Vrouwen in Latijns-Amerika gaan snelst vooruit

Vooral sociale programma's verbeteren de situatie van vrouwen

In geen enkele regio ter wereld gingen vrouwen er zo sterk op vooruit als in Latijns-Amerika. Het zijn vooral sociale programma’s als familiesubsidies en pensioenen die hun leven hebben verbeterd, zeggen de VN.

Deze week vond in Buenos Aires een internationale vrouwenconferentie plaats. Delegaties uit de hele wereld evalueerden wat er sinds de Wereldvrouwenconferentie van 1995 in Beijing is veranderd.

"Het is interessant om te zien hoe van alle regio's ter wereld Latijns-Amerika de meeste vooruitgang boekt", zegt de Braziliaanse Luiza Carvalho, regionaal directeur van VN-Vrouwen.

Familiesubsidies en pensioenen

Die vooruitgang "kwam er niet zozeer door een economisch beleid, integendeel zelfs, maar door een sociaal beleid. Ook al was dat beleid niet noodzakelijk specifiek voor vrouwen bedoeld, het kwam hen uiteindelijk wel ten goede, rechtsreeks en onrechtstreeks."

Voorbeelden zijn de familiesubsidies in Brazilië, Argentinië, Ecuador en Mexico. Of de verhoging van het minimumloon, waar vooral vrouwen van profiteren. Het verhoogt hun koopkracht, en dus hun beslissingscapaciteit en "hun controle over sommige huishoudelijke zaken." Andere voorbeelden zijn de bescherming van informele arbeid en de invoering van (niet-contributieve) pensioenen, in Argentinië, Bolivia, Brazilië, Colombia, Costa Rica en Mexico.

Via deze herverdelingsmechanismen "is de extreme armoede in heel Latijns-Amerika ongetwijfeld gedaald. Door een verbeterde koopkracht, een hoger minimumloon en de uitbreiding van de niet-contributieve pensioenen is ook de genderongelijkheid aanzienlijk kleiner geworden."

Vrouw als moeder

Toch hebben die sociale programma's het nadeel dat ze de rol van de vrouw als moeder benadrukken, zegt Carvalho. "De vrouw moet de kinderen op school houden, ze moet hen laten vaccineren. Die voorwaarden verplichten de vader niet tot meer verantwoordelijkheid bij de opvoeding van zijn kinderen."
"Alles we meer successen willen boeken, dan zal het beleid meer moeten focussen", zegt Jessica Faieta, regionaal directeur van het VN-Ontwikkelingsprogramma. Ze pleit voor "een tweede generatie van sociale programma's."

Die tweede generatie "moet zich rechtstreeks richten op vrouwen die de sociale programma's nog niet bereikt hebben." Ze denkt vooral aan boerinnen, inheemse vrouwen en vrouwen met Afrikaanse roots.

Het hele gezin

Bij vrouwen heeft sociale inclusie een sterke impact op de eliminatie van armoede. "Het is bewezen dat de inclusie van vrouwen een ruimere impact heeft. Van de tewerkstelling van vrouwen en de verhoging van hun loon worden niet alleen zij beter, maar ook het hele gezin", zegt Faieta.

Grote uitdagingen voor Latijns-Amerika blijven de hoge moedersterfte en het geweld tegen vrouwen, zegt Carvalho. "Van de 28 landen met de meeste vrouwenmoorden ter wereld, bevinden er zich 14 in Latijns-Amerika."

Ze wijt dat onder meer aan "een zeer sterke machocultuur" en aan wettelijke obstakels waardoor vrouwen geen toegang hebben tot grond of krediet.

Ook moeten vrouwen het economisch nog beter krijgen, zegt Faieta. Ondanks alle vooruitgang zijn het vooral vrouwen die werkloos zijn. "En nog steeds krijgen vrouwen minder betaald voor hetzelfde werk."

Vrouwelijke staatshoofden

Een rapport dat VN-Vrouwen vorige week presenteerde, bracht de economische vooruitgang voor vrouwen in kaart van 1990 tot 2013. Latijns-Amerika blijkt het best te scoren: nergens steeg het aantal werkende vrouwen zo snel, van 40 naar 54 procent; al is dat nog altijd een eind verwijderd van het percentage werkende mannen, dat 80 procent bedraagt.

Volgens het rapport worden Latijns-Amerikaanse vrouwen 19 procent minder betaald dan mannen; wereldwijd bedraagt die kloof 24 procent. Vrouwen besteden ook twee tot vijf keer zoveel tijd aan onbetaald werk als mannen.

Ook politiek gingen de Latijns-Amerikaanse vrouwen erop vooruit, stelt het rapport. Elf landen voerden quota in. Geen enkele regio telt zoveel staatshoofden en regeringsleiders. Geen enkele regio telt zoveel vrouwelijke parlementsleden (26 procent) en vrouwelijke ministers (22 procent).


 

 

 

IPS DOOR:

Deel dit artikel