MO*: Zuid-Soedan: Eindelijk onafhankelijk, maar hopeloos verdeeld

In de zomer van 2011 werd Zuid-Soedan onafhankelijk. De nieuwe staat was echter niet de haven van vrede die in het vooruitzicht was gesteld, en zeker in de oostelijke provincie Jonglei is geweld een dagelijkse realiteit gebleven. Oorzaak? Een mengeling van oude etnische tegenstellingen, explosief gestegen prijzen voor een bruidsschat, rebellen en concurrerende overheden en verloren jongens die de weg naar huis terugvonden.

'Elk moment kunnen we weer worden aangevallen', zucht Daniel Akau Garang (32) terwijl hij een koe met imposante horens met een grijs mengsel van as en koeienmest insmeert. 'Tegen de muggen en de teken', verklaart de nog ongetrouwde Dinka in zwart hemd en korte broek. Achter hem kleurt de Nijl oranjerood. In het avondlicht ademt het op de oever gelegen veekamp in Pariak, even ten zuiden van de provinciehoofdstad Bor, een vreedzame, bijna mysterieuze sfeer. Mannen verzorgen de honderden van de grasvlakten teruggekeerde koeien, vrouwen zijn er in de weer met metalen potten en kinderen spelen tussen de rokerige vuurtjes.

Weken terug werd dit vredige tafereel echter verstoord door bloedig geweld. Zeven in camouflagepakken geklede mannen vielen met geweren het kamp binnen, schoten één van de herders dood en gingen er met tientallen koeien vandoor. Zich verdedigen konden Garang en zijn mannen niet. Driekwartjaar terug waren ze door de Sudan People's Liberation Army (SPLA), het hedendaagse Zuid-Soedanese leger, ontwapend. 'Tig keer hebben we hen al gevraagd om bescherming, maar ze doen niets', moppert hij. Volgens Garang zit de in het oosten van Jonglei wonende Murle-stam achter de aanvallen.




BRON:
MO* Magazine
Wereldmediahuis MO* DOOR:

Deel dit artikel