18 miljoen kinderen op de vlucht ondanks 20 jaar verdrag kinderrechten

Rode Kruis-Vlaanderen vangt jaarlijks meer dan 300 niet-begeleide minderjarige vreemdelingen op

Volgens schattingen van de Verenigde Naties sloegen in 2008 wereldwijd meer dan 18 miljoen kinderen op de vlucht voor conflicten. Een aantal onder hen trekt naar België, Nederland, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland of de Scandinavische landen op zoek naar veiligheid en een beter bestaan. Deze trektocht duurt soms maanden of jaren en tekent deze kinderen door de vele gevaren en moeilijkheden onderweg.

Europa heeft in de laatste twee jaren steeds meer asielaanvragen van niet-begeleide minderjarige Afghaanse jongeren ontvangen. België bood in 2008 aan zo’n 1.750 niet-begeleide minderjarige vreemdelingen een onderkomen. De 5 voogden van Rode Kruis-Vlaanderen vangen elk jaar meer dan 200 van hen op en begeleiden hen doorheen de asielprocedure. In de opvangcentra van het RK zijn er tevens 71 opvangplaatsen voorzien voor niet-begeleide minderjarigen.

Voor jongeren die hun toekomst willen opbouwen, is contact met de familie van groot belang. Vaak worden de jonge vluchtelingen tijdens hun tocht echter gescheiden van hun familie of zijn ze op zoek naar verwanten in Europa. Ook dan kunnen ze terecht bij het Rode Kruis, waar de dienst ‘Tracing’ hen dank zij een hypermoderne, fonetische databank kan bijstaan in hun speurtocht naar familie.

Het verhaal van de jonge Javed, gevlucht uit Afghanistan

Bij de opsporingsdienst “Tracing” van Rode Kruis-Vlaanderen lopen er geregeld aanvragen binnen van niet-begeleide minderjarige vreemdelingen (NBMV’s) die op zoek zijn naar hun ouders of naaste familieleden uit Afghanistan of Iran. Eén vijfde van alle opsporingsaanvragen - de helft van alle Afghaanse opsporingen - zijn opsporingen van niet- begeleide minderjarige Afghaanse jongeren. Zo ook het verhaal van Javed, die bij Rode Kruis-Vlaanderen aanklopte omdat hij op zoek is naar zijn tante.

Javed is één van die niet-begeleide minderjarige Afghaanse jongeren die in België een toevlucht heeft gevonden. Vier jaar geleden zette hij zijn vlucht in vanuit Afghanistan. Via Iran, Turkije en Griekenland kwam hij in het hart van Europa terecht. Vandaag is Javed 17 jaar oud. Hij woont in een asielcentrum voor niet-begeleide minderjarige vreemdelingen en hij kan de gebeurtenissen van het verleden eindelijk onder woorden brengen.

Javed’s verhaal begint vier jaar geleden, wanneer enkele Taliban-strijders Javed’s ouders het leven ontnemen. Javed zelf kon ontkomen, maar er restte hem weinig keuze dan weg te vluchten, weg van het geweld en weg van het gevaar. Buurland Iran was de meest logische keuze om als dertienjarige naartoe te trekken. Javed’s oom kende in Iran een Afghaanse man die hem voor een habbekrats wel in huis wou nemen. Als wederdienst werkte hij gedurende drie jaar zonder papieren in de handelszaak van deze man en slaagde hij erin wat spaarvermogen te ontwikkelen. Toch was zijn verblijf in Teheran niet zonder risico’s. Tot tweemaal toe komt Javed in aanraking met de Iraanse politie die weet had gekregen van zijn illegale verblijf. Voortdurend lag een mogelijkheid voor een deportatie terug naar Afghanistan op de loer. De onveilige situatie deed Javed tot het besluit komen om naar Europa te vluchten. Een smokkelaar zou dit allemaal voor hem regelen: Europa werd zijn eindbestemming, maar waar hij precies naartoe zou gaan en volgens welk plan was hem geheel onbekend.

Javed: “Ik ben maandenlang onderweg geweest, eerst naar Istanboel en vandaar weer verder. Soms verbleven we een maand in een dierenstal. We kregen éénmaal daags wat water en brood met een tomaat.” Bij aankomst aan de Turkse kust wordt Javed met nog drie andere vluchtelingen door de smokkelaar per boot naar Griekenland gevaren, maar onderweg krijgt deze de Griekse politie in de gaten. “We zagen de politie over de zee turen en de smokkelaar dwong ons in het water te springen en hij verdween. Ik kon niet zwemmen, maar de anderen hielpen me tot aan het strand.” In Griekenland wordt Javed samen met ongeveer 130 andere vluchtelingen ondergebracht in een gesloten centrum. Er werd voor dit aantal personen één zaal ter beschikking gesteld, één toilet en één douche. “Ik denk dat het een centrum van de Griekse politie was. Na een maand kwamen we vrij, maar met het bevel het land terstond te verlaten. Een Pakistaanse smokkelaar wachtte ons op en bracht ons naar België. Ik ben in totaal drie maanden onderweg geweest.”

De getuigenis van Javed maakt nogmaals duidelijk dat minderjarigen steeds vaker op de vlucht slaan voor conflicten. Bij internationale hulporganisaties is dit fenomeen al langer bekend. Conflicten brengen kinderen in contact met allerlei risico’s, sommige onvoorstelbaar voor ons. De meest benoembare risico’s zijn verweesdheid, dood, verwonding, ontheemding, verkrachting en het gescheiden worden van de familie. Een aantal ouderloze kinderen voegen zich bij een gewapende groepering, anderen worden ontvoerd en onder dwang ingezet als kindsoldaten.

In Javed’s thuisland Afghanistan woedt het conflict ondertussen tomeloos verder en dit eist zijn tol. Het sterftecijfer piekt er voor kinderen jonger dan vijf jaar en duwt Afghanistan naar de spits van de wereldranglijst voor kindersterfte. 25 procent van de Afghaanse kinderen bereikt nooit de leeftijd van 5 jaar.

Javed’s dossier is momenteel in behandeling. Hij gaat naar school in België en kan zich al verstaanbaar maken in het Nederlands. Vooreerst wil hij studeren, zegt hij nog, want daartoe heeft hij nooit de kans gehad. Kinderen in conflictgebieden zijn hetzelfde als andere kinderen. Ze koesteren dezelfde dromen voor de toekomst en willen leerkracht worden, chauffeur, dokter of piloot. Helaas kunnen kinderen in conflictgebieden zelden hun dromen waarmaken.

 

 

Deel dit artikel