Aleppo onder vuur: grootste stad van Syrië nu ook belegerd

Na 4 jaar vechten is Aleppo grotendeels verwoest

Aleppo wordt belegerd. Troepen loyaal aan de Syrische President Assad namen op 7 juli 2016 strategische posities in nabij de enig overgebleven toegangsweg tot het oostelijke deel van de stad (Castello Road), waardoor het deel van de stad dat onder controle staat van Syrische oppositiegroepen volledig van de buitenwereld is afgesloten. De Verenigde Naties (VN) bevestigden op 12 juli dat deze laatste toegangsweg tot Oost-Aleppo volledig "onbegaanbaar" is geworden.

De naar schatting 300.000 overgebleven Syriërs in Oost-Aleppo hebben daardoor geen toegang meer tot voedsel, medicijnen en andere basismiddelen. 'Shortly after the road closure, the people will go hungry. A blockade is death, just slowly', vertelde een lokale journalist uit Aleppo aan Middle East Eye.

Sinds eind mei 2016 was er sprake van grootschalige troepenbewegingen en een verregaande intensifiëring van Russische luchtaanvallen in en nabij Aleppo. Tal van Libanese en Afghaanse sjiitische milities vechten ook mee aan de zijde van het Syrische regeringsleger. Ook Iran geeft sinds kort openlijk toe grondtroepen in te zetten in Syrië.

"Bestand" op zijn Syrisch

Het Syrische regime kondigde op 6 juli een bestand van 72 uur aan ter gelegenheid van het einde van de Ramadan, maar trok op 7 juli dus verder op richting Castello Road en ging onverminderd voort met het bestoken van Oost-Aleppo. 'We are nothing but bugs being crushed and the world has abandoned us. People literally bleed to death in front of you and there is nothing you can do about it', getuigde een verpleegster uit een lokaal ziekenhuis in Aleppo.

Syrische rebellengroepen voerden uit vergelding verschillende raketaanvallen uit op het westelijke gedeelte van Aleppo, dat onder controle van het Syrische regime staat. Hierbij zouden eveneens tientallen burgers zijn omgekomen. Op 11 juli lanceerden de rebellengroepen ook een offensief tegen west-Aleppo. Op 12 juli werd een nieuw driedaags bestand aangekondigd, dat echter nauwelijks effect heeft op het terrein.

Integraal onderdeel militaire strategie

Aleppo is de laatste stad in de lange lijst van belegerde gebieden in Syrië. Naast de 300.000 inwoners van Oost-Aleppo worden meer dan één miljoen Syriërs belegerd en het recht op voedsel, water en medische voorzieningen ontzegt. Deze middeleeuwse belegeringen maken deel uit van een doelbewuste militaire tactiek om hele gebieden tot overgave te dwingen. Talloze Syriërs kwamen de afgelopen jaren om het leven door vermijdbare doodsoorzaken als uithongering, uitdroging, en een gebrek aan medicijnen en medische infrastructuur.

Recent onderzoek (mei 2016) van het Syria Institute en PAX, Siege Watch, toonde hoe minstens 1.015,275 Syriërs leven in 46 belegerde gebieden in Damascus, ruraal Damascus, Homs, Idlib en Deir ez Zour. Daarnaast bevinden meer dan één miljoen Syriërs zich in gebieden waarvan de kans reëel is dat ze op korte termijn belegerd worden.

Onder-rapportering VN

Dit is veel meer dan tot voor kort werd aangenomen. De Verenigde Naties stelden in december 2015 nog dat slechts 393.700 Syriërs in 15 belegerde gebieden leven, en stelden dit cijfer ondertussen bij tot 590.200 mensen in 18 gebieden. Daarnaast leven volgens de VN vijf miljoen Syriërs in "moeilijk te bereiken gebieden". Slechts 39 procent van alle belegerde gebieden wordt dus door de VN als zodanig erkend. De VN blijft zo ernstig in gebreke in een correcte rapportering van de belegeringen in Syrië.

De Syrische regering is verantwoordelijk voor de overgrote meerderheid van deze belegeringen. 85 procent van alle belegerde Syriërs leven in gebieden die uitsluitend belegerd worden door de Syrische regering en zijn bondgenoten. 14 procent van de belegerde Syriërs wordt belegerd door de Syrische regering, andere gewapende oppositiegroepen en IS, terwijl één procent van de belegerde bevolking belegerd wordt door gewapende oppositiegroepen (inclusief al Nusra). Zelfs de veel lagere schattingen van de VN stellen dat 15 van de 18 belegerde gebieden uitsluitend belegerd worden door de Syrische regering en haar bondgenoten.

In heel 2015 keurde de Syrische regering slechts tien procent goed van de 113 verzoeken van de VN voor toegang van humanitaire konvooien. 75 procent van de aanvragen werd simpelweg genegeerd.

De belegering en uithongering van Syrische burgers zijn oorlogsmisdaden en een vorm van collectieve bestraffing, en schenden VN-Veiligheidsraadresoluties 2139 (2014), 2165 (2014), 2191 (2014), 2254 (2015), 2258 (2015) en 2268 (2016).

Nood aan airdrops

Sinds januari 2016 bereikte de VN slechts 844.000 Syriërs in belegerde of (volgens de VN) "moeilijk te bereiken" gebieden, inclusief 334.000 mensen in 16 belegerde gebieden. Hoewel de afgelopen maanden vooruitgang werd geboekt inzake humanitaire toegang, werd geen enkele belegering opgeheven en verslechterden de levensomstandigheden in verschillende belegerde gebieden. Humanitaire konvooien blijven onregelmatig en ontoereikend, en focussen zich slechts op een fractie van alle belegerde gebieden. In verschillende gevallen, zoals Daraya, werd het toelaten van humanitaire landkonvooien gevolgd door hevige bombardementen van het Syrische leger. Enkel in Deir ez Zour, waar het Wereldvoedselprogramma (WFP) van de VN sinds april 2016 airdrops uitvoert, was een gevoelige verbetering van de humanitaire situatie merkbaar.

De International Syria Support Group (ISSG) riep op 17 mei 2016 op om vanaf 1 juni 2016 over te gaan tot airdrops en luchtbruggen van humanitaire hulp boven negen belegerde gebieden, indien humanitaire konvooien nog steeds doorgang wordt geweigerd. Deze oproep werd op 23 mei gesteund in de conclusies van de Europese Raad van Buitenlandministers.

Sinds op 1 juni de deadline van de ISSG verliep, lijkt de VN echter af te zien van humanitaire hulpverlening via de lucht. Het wil airdrops en luchtbruggen afhankelijk maken van toestemming van de Syrische regering, terwijl de ISSG-oproep er juist kwam om het gebrek aan medewerking van de Syrische regering te omzeilen. Dit stuitte op heel wat onbegrip in Syrië: 'We are tired of broken promises from the international community. They made a pledge to the Syrian people that it would ensure aid got to all Syrians in need – we are counting on them to follow through. Our lives and our confidence in the international com- munity—depend on it', stelde de Syrische middenveldcoalitie Save Our Syria in een reactie.

Het VN-hoofd voor Humanitaire Zaken liet op 23 juni wel nadrukkelijk de deur op een kier voor airdrops indien onvoldoende vooruitgang wordt geboekt in de humanitaire toegang over land.

#BreakTheSieges

De internationale gemeenschap moet dringende actie ondernemen om de belegering van Syrische gebieden te doorbreken. Onbeperkte humanitaire toegang is niet enkel een morele en juridische plicht, maar is ook essentieel voor een minimum aan vertrouwen in eender welk vredesproces. Zolang er geen sprake is van concrete vooruitgang op het terrein, verliezen de gesprekken tussen regime en oppositie in Genève elke legitimiteit op het terrein en hebben ze geen enkele kans tot slagen.

België en de EU moeten daarom de VN oproepen om alle belegerde gebieden als dusdanig te erkennen en relevante VN-Veiligheidsraadresoluties volledig uit te voeren, en hier ook zelf aan bijdragen. Dit kan door financiële of logistieke ondersteuning aan airdrops en luchtbruggen van humanitaire voorraden boven belegerde gebieden.

Airdrops en luchtbruggen zijn essentieel om het lijden van de Syrische burgerbevolking op korte termijn te verhinderen en de hoop op een politieke oplossing levend te houden, maar zijn geen duurzame oplossing voor de belegering van Syrische gebieden. 11.11.11 dringt daarom ook aan op meer diplomatieke druk op het Assadregime en Rusland, om volledige humanitaire toegang doorheen Syrië te verzekeren en alle belegeringen van Syrische gebieden te beëindigen.

Willem Staes

11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels