Oegandese zakenwereld ziet gemeenschappelijke markt in Oost-Afrika niet zitten

KAMPALA: Ondernemers in Oeganda maken zich steeds grotere zorgen over de gemeenschappelijke markt die de landen in Oost-Afrika vanaf 1 januari 2010 moeten vormen. Ondanks de overgangsmaatregelen verhuizen nu al bedrijven uit Oeganda naar het goedkopere Kenia.
link naar foto

De Gemeenschappelijke Markt van Oost-Afrika moet een vrij verkeer van werknemers en kapitaal mogelijk maken tussen Kenia, Oeganda, Tanzania, Rwanda en Burundi. Ondernemers uit een van de vijf landen krijgen ook het recht in elk van de overige lidstaten een bedrijf op te zetten.

Vijf jaren van overgangsmaatregelen moesten de zwakste economieƫn van de regio voorbereiden op de toenemende concurrentie. Terwijl de invoertarieven niet overal even snel werden verlaagd, kwamen er ook speciale steunmaatregelen die bedrijven uit zwakke sectoren moesten helpen competitiever te worden.

Delocalisatie
Maar Gabriel Hatega, de directeur van de Oegandse Stichting voor de Private Sector, heeft er geen goed oog in. Het Oegandese handelstekort met Kenia liep de voorbije jaren op, en sommige bedrijven steken nu al de grens over. "De productiekosten in Oeganda zijn zo hoog dat ook de vermindering van de Keniaanse invoerrechten van 10 tot nul procent geen bescherming biedt aan Oegandese bedrijven. We merken dat sommige bedrijven hun productieafdelingen naar Kenia overbrengen ? alleen de distributie en verkoop worden verder vanuit Oeganda afgehandeld". Hatega vreest dat het fenomeen nog zal toenemen als de overgangsmaatregelen uitdoven.

Een van de vertrekkers is de schoenenproducent Bata. Die verhuisde een fabriek naar Kenia. Andere ondernemingen hebben hun oog zelfs al laten vallen op het verder verwijderde Tanzania.

Kostenverschillen
De Stichting voor de Private Sector heeft de kostenverschillen tussen Oeganda, Tanzania en Kenia laten bestuderen. Banken in Oeganda rekenen hun bedrijfsklanten voor leningen gemiddeld een rentevoet van 19,4 procent aan. In Tanzania bedraagt de gemiddelde rentevoet 16,4 procent, in Kenia maar 12,9 procent.

De transportkosten liggen nog veel verder uit elkaar. Oegandese ondernemers betalen 2665 euro om een treinwagon met grondstoffen vanuit de Keniaanse haven van Mombassa te laten komen; hun Keniaanse concurrenten betalen maar 410 euro. Een vrachtwagen die vanuit Mombassa naar Oeganda rijdt, kost ongeveer 3280 euro, terwijl ondernemers in Kenia gemiddeld maar 533 euro kwijt zijn.
Ook het transport naar Rwanda en Burundi, die net als Oeganda niet aan de zee grenzen, is peperduur.

Kenia en Tanzania zullen zich ontwikkelen tot het industriƫle hart van de gemeenschappelijke markt, voorspelt John Sempebwa, een consultant van de Stichting voor de Private Sector. Oeganda, Burundi en Rwanda kunnen zich volgens hem beter toeleggen op de dienstensector.

Uitstel
Gideon Badagawa, de directeur van de Vereniging van Oegandese Producenten, pleit ervoor de Gemeenschappelijke Markt later van start te laten gaan. "Kijk naar de povere staat van de spoorwegen en de wegen in Oeganda. Stroom is ook nog altijd erg duur en onbetrouwbaar. We hebben meer tijd nodig."

Maar de Oegandese vicepremier Eriya Kategaya vindt dat die problemen kunnen worden opgelost zonder de Gemeenschappelijke Markt uit te stellen. "De private sector moet de concurrentie durven aangaan, of anders wordt ze opgeslokt".

President Yoweri Museveni maakt zich sterk dat Oeganda voordeel zal doen bij de economische integratie. Die zal de handel doen toenemen, en Oeganda heeft genoeg sectoren waarin het sterk staat om daarvan te kunnen profiteren.

Volgens het secretariaat van de Oost-Afrikaanse Gemeenschap zit 90 procent van de onderhandelingen over de gemeenschappelijke markt erop. Als alles volgens plan verloopt, komen de staatshoofden van de vijf lidstaten in november samen om knopen door te hakken in verband met de overblijvende discussiepunten.

De vijf landen van de toekomstige Gemeenschappelijke markt tellen 120 miljoen inwoners en hebben een gezamenlijk bruto binnenlands product van 28 miljard euro.

BRON:
IPS

Deel dit artikel