Opinie Internationaal Koffieakkoord

Europese Unie speelt teleurstellende rol bij onderhandelingen.

Vorige maand bliezen verschillende betrokkenen van de koffiesector verzamelen op het hoofdkwartier van de Internationale Koffieorganisatie (ICO) in Londen.

Vertegenwoordigers van exporterende en importerende landen en de koffie-industrie kwamen samen om te discussiëren over de toekomst van het Internationaal Koffieakkoord.


Ook Oxfam was aanwezig, samen met enkele vertegenwoordigers van kleine boerenorganisaties. Aangezien zij aan de basis liggen van de koffieketen, vindt Oxfam het niet meer dan billijk dat ook zij een duidelijke stem krijgen, naast de koffie-industrie, en dat is momenteel niet het geval.

Daartegenover staat dat koffie van cruciaal belang is voor het overleven van 25 miljoen gezinnen in ontwikkelingslanden. Meer dan 75 procent van de koffie wordt geproduceerd door kleine boeren. Maar de volatiliteit van de markt en de verslechterde handelsvoorwaarden laten hen niet toe op een duurzame manier in hun levensonderhoud te voorzien. Het aandeel van de koffieproducerende landen in de koffiehandel is gedurende de afgelopen tien jaar gezakt van 30 procent tot minder dan tien procent. De verregaande afhankelijkheid van koffie-export is een bijkomend probleem. In Afrika bijvoorbeeld zijn verschillende landen voor meer dan de helft van hun exportinkomsten afhankelijk van koffie.

De koffiemarkt is dan ook een schrijnend voorbeeld van de nood aan een globaal grondstoffenbeleid om een crisis aan te pakken die vele landen en hun bevolking treft.

De periode van stabiele prijzen, die hoog genoeg waren voor de koffieboeren om in hun levensonderhoud te voorzien, ligt ver achter ons. De Internationale Koffieorganisatie heeft de economische clausules die tot eind jaren tachtig de markt in toom hielden jammer genoeg moeten opgeven. In de plaats kwam een Koffieakkoord waarin men zich onder andere tot doel stelt een duurzame koffie-economie te ontwikkelen. Maar slaagt men daar ook in?

In september 2007 loopt dit Internationaal Koffieakkoord af. Er is echter nog veel werk aan de winkel om koffieboeren toe te laten op een duurzame manier te overleven. Duurzaamheid vertrekt immers vanuit een stabiele prijs en een stabiel inkomen voor de koffieboer. De besprekingen in het kader van de Internationale Koffieorganisatie over de toekomst van het akkoord bieden dan ook een uitstekende kans om het akkoord te heroriënteren en te implementeren met het oog op meer duurzaamheid en een verhoogde participatie van kleine producenten.

Oxfam heeft, samen met dertien coöperaties van kleine boeren, verschillende voorstellen geformuleerd die een duurzame koffie-economie kunnen bevorderen:

Grotere deelname van kleine producenten in de adviescommissie van de privé-sector.
Oprichting van een adviesorgaan rond duurzaamheid.
Uitbreiding van het systeem voor marktinformatie en andere maatregelen die de marktpositie en –deelname van kleine producenten kunnen versterken.
Het is immers van groot belang dat ook de problemen van kleine producenten ter sprake komen en er oplossingen voor gezocht worden.

Helaas kwamen de ICO-lidstaten er zelfs niet toe de algemene richting aan te geven voor de toekomst van het akkoord: wordt het van de eerste tot de laatste letter heronderhandeld of volstaan een aantal amendementen en een beter implementatie van de doelstellingen?

Voor de kleine koffieboer op het terrein maakt dit uiteindelijk weinig uit: hij wil een rechtvaardige prijs krijgen voor zijn koffie, die zijn productiekosten dekt en hem bovendien toelaat zijn familie te voeden, zijn kinderen naar school te sturen en te voorzien in zijn medische basisbehoeften. Het Koffieakkoord kan een cruciale rol spelen om al deze zaken binnen het bereik van de boeren te brengen. Maar dan moeten de nodige wijzigingen wel doorgevoerd worden, ongeacht de procedure.

Vooral de opstelling van de Europese Gemeenschap was teleurstellend. Het eerste constructieve voorstel van de Europese Commissie moet nog op tafel komen. Het ziet ernaar uit dat Europa niet wenst te investeren in een Koffieakkoord dat bijdraagt aan de vermindering van de armoede in de wereld. Dat is nochtans één van de grote doelstellingen van haar ontwikkelingsbeleid in het kader van het bereiken van de Millenniumdoelstellingen. Duurzaamheid krijgt bovendien een prominente plaats in het Grondstoffenactieplan van de Europese Commissie. In het licht daarvan is de passieve opstelling van de Gemeenschap ongepast. De EU zou een veel positievere rol kunnen spelen, door de dialoog mee vorm te geven en mee op te komen voor het betrekken van kleine boeren bij het zoeken naar duurzame oplossingen.

An Lambrechts
Studiedienst Oxfam-Wereldwinkels vzw

Deel dit artikel