Cuba gebruikt de meerwaarde voor het algemeen welzijn

AC-Limburg op bezoek bij de Cubaanse vakbonden

 

“Het was een heel boeidende reis. Maar het minst wat je kan zeggen is dat de economische hervormingen binnen de delegatie voor serieuze discussies hebben gezorgd!” Gaby Jaenen en Rob Urbain zitten nog volop in Cubaanse sferen, en er is maar een half woord nodig om hen enthousiast aan ’t praten te krijgen.

Met 19 syndicalisten verbleef de delegatie van AC-Limburg van 27 november tot 4 december in Cuba. Ze bezochten een werf van een hotel en yachthaven in het toeristische Varadero, een textielbedrijf, een sigarenbedrijf, het syndicaal vormingscentrum van de vakbondskoepel CTC, en spraken er met verschillende vakbondsverantwoordelijken. De AC heeft een partnerschap met SNTC (Sindicato Nacional de los Trabajadores de la Construccion), de vakbond van de bouwsector, tevens partner van fos.

De indrukken zijn nog vers en het is duidelijk dat Gaby en Rob nog bezig zijn om hun gedachten te ordenen. “Het was een intensief en rijk programma, maar ook confronterend. Ik herinner me nog de spontane reactie van Harry toen het ontslag van 500.000 overtollige werknemers ter sprake kwam. ‘Wat gaan jullie als vakbond hieraan doen?’, vroeg hij. De Cubaanse collega’s legden rustig uit dat economische hervormingen in de gegeven omstandigheden echt wel nodig zijn. De boycot door de Verenigde Staten dwingt de overheid tot miljoenen extra uitgaven en de economische crisis heeft ook de inkomsten onder druk gezet. Er moet iets gebeuren. De vakbonden hebben de hervormingen uitvoerig bediscussieerd met de partij. In de bedrijven worden dit plan nu voorgelegd en waar nodig bijgestuurd.”

“Ook het feit dat er zoveel mensen als zelfstandigen zullen gaan werken, lokte veel vragen uit. Of men zich wel bewust was voor de gevolgen! Als men vrije ondernemingen toelaat, gaat men al snel mensen krijgen die de regels aan hun laars lappen. Als je een restauranthouder zegt dat hij 7 tafels mag hebben, gaan dat er vlug 9 worden. En dat dit ook faillisementen gaat meebrengen, iets wat men in Cuba tot vandaag nog niet kent!”

Syndicalisten zijn duidelijk mensen met een eigen gedacht, mensen die nadenken over hoe de samenleving en de economie moet georganiseerd worden. Een bezoek aan Cuba, dat een ander economisch model heeft, lokt vergelijkingen en beschouwingen uit, zowel over onze samenleving als over de Cubaanse. Terwijl onze vakbonden een tegengewicht tegen het patronaat moeten vormen, overleggen in Cuba de bedrijfsverantwoordelijken en de vakbonden samen over de algemene economische politiek.

“Hervormingen zijn nodig. Als je in een naaiatelier 3 keer meer mensen ziet rondlopen dan er nodig zijn, dan kan je de vraag stellen wat het maatschappelijk nut hiervan is.  Een gebouw bewaken waar niets te rapen valt, wat is daar de meerwaarde van? We hebben daar een man gesproken die een gebouw stond te bewaken, eigenlijk voor niets; en dat was dan nog een schoolmeester. Dat is tijdsverspilling. Cuba mag en moet bepaalde principes voor productie gerust overnemen. Maar de meerwaarde moet gebruikt worden voor het algemeen welzijn, niet als winst voor de eigenaars van het bedrijf, zoals in ons kapitalisme.”

“En nu is het ook zo dat de Cubaanse staat niet zomaar werk garandeert voor wie ontslagen wordt. Je moet zelf op zoek gaan. Dat vraagt een serieuze mentaliteitsverandering. En de vakbond zal in de toekomst misschien meer moeten opkomen voor tewerkstelling of werkherverdeling. Naar mijn mening zal een grote groep werknemers er zeker op vooruitgaan. Van de 500.000 mensen die hun baan verliezen, gaat het grootste deel zijn weg vinden. Maar er zullen er ook zijn die uit de boot vallen. En de vraag is dan of de overheid de middelen heeft om deze mensen op te vangen.”

Na al die kritische bedenkingen, is het de vraag of de reis uiteindelijk meer begrip dan wel meer scepcis heeft opgewekt. “Voor mij toch wel meer begrip. Economische activiteit mag niet verward worden met kapitalisme. Het is normaal dat men een bepaalde productie nastreeft, dat men efficiëntie nastreeft. Natuurlijk niet zoals hier, waar mensen worden uitgeperst als citroenen en stijf staan van de stress. Maar een gezond evenwicht is nodig, en dan zullen de Cubanen meer meerwaarde kunnen creëren. En als ze die meerwaarde dan investeren in het maatschappelijk welzijn, dan gaan ze het levensniveau van de Cubanen echt kunnen optrekken.”

“Honderd procent tewerkstelling door de overheid is niet meer haalbaar. Ik denk dat de overheid op de eerste plaats moet zorgen dat de mensen een inkomen blijven hebben, en dat kan ook als zelfstandige. De economie kan zeker nog groeien. Er zijn behoeftes die niet zijn ingevuld, en waarin kan geïnvesteerd worden. En door de zelfstandigen meer ruimte te geven, is er kans dat hun aandeel in de economie gaat toenemen.”

Net zoals de delegatieleden meningsverschillen en discussies kenden, zagen de AC-ers dat ook onder de Cubanen. “De enen zijn heel overtuigd van het systeem en gaan er sterk in op; anderen zijn eigenlijk meer bezig zijn met overleven, door een graantje van het toerisme mee te pikken bijvoorbeeld. Dat zijn geen tegenstanders van het regime, maar ze stellen zich eerder individualistisch op.  Ook de Cubanen zijn slachtoffer van de internationale crisis. Cuba is een socialistisch land, maar midden in een kapitalistische wereld. De koopkracht van de mensen is serieus gedaald en zij hebben het moeilijk. Als buitenstaander kunnen we alleen maar hopen dat nu de juiste veranderingen worden doorgevoerd. Maar het is duidelijk dat er iets moet gebeuren.”

Wat nemen de deelnemers mee uit de reis? “Ik denk nog alle dagen aan de reis. Maar  ik wil nog wel hetvolgende meegeven. Naast de bezoeken en de discussies was het ook een reis van verbroedering met onze Cubaanse kameraden. We kregen regelmatig iets te drinken aangeboden, en de sfeer was heel hartelijk. De banden met Cuba werden met dit bezoek aangehaald.”

Met dank aan
Gaby Jaenen  (adjunct provinciaal secretaris AC - Limburg) en
Rob Urbain (provinciaal secretaris AC – Limburg)

 

 

FOS DOOR:

Deel dit artikel