Trump schroeft transparantiewetgeving voor olie- en mijnbedrijven terug

Obama ondertekent de Dodd-Frank Act in juni 2016

De Verenigde Staten hebben de voorbije jaren het voortouw genomen in het opleggen van transparantieregels aan petroleum- en mijnbedrijven, cruciaal voor de strijd tegen corruptie en het verlies aan inkomsten in grondstofrijke ontwikkelingslanden. Met het aantreden van Trump en de nieuwe Amerikaanse regering komt daar nu verandering in.

Op dezelfde dag dat Rex Tillerson – ex-CEO van Exxon Mobile - bevestigd werd als minister van Buitenlandse Zaken, stemde het Amerikaanse Congres voor de annulering van de transparantieregels voor olie- en mijnbouwmaatschappijen. 2 dagen later volgde de senaat. De vrees is dat andere landen volgen. 

Jarenlange campagne

Het gaat met name over de Dodd-Frank Act, de wet uit 2010 voor financiële hervorming, die een hoofdstuk bevat over transparantie van olie-, gas-, en mijnbedrijven, de zogenaamde Cardin-Lugar Provision.

Ngo's wereldwijd voerden jarenlang campagne tegen wijdverspreide corruptie binnen de delfstoffensector in ontwikkelingslanden, vooral in Afrika. Deze campagnes leidden in 2004 tot de oprichting van het 'Extractive Industries Transparency Initiative' (EITI). Exxon Mobile was één van de ondersteunende leden van dit initiatief.

Hoewel EITI een initiatief was op vrijwillige basis, kreeg het op relatief korte termijn erkenning en medewerking van het merendeel van de grote bedrijven uit de extractieve sector en van de grondstofrijke landen.

Om het succes van dit project te verankeren en 'free rider' praktijken aan te pakken werd bindende regelgeving noodzakelijk. Die kwam er dus in 2010 in de VS. Enkele jaren later volgden het Verenigd Koninkrijk, de Europese Unie, Canada, Brazilië en nog een hele reeks andere landen, waaronder zelfs China en Rusland.

Op dit ogenblik bestaat er in 30 landen wetgeving die bedrijven verplicht om te rapporteren over betalingen aan overheden, gaande van uitbatingsrechten tot de betaling van belastingen en royalty's. In 2016 hebben meer dan 100 bedrijven informatie ter beschikking gesteld over de betaling van 150 miljard dollar in enkele tientallen grondstofrijke landen. Dit zijn uiteraard cruciale inkomsten voor deze landen om hun ontwikkeling te financieren.

Eerste slachtoffer

De wetgeving in de VS richt zich op beursgenoteerde bedrijven waarbij de beurswaakhond SEC (Security Exchange Commission) bevoegd is voor de uitwerking van de toepassingsregels van nieuwe wetgeving.

Ondanks het feit dat de SEC reeds in 2012 de rapporteringsregels bekend maakte, zou het nog tot eind juni 2016 duren vooraleer deze regelgeving in voege trad. Het Amerikaans Petroleum Instituut, waartoe Exxon Mobile naast enkele ander grote oliemaatschappijen behoren, diende namelijk klacht in tegen de regelgeving. De juridische strijd tussen deze petroleumfederatie en de ngo's zou nog 4 jaar aanslepen, maar werd uiteindelijk beslecht in het voordeel van de ngo's met het behoud van toepassingsregels voor gedetailleerde rapportering.

De huidige regering maakt nu gebruik van de weinig gekende 'Congressional Review Act' om de regelgeving van de SEC teniet te doen. Deze wet maakt het voor een nieuwe president mogelijk om aan het congres en de senaat te vragen om regelgeving die na 13 juni 2016 werd goedgekeurd, ongedaan te maken. De SEC regelgeving voor de Cardin-Lugar Provision dateert van 2 weken na deze datum en werd het eerste slachtoffer van de toepassing van de Congressional Review Act door president Trump.

Voor alle duidelijkheid, de transparantiewetgeving in de Dodd-Frank Act blijft geldig. De SEC moet nu een nieuw voorstel uitwerken dat zonder twijfel een aanzienlijke afzwakking van de toepassingsregels zal inhouden. De Congressional Review Act stelt immers dat de vervangende regelgeving substantieel verschillend moet zijn van diegene die ongedaan werd gemaakt.

Voor Europese bedrijven en Amerikaanse bedrijven, beursgenoteerd in de Europese Unie, verandert er weinig vermits deze bedrijven onderworpen zijn aan de Europese transparantieregelgeving.

Tegeninitiatief

Onze bezorgdheid gaat voornamelijk uit naar het signaal dat uitgezonden wordt door Trump: regels ter bescherming van de bevolking (in ontwikkelingslanden en elders) moeten wijken voor de economische belangen van Amerikaanse bedrijven.

Dit kan andere landen ertoe aanzetten om op hun beurt de bestaande regelgeving af te zwakken of om, in landen met een beperktere regelgeving zoals China en Rusland, geen verdere stappen te zetten. 

Het is nu aan de EU, het Verenigd Koninkrijk, Canada en Australië om het voortouw te nemen. België zou erop kunnen toezien dat de EU die rol ook effectief opneemt zodat de bestaande wetgeving behouden blijft en door diplomatieke initiatieven te ondernemen om andere landen op een zelfde transparantieniveau als de EU te tillen.

Een mogelijk tegeninitiatief zou een verscherping van de EITI rapporteringsrichtlijnen kunnen zijn zodat Amerikaanse bedrijven uiteindelijk toch verplicht worden om gedetailleerd te rapporteren over hun activiteiten in EITI-landen, de meerderheid van grondstofrijke landen. 

Koen Warmenbol
Coördinator Gemeenschappelijke Strategische kaders

11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels