Poker op de koffiebeurs in Tanzania

KNCU (Kilimanjaro Native Co-operative Union) is een van de oudste koffiecoöperaties van Afrika en al sinds de jaren 1970 een partner van Oxfam-Wereldwinkels. Bij KNCU, in de omgeving van de Kilimanjaro, zijn momenteel 67 coöperaties aangesloten, samen goed voor meer dan 60.000 leden.

Poker op de koffiebeurs - foto: Christian Nusch
Foto: Christian Nusch


Een van die leden is Edita Temba. “Dankzij de premies die fair trade aan KNCU betaalt, had ik de laatste jaren een beetje meer geld. Ik heb het ook goed geïnvesteerd, het kakelt nu in het kippenhok”. Edita Temba verkoopt eieren en vlees uit haar ’gevogeltefarm’ in de naburige dorpen.

Die handel loopt goed. “Ik wou niet meer afhankelijk zijn van de voortdurende stijging en daling van de koffieprijzen en van de weersomstandigheden.“  Edita toont ons nog haar derde troef: twee kalveren die in de toekomst melk zullen geven.

Op de koffiebeurs in de stad Moshi heerst een geconcentreerde stilte. Hier wordt bijna de volledige Tanzaniaanse koffieoogst verhandeld. De handelaars, in opdracht van de grote koffieconcerns, zitten achter hun lessenaars en staren gespannen naar het uurwerk. Ze moeten allemaal een bepaalde hoeveelheid koffie inkopen aan een zo laag mogelijke prijs. De prijs die op het uurwerk verschijnt, begint hoog en gaat naar beneden tot er een koper toeslaat; dan hebben de overige kopers zes seconden de tijd om meer te bieden. Bij elk bod gaat de prijs met één dollar voor een zak van 50 kg naar omhoog, tot er afgehamerd wordt. Als de handelaars tevreden zijn en ze deze kwaliteitskoffie aan een gunstige prijs aangekocht hebben, hoort men goedkeurend gefluister en worden er gelukwensen geroepen.

Poker op de koffiebeurs - foto Christian Nusch
Foto: Christian Nusch

De koffie die KNCU niet aan fair trade verkoopt, wordt ook op de beurs van Moshi verhandeld.

KNCU-vertegenwoordiger Amen Mtui zit tussen de opkopers en biedt mee op zijn eigen koffie.

Hij weet dat één dollar meer of minder op een zak een groot verschil kan maken voor de boeren.

Niemand kan zien wie een bod doet, en dus drukt Amen op de knop telkens als hij het gevoel heeft dat een koper te weinig biedt, in de hoop dat er weer een hoger bod komt. Zo drijft hij de prijs in het geheim dollar per dollar op

Amen verduidelijkt: “Ik weet wat we van fair trade krijgen, want daar gelden vaste prijzen. En ik weet ook hoeveel koffie fair trade afneemt. Dat is de speelruimte die ik heb om de prijs op te drijven.“

Als het misloopt en geen van de kopers een hoger bod doet, loopt KNCU geen risico: de coöperatie krijgt van fair trade de garantie dat een deel van hun koffie aan een vaste en hoge prijs verkocht kan worden. “Zonder deze garantie zouden we machteloos staan en alleen maar kunnen hopen dat we een min of meer aanvaardbare prijs zouden krijgen. Nu hebben we de mogelijkheid om de prijs voor onze koffie mee te bepalen.“

Dit pokerspel zonder risico komt de leden van de coöperatie ten gunste. Normaal moesten ze hun koffie aan de commerciële opkopers afgeven en zouden ze geen cent zien van de winst die deze op de beurs maken. De coöperatie betaalt zijn leden eerst en vooral de prijs die de opkopers zouden betalen. Vorig jaar was dat ongeveer 70 eurocent per kilo. Als alle koffie van het seizoen op de beurs verkocht is, wordt de verkregen winst verdeeld tussen de leden. In 2007 leverde dat nog eens 30 eurocent per kilo op. En voor de koffie die aan fair trade verkocht wordt, krijgen de boeren nog eens een fairtradepremie: 17 eurocent per kilo.

>> Ontmoet Raymond Kimaru van KNCU op Fair Trade gaat Vooruit, 9 mei - Gent.

Tekst: Katharina Nickoleit (vertaling Noella Derdeyn)
Foto’s: Christian Nusch

Maart 2009

Deel dit artikel