Arabische landen op om Arabische landen die "ontwikkeling nodig hebben" te helpen.

Subsidies

De gebeurtenissen in de regio dwingen autocratische heersers aandacht te besteden aan de groeiende frustraties onder het volk. In Jordanië gaf koning Abdullah II, een belangrijke bondgenoot van de VS en Israël die aan het bewind kwam met Westerse steun, nieuwe maatregelen aan om de voedselprijzen te verlagen en meer banen te creëren.

De regering kondigde aan 167 miljoen euro uit te trekken voor lagere voedsel- en brandstofprijzen. Desondanks gingen de Jordaniërs in tientallen steden en dorpen de straat op om te protesteren tegen de hoge werkloosheid en de voedselprijzen.

In Syrië meldden de staatsmedia dinsdag dat de regering van president Bashar Al-Assad directe financiële steun geeft aan ongeveer 415.000 gezinnen. Zij krijgen ongeveer 8 euro per maand.

Na de gebeurtenissen in Tunesië kondigde de regerende Baath Partij in Damascus aan dat plannen voor kortingen op subsidies worden teruggedraaid en dat de voedselsubsidies verhoogd zullen worden. De regering gaf daarnaast volgens de Syrische media de boeren opdracht om meer tarwe te verbouwen.

Koeweit is van plan om voor ruim 600 miljoen euro gratis voedselrantsoenen uit te delen aan alle inwoners. Ook wil het land alle Koeweiti's een eenmalige uitkering van 2647 euro geven. De maatregelen moeten op 1 februari ingaan.

Wereldvoedselprijzen

In Egypte, het grootste Arabische land gemeten naar het aantal inwoners, houdt de regering vast aan de bestaande subsidies. De Egyptische media meldden dat president Hosni Moebarak die aan het bewind is sinds 1981, zijn ministers opdracht heeft gegeven voorlopig niet meer te spreken over verlaging van de subsidies voor brood en energie.

De Egyptische minister van Handel, Rachid Mohamed Rachid, zegt dat de subsidiesysteem in het land werkt en dat het de Egyptische consument behoed heeft voor een stijging van de wereldvoedselprijzen met 50 procent. In de krant Al-Ahram zei hij dat de crisis in Tunesië kan leiden tot snellere economische samenwerking en integratie tussen Arabische landen.

In Mauritanië, een van de minst ontwikkelde landen in de regio, kondigde de overheid maatregelen aan om in zeshonderd winkels gesubsidieerde rijst, suiker, kookolie en tarwemeel te gaan verkopen. De regering zegt ook maatregelen te zullen nemen "om de kansen op werk te vergroten."



BRON:
IPS
IPS DOOR:

Deel dit artikel