Braziliaans parlement maakt minderjarigen zondebok van eigen armoede

Op 9 september 2015 werd Cristian, een twaalf-jarige jongen uit een favela, neergeschoten door de militaire politie. De bewoners van Manguinhos, een sloppenwijk ten westen van Rio de Janeiro, voerden protest, maar dit werd met militaire macht neergeslagen.

dsc 0789

Naar aanleiding van het WK Voetbal in 2014 en de Olympische Spelen in 2016 werd de vredespolitie (Unidade de Polícia Pacificadora) opgericht om het aantal drugsbendes te reduceren en Rio zogenaamd aantrekkelijker te maken voor toeristen. Volgens de beleidsmakers zijn die verantwoordelijk voor veel geweld en overlast. Het initiatief verwaterde al snel tot repressieve militaire acties, waarbij de meeste slachtoffers minderjarig zijn en niets met de bendes te maken hebben. Ondanks het falend veiligheidsbeleid blijft de meerderheid in het nationaal parlement volhouden dat de delinquente jeugd de maatschappij ontwricht. Daarnaast blijft het parlement eisen om de minimum leeftijd te verlagen waardoor jongeren steeds vroeger opgesloten kunnen worden.

In augustus 2015 werd een tweede maal positief gestemd voor een nieuwe wet die stelt dat de minimum leeftijd om jongeren terecht te stellen verlaagd moet worden van achttien tot zestien jaar. Hierdoor belanden ze in een gevangenis voor volwassenen. Dit zal leiden tot een toename van 40.000 gevangenen in de reeds overbevolkte gevangenissen. Deze wet is echter in strijd met de grondwet, de nationale ECA-jeugdwet en de ondertekening van het Internationale VN-Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK) waardoor Brazilië verplicht is de minimum leeftijd op achttien jaar te houden. Ondanks dit wetsconflict blijft men nieuwe wetsvoorstellen ontwerpen om kinderen vanaf tien jaar in volwassenen gevangenissen op te sluiten. Bovendien stemde de senaat de voorbije zomer een bijkomende wet om tieners die misdrijven plegen tien jaar te mogen opnemen in gesloten instellingen i.p.v. de huidige drie jaar.itaire acties, waarbij de meeste slachtoffers minderjarig zijn en niets met de bendes te maken hebben. Ondanks het falend veiligheidsbeleid blijft de meerderheid in het nationaal parlement volhouden dat de delinquente jeugd de maatschappij ontwricht. Daarnaast blijft het parlement eisen om de minimum leeftijd te verlagen waardoor jongeren steeds vroeger opgesloten kunnen worden.

Geweld tegen jongeren

img 2421 0 1Uit een verslag van UNICEF van juli 2015 blijkt dat dodelijk geweld tegen kinderen in Brazilië het hoogste is ter wereld, na Nigeria. Procentueel gezien loopt het land zelfs voorop: vijftig procent van overleden Afro-Braziliaanse jongeren zijn vermoord. Daarnaast vallen er dubbel zoveel dodelijke slachtoffers dan bij blanke jongeren, die doorgaans een hogere levensstandaard hebben en een betere sociale bescherming genieten. De situatie in Brazilië is vergelijkbaar met een oorlogsland: 62,90 per 100.000 jongeren worden vermoord. In de grootsteden loopt dit cijfer op tot 72,50. Doorgaans worden dergelijke cijfers slechts behaald in landen waar burgeroorlogen of grootschalige gewapende conflicten plaatsvinden.

Repressieve maatregelen om geweld jegens kinderen terug te dringen blijken niet volkomen te werken. Een groot deel van het geweld wordt bovendien door de politie, cipiers en militairen gepleegd, waarbij bijzonder veel slachtoffers worden gemaakt en de politiek van staatsterreur wordt bestendigd. Bovendien valt de hoge graad van folterpraktijken op. Ondanks de achttien-jaar oude wet die folterpraktijken verbiedt komt het frequent voor in politiekantoren, gevangenissen, en legerbezettingen van de sloppenwijken. Er heerst totale straffeloosheid: ontslag of verplaatsing naar een andere regio zijn de zwaarste straffen. Daarnaast worden minderjarigen in gevangenissen vaak seksueel misbruikt of geïntimideerd. De slachtoffers durven dit echter vaak niet aangeven, wegens doodsbedreigingen.

Conservatieve parlementsleden draaien progressief beleid van de Arbeiderspartij terug

Het beleid van sociale ontwikkeling van president Lula, voortgezet door de huidige regering Dilma Roussef, wordt afgeremd door een zware economische crisis en de conservatieven, omwille van hun belangen bij het grootgrondbezit, de grootschalige veeteeltbedrijven en de mijnbouwindustrie. Om diezelfde redenen proberen ze de huidige wetgeving voor milieubescherming weg te stemmen. Ten slotte willen internationale bedrijven toegang tot de mijnbouw en grote energieplantages, waardoor de grondrechten van de inheemse gebieden in het gedrang komen te staan. In mei 2015 werd ook de neo-liberale flexibilisering van de arbeidscontracten doorgevoerd, wat een duidelijke achteruitgang van de arbeidsrechten betekent.

Na de economische crisis en de machtswissel worden jongeren als nationale zondebok gebruikt. De conservatieven verdedigen een opsluitingspolitiek die tot dramatische gevolgen leidt. De omstandigheden in gevangenissen zijn bijzonder slecht. In Rio de Janeiro zijn er o.a. plaatsen waar dertig jongeren op de vloer slapen in cellen voorzien voor tien. Een ander voorbeeld is een jeugdgevangenis in Noord-Brazilië, met een capaciteit van 235, waar 900 kinderen werden opgesloten. Deze wantoestanden leiden tot gewelddadige opstanden die gevolgd worden door repressieve acties van de cipiers. Het gevangenissysteem bereikt op geen enkel niveau haar doel als resocialiserende interventie. Integendeel, het gaat gepaard met extreme isolatie, mishandeling en executies van gevangenen. Daarnaast hervalt volgens rapporten van de Braziliaanse justitie (2014) tachtig procent van hen in de criminaliteit. Eén van de oorzaken van deze wantoestanden, naast de verhoogde terechtstellingen, zijn de besparingen die de deelstaat-regeringen doorvoeren. De uitbouw van nieuwe menswaardige kindergevangenissen die de grondwet, de ECA-jeugdwet en het IVRK respecteren is relatief duur.

Volgens de ECA-jeugdwet beschikken minderjarigen over specifieke rechten en mogen ze niet met een gevangenisstraf worden bestraft. De wet bepaalt dat jongeren alternatieve sancties moeten krijgen of opgenomen moeten worden in een semi-open instelling of jeugdgevangenis. Indien jongeren toch in een gevangenis terechtkomen, dienen ze toegang te krijgen tot hun recht op beroepsonderwijs, lichamelijk en psychologisch welzijn en contact met de familie.

Tegenstrijdige berichtgeving

Het idee (door de media verspreid en door de publieke opinie overgenomen) dat jeugdcriminaliteit toeneemt en zwaarder moet worden bestraft, wordt ontkracht door feiten. Verschillende studies tonen aan dat misdaden - gepleegd door minderjarigen - vaak geweldloos zijn. Het aantal opgesloten minderjarigen dat geweld heeft gepleegd, vertegenwoordigt vandaag nauwelijks 0,01 procent van alle tieners. Daarnaast blijkt dat vier op vijf jongeren omwille van drugssmokkel of diefstal gearresteerd worden, eerder dan wegens geweld.

Strijd door civiele organisaties en internationale druk

dsc 0843 1De strijd tegen de afbreuk van ECA staat voorop. Sinds de tweede ambtstermijn van de regering Dilma, gestart in januari 2015, ijveren de civiele maatschappij en het Openbaar Ministerie voor sociale investeringen in jeugdjustitie, voorzien in de jeugdwet ECA. Een nationaal actie-comité organiseert vreedzame manifestaties in de grote steden. Burgerorganisaties zetten educatieve en sensibiliserende mensenrechtencampagnes op. Progressieve sectoren in de regering worden aangesproken om het belang van de ECA expliciet te benadrukken. Lokale organisaties organiseren samen met universiteiten congressen, publicaties, studies en campagnes rond kinderrechten. Een goed voorbeeld is de jaarlijkse Candelária-campagne. De laatste campagne, gevoerd in juli 2015 te Rio, bestond uit een kindermars van 2500 deelnemers.

Presidente Dilma Roussef verdedigt ECA, pleit voor het behoud van de actuele strafrechtelijke leeftijd op achttien jaar en belooft de jeugdgevangenissen stapsgewijs om te zetten in kleine pedagogische centra die de ECA al 25 jaar geleden voorstelde. Daarnaast kan het hooggerechtshof de parlementaire stemmingen ongeldig verklaren wegens het gebrek aan transparantie. Ook internationale mensenrechtenorganisaties zoals Amnesty International en Human Rights Watch klagen de schendingen aan en leggen druk op de Braziliaanse autoriteiten. De VN-Kinderrechtencommissie in Genève stelt momenteel een ontwerp op waarin ze de verlaging van de minimum leeftijd veroordeelt. Ondertussen zetten de ngo's hun alternatieve modellen rond opvang van jongeren voort. Terwijl de ngo's voor tachtig procent succesvol zijn in hun aanpak, blijft tachtig procent van de jongeren bij hun vrijlating terugvallen in recidivisme.

KIYO DOOR:

Deel dit artikel