Ondertekening klimaatverdrag betekent nog geen klimaatactie

De delegatieleiders bij aanvang van de Klimaatconferentie in Parijs

Meer dan 150 landen tekenen naar verwachting op 22 april het klimaatakkoord van Parijs. Het historisch verdrag treedt echter pas in werking als het ook geratificeerd is door 55 landen.

VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon noemde de overeenkomst een "mijlpaal van internationale samenwerking bij een van de meest ingewikkelde kwesties in de wereld." Hij hoopt dat de ratificaties snel zullen volgen, misschien nog voor het einde van het jaar. In dat geval kan hij het klimaatverdrag nog rekenen tot zijn politieke erfenis, voordat hij vertrekt in december.

"Als het verdrag door vroege ratificatie snel in werking treedt, is dat een sterk signaal voor overheden, bedrijven en de bevolking om over te gaan tot klimaatactie", zei Ban afgelopen week. De echte uitdaging volgt daarna: de implementatie van het verdrag.

55 landen

Palitha Kohona, voormalig hoofd van de Verdragssectie van de VN, zegt dat handtekeningen belangrijk zijn bij internationale verdragen. Maar het belangrijkste is de ratificatie. Het duurt soms lang voordat alle landen dat hebben gedaan, omdat binnenlandse parlementen zich erover moeten uitspreken.

Het Akkoord van Parijs treedt in werking als 55 landen die minstens 55 procent van de broeikasgassen in de wereld produceren, het goedkeuren en ratificeren. Het Kernstopverdrag (CTBT) is bijvoorbeeld nog steeds niet van kracht, ondanks het feit dat het vrijwel direct ondertekend werd door meer dan honderd landen. Dat gebeurde twintig jaar geleden, tijdens een luisterrijke ceremonie op het VN-hoofdkwartier.

De toenmalige Amerikaanse president Bill Clinton was de eerste die zijn handtekening zette. Het verdrag is inmiddels geratificeerd door 157 landen, maar de VS, China, Egypte, India, Iran, Israël, Noord-Korea en Pakistan weigeren nog steeds.

VS en China

"Voor het klimaatakkoord spelen vooral de belangrijkste uitstoters van broeikasgassen een rol. De VS, China, Brazilië, Rusland en de Europese Unie zijn goed voor 75 procent van alle uitstoot in de wereld. Zij kunnen een belangrijke impuls geven aan de inwerkingtreding van het verdrag", zegt Kohona.

"Als de Verenigde Staten en China snel ratificeren, misschien nog dit jaar, is 40 procent van de uitstoot gedekt", antwoordt Meena Raman, juridisch adviseur van het Third World Network in Maleisië, op de vraag of het realistisch is te verwachten dat het verdrag snel in werking treedt. "De resterende landen moeten dan samen goed zijn voor 15 procent van de emissie, en minstens 55 landen moeten het verdrag ratificeren."

Het is dus niet helemaal onrealistisch dat het verdrag voor 2020 geratificeerd zal zijn, zegt Raman, die de klimaatonderhandelingen intensief volgde. Wat volgens haar echter belangrijker is, is het effect dat vroege ratificatie en inwerkingtreding kunnen hebben.

De nationale klimaatplannen die de landen bij de VN indienden op het gebied van emissiereductie en aanpassing, gaan pas na 2020 van start. Dus zelfs als het verdrag in 2017 of 2018 van kracht wordt, zullen de daadwerkelijke klimaatacties pas in de periode na 2020 op gang komen. De ingediende plannen zijn echter lang niet voldoende om de temperatuurstijging te beperken tot 2 graden, laat staan tot 1,5 graad, zegt Raman.

"De voorspellingen zijn dat de beloften in de nationale klimaatplannen zullen leiden tot een stijging van de temperatuur met meer dan 3 graden Celsius. Dat zou een catastrofe voor de wereld betekenen."

Ontwikkelingslanden

Vroege inwerkingtreding van het klimaatakkoord zou dus een positief signaal betekenen. Maar de echte vraag is of regeringen, vooral die in rijke landen, bereid zijn nog ambitieuzere emissiedoelstellingen na te streven. Dat zijn ook de landen die de benodigde financiële en technologische ondersteuning moeten bieden aan ontwikkelingslanden, zodat die niet tot na 2020 hoeven te wachten met klimaatactie.

Volgens Eliza Northrop van het World Resources Institute kan het akkoord met de vereiste ratificaties al in 2017 of eerder in werking treden. Het zal volgens haar zeker eerder gebeuren dan bij eerdere, vergelijkbare verdragen, zoals het Kyoto-protocol. "Niet alleen bestaat er nu meer politiek commitment, de voorwaarden voor inwerkingtreding zijn ook anders dan bij het Kyoto-protocol."

Hoewel het Kyoto-protocol ook uitging van 55 landen die goed zijn voor minimaal 55 procent van de emissie, was die 55 procent emissie alleen gebaseerd op de CO2-uitstoot van rijke landen. Bij het Akkoord van Parijs gaat het om de uitstoot van alle landen. "Om het akkoord van kracht te laten worden, is de steun vereist van een brede waaier aan landen. Ook moet er brede steun zijn voor klimaatactie, van de grootste uitstoters tot de meest kwetsbare eilandstaten", zegt Northrop.

Kohona stelt dat het beleid van de VS bepalend is voor latere ontwikkelingen. De prestaties van de VS uit het verleden zijn niet hoopgevend en klimaatsceptici hebben sterke invloed op de Amerikaanse politiek. Het is te hopen, zegt Kohona, dat het land zich realiseert dat het voortbestaan van de mensheid p het spel staat door de klimaatverandering. "Zwak leiderschap door de VS kan een excuus zijn voor anderen om hun enthousiasme te verliezen."

IPS DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels