Oxfam vraagt klimaatfinanciering voor kwetsbare landbouw in het Zuiden

Op 29 november begint in Cancún de 16de VN-top over het klimaat. Oxfam zal er pleiten voor een rechtvaardig VN-klimaatfonds. Zo'n fonds moet de arme landen de kans geven zich duurzaam te ontwikkelen en tegelijk middelen voorzien om zich aan te passen aan de klimaatverandering. Vooral deze financiering voor aanpassingsmaatregelen is tot nu toe totaal ondermaats en onderbelicht, terwijl de uitdagingen in ontwikkelingslanden op dit vlak enorm zijn. De negatieve klimaateffecten op de landbouwgewassen en de voedselzekerheid zijn nu al voelbaar in deze landen.

Dringend klimaatfonds nodig

Sinds het magere politieke akkoord van Kopenhagen vorderden de klimaatonderhandelingen zeer traag. Over het oprichten van een globaal klimaatfonds is er wel enige vooruitgang geboekt. "Cancún moet echt een rechtvaardig globaal klimaatfonds opleveren, want de arme bevolking van kwetsbare landen voelt de klimaatverandering nu al", zegt Saar Van Hauwermeiren, beleidsverantwoordelijke klimaat en duurzame landbouw bij Oxfam.

Enkele voorbeelden:
  • In regio's die al te kampen hebben met voedselonzekerheid zal door klimaatverandering de opbrengst van landbouwgewassen zoals tarwe, rijst en maïs sterk dalen.
  • In 2008 waren er al 36 miljoen ‘klimaatvluchtelingen', mensen die op de vlucht moesten voor - steeds vaker voorkomende - natuurrampen.
  • Tussen nu en 2015 zullen zo'n 375 miljoen mensen het slachtoffer worden van natuurrampen veroorzaakt door de klimaatverandering.

Focus op aanpassingsmaatregelen

Momenteel wordt op globaal niveau minder dan 10 % van de bestaande klimaatfinanciering besteed aan projecten om ontwikkelingslanden te steunen bij de nodige aanpassingen. De rest van de middelen gaat naar koolstofarme ontwikkeling. Resultaat: de arme gemeenschappen die nu al de gevolgen van het wispelturige klimaat ondervinden, hebben geen financiële middelen om zich ertegen te wapenen.

"Driekwart van deze arme bevolking leeft in landbouwgebieden. De vruchten van hun lapje grond zijn vaak hun belangrijkste bron van overleven. Hen de nodige middelen geven om hun oogsten te beschermen is dus levensbelangrijk. Anders kan klimaatverandering alle inspanningen rond armoedebestrijding volledig teniet doen", stelt Saar Van Hauwermeiren. "Oxfam dringt er daarom op aan dat minstens de helft van de middelen van het globale klimaatfonds toegewezen wordt aan aanpassingmaatregelen".

Voor Oxfam is het noodzakelijk de ontwikkelingslanden nauw te betrekken bij het uitwerken van de structuur en het beheer van het fonds. Ook vrouwen moeten hun zeg krijgen in de besteding van de middelen, want zij spelen een essentiële rol in de voedselvoorziening van hun gezin.

Ondanks het gebrek aan financiële middelen nemen de kwetsbare boeren in het Zuiden initiatieven om zich aan te passen. Enkele voorbeelden van kleine projecten met een impact op lange termijn, ondersteund door Oxfam:
  • In Tanzania, Uganda, Ethiopië en Peru houden koffieboeren de traditionele agrobosbouw met systemen van schaduwteelt in stand. Daardoor wordt erosie bij hevige regenval vermeden en worden temperatuurstijgingen gebufferd.
  • In Cuba hebben boeren een aangepast irrigatiesysteem ontwikkeld en gebruiken ze serres die gemakkelijk verplaatsbaar zijn in geval van orkanen.

Van waar komt het geld?

"Het klimaatfonds moet gespijsd worden door de industrielanden, de historische verantwoordelijken voor de huidige klimaatverandering die de ontwikkelingslanden het hardst treft," zegt Saar Van Hauwermeiren. "Vorig jaar in Kopenhagen was er eensgezindheid over het feit dat tegen 2020 jaarlijks 100 miljard dollar nodig is om de klimaatuitdaging aan te gaan. Cancún moét dit bedrag als een minimum herbevestigen. Daarbij moet het uiteraard gaan over nieuwe middelen, boven op de eerder beloofde hulp."

Het ontbreekt niet aan mogelijke, innovatieve financieringsbronnen. De meest realistische zijn:
  • de plafonnering van de uitstoot van de internationale lucht- en scheepvaartsector (kan 20 tot 30 miljard dollar per jaar opleveren).
  • een taks op financiële transacties (400 miljard dollar per jaar).
Ook moeten de industrielanden in Cancún tonen dat ze de beloftes van Kopenhagen over de kortetermijnfinanciering (de zgn. Fast Start Financing van 30 miljard euro voor 2010-2012) zullen nakomen. Nu al blijkt dat de aanpassingsmaatregelen in deze financiering niet genoeg aan bod komen en dat het niet gaat om nieuwe en bijkomende middelen ten opzichte van eerdere beloftes.


Sine qua non

"Voor de ontwikkelingslanden is een globaal VN-klimaatfonds een onmisbare voorwaarde om te kunnen spreken over een rechtvaardig klimaatakkoord. Om de onderhandelingen te doen slagen, is er dus allereerst eensgezindheid nodig over dit onderwerp. Cancún moet de basis leggen voor een rechtvaardig en bindend akkoord en het vertrouwen in het VN-proces opnieuw herstellen," besluit Saar Van Hauwermeiren.


Meer info

Contact
  • Saar Van Hauwermeiren (Nederlandstalig), beleidsmedewerker klimaat en duurzame landbouw, volgt de top in Cancún van 3/12 t.e.m. 11/12: +32 473 98 07 87 - saar.vanhauwermeiren@oww.be
  • Brigitte Gloire (Franstalig), beleidsmedewerker klimaat en duurzame ontwikkeling, volgt de top in Cancún van 3/12 t.e.m. 12/12, +32 494 58 86 06 - bgl@oxfamsol.be of brigitte.gloire@gmail.com
  • Perscontact: Griet Rebry - 09 218 88 62 - 0497 52 01 54 - griet.rebry@oww.be
Interessante websites

Deel dit artikel