"Armoedebestrijding niet hetzelfde als welvaartscreatie"

Geen organisatie met stevigere fundamenten dan Trias. Eén van de vaders van Trias is de Boerenbond. Bij voorzitter Piet Vanthemsche peilden we naar het belang van internationale solidariteit voor zijn organisatie.


Vindt u het belangrijk dat de leden van de Boerenbond en de Landelijke Gilden begaan zijn met het lot van familiale boeren in ontwikkelingslanden?

Piet Vanthemsche: "We behoren tot het christelijke middenveld, en dus is solidariteit een erg belangrijke waarde, die trouwens verankerd zit in de grondkeure van de Boerenbond. We zijn stichtend lid van de internationale landbouwkoepel IFAP en van AgriCord, het wereldwijde netwerk dat focust op de versterking van boerenorganisaties in de derde wereld. Verder hebben we destijds ook de ontwikkelingsorganisatie Ieder voor Allen opgericht, de voorloper van Trias. Solidariteit van boer tot boer, ook over de landsgrenzen, heeft altijd in onze roeping gezeten."

Is het makkelijk om de Vlaamse boeren en tuinders warm te maken voor de armoedeproblematiek?

"We moeten daar niet flauw over doen: dat is geen makkelijke boodschap. Veel mensen staan wantrouwig tegenover de efficiëntie van ontwikkelingssamenwerking. Maar het is belangrijk dat we een stukje van onze rijkdom delen. Meer dan zeventig procent van de mensen die getroffen worden door extreme armoede leeft op het platteland. En dat terwijl voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid ruim de helft van de wereldbevolking in een stad woont. Als de Verenigde Naties tegen 2015 de honger willen halveren, zal de internationale gemeenschap zwaar moeten investeren in het landbouwpotentieel van ontwikkelingslanden."

AgriCord steunt intussen 187 boerenorganisaties in 61 ontwikkelingslanden. Waarom is de steun voor ontluikende landbouworganisaties in arme landen zo belangrijk?

"Sterke boerenorganisaties zijn van cruciaal belang voor een goed landbouwbeleid. Voor leden van de Boerenbond klinkt dat vanzelfsprekend, maar dat is het niet in veel ontwikkelingslanden, waar de politiek dikwijls heel ver staat van de realiteit op het platteland. Daarnaast kunnen landbouworganisaties opleidingen organiseren en gunstige randvoorwaarden op het vlak van toelevering, samenwerking, afzet en verzekeringen. Boerenleiders zijn doorgaans heel pienter: velen staan stevig in hun schoenen, ook als ze oog in oog staan met een minister. Wij kunnen hen wel interessante modellen aanreiken voor de versterking van hun ledenorganisaties."

Het volledige interview lees je hier.

Deel dit artikel