Krijgt familiale landbouw kansen in Congo?

De Alliance AgriCongo benadrukte donderdag het belang van de gezinslandbouw als motor voor duurzame ontwikkeling in Congo. Ze deed dat tijdens een druk bijgewoonde conferentie in de Senaat.


Net zoals op veel andere plaatsen in de wereld werd in Congo de familiale landbouw de voorbije decennia verwaarloosd. Hoewel zeven op de tien Congolezen voor hun zelfonderhoud afhankelijk zijn van familiale landbouw, vloeit momenteel minder dan één procent van de nationale begroting naar de agrarische sector. "Desondanks slagen boeren er de jongste jaren steeds meer in om op lokaal en regionaal vlak een sterke dynamiek te ontwikkelen", zegt Jean-Jacques Grodent, woordvoerder van de Alliance AgriCongo.

De Alliance AgriCongo werd in 2010 opgericht door zes Belgische ontwikkelingsorganisaties – Trias, Vredeseilanden, Oxfam, Diobass, SolSoc en SOS Faim – en de Congolese boerenorganisaties waar ze mee samenwerken. "Wij versterken de inspanningen die familiale boeren in Congo leveren om zich te verenigen, om samen te wegen op het beleid en om samen economische activiteiten uit te bouwen", verduidelijkt Grodent.

Zo hebben meerdere boerenorganisaties in Congo drie jaar lang geijverd voor de totstandkoming van de allereerste kaderwet voor de landbouw. Uiteindelijk werd die begin mei goedgekeurd door het parlement. "Zonder de lobbyactiviteiten van de familiale boeren in Kinshasa was die wet er nooit gekomen", beklemtoont Congo-expert Ivan Godfroid. "En de Alliance AgriCongo heeft een belangrijk steentje bijgedragen door hiervoor de nodige middelen vrij te maken."

Volgens Rosalie Biuma Ilunga kunnen de boeren een belangrijke stap voorwaarts zetten dankzij de nieuwe wet. "De kaderwet biedt kansen aan boerenorganisaties. Dat is belangrijk, want samen staan we veel sterker. In mijn eigen organisatie hebben de vrouwen op een bepaald moment beslist om hun rijst te verkopen in plaats van ze gratis weg te geven aan vrienden en familie. Het inkomen dat ze op die manier verwerven, verhoogt zienderogen hun zelfvertrouwen", luidt het.

De komende jaren zullen de Congolese boerenorganisaties nog een tandje moeten bijsteken om hun belangen te verdedigen. De uitvoeringsbesluiten van de nieuwe kaderwet moeten immers uitgewerkt worden. Bovendien is er ook nog een kaderwet voor de veehouderij op komst, net zoals nieuwe wetgeving over belangrijke domeinen zoals water en energie. Omdat er zoveel werk is, is de Alliance AgriCongo van plan om een permanente beleidscel voor familiale boeren te installeren in Kinshasa.

Van minster voor Ontwikkelingssamenwerking Olivier Chastel (MR) krijgt de alliantie financiële ondersteuning voor de organisatie van 28 workshops waarop Congolese landbouworganisaties uitgenodigd zullen worden. "Tijdens die bijeenkomsten zullen ze overleg plegen over belangrijke knelpunten zoals het gebrek aan investeringen, de precaire toegang tot grond en de povere transportfaciliteiten. Verder zullen de boerenbewegingen ook praten over de uitvoeringsbesluiten voor de kaderwet", aldus Jean-Jacques Grodent.

De Alliance AgriCongo beklemtoont tot slot dat de uitbouw van sterke landbouworganisaties een werk van lange adem is. Die lokale en regionale boerenbewegingen hebben intussen over de provinciegrenzen heen een dialoog opgestart over onderlinge samenwerking, maar tot hiertoe is er geen enkele nationale landbouworganisatie actief in Congo. Als het van Rosalie Biuma Ilunga afhangt, komt daar zo snel mogelijk verandering in.

www.triasngo.be

Trias DOOR:

Deel dit artikel