Modderstroom wordt oliestroom

We hebben in het verleden reeds en paar keer verslag uitgebracht van de enorme modderstroom die de regio van Sidoarjo in  Indonesië reeds bijna 3 jaar teistert.

Deze stroom ontstond bij het boren naar gas, in een streek die heel dicht bewoond is en op nauwelijks een tiental kilometer ligt van Surabaya, de tweede grootste stad van het land met 3 miljoen inwoners.

Deze modderstoom in dit sterk geïndustrialiseerd gebied maakte 13.000 gezinnen dakloos en tienduizenden werkloos. Maar de schade breidt zich steeds verder uit. Vorig jaar sloegen de milieuorganisaties en 11.11.11-partners Walhi en Jatam alarm want de modder bevatte o.a. zware metalen die de gezondheid  van de mensen die met het water of de modder in aanraking komen kan aantasten. 

Omdat de modderstroom iedere dag een equivalent van 1 miljoen vaten loslaat over de regio, zal het aantal slachtoffers ook in de toekomst nog steeds toenemen.

Sedert vorig  jaar pompen Lapindo, het bedrijf dat verantwoordelijk was voor de boringen, en BPLS, het agentschap van de overheid dat instaat voor het stoppen van de modderstroom, het slib van de modderstroom over naar de Porong rivier. Nochtans zijn er in het gebied stroomafwaarts heel veel commerciële visvijvers.

Tot overmaat van ramp stroomt er sedert midden maart 2009 ook ruwe olie naar boven, en ingenieurs van de universiteit van Bandung verwachten dat dit slechts een begin is. De regio staat bekend als olie- en gasrijk, en nu lijkt dat de ondergrondse moddervulkaan stillaan vemengd raakt met de olielagen, nadat reeds enkele maanden terug hier en daar gas uit de ondergrond opborrelde. 

De autoriteiten hadden tot nu toe nauwelijks oren naar de vaststellingen en vragen van actiegroepen zoals Walhi en Jatam. Maar nu blijkt dat de negatieve gevolgen van de modderstroom zo groot zijn,  zal ontkennen moeilijk worden. 

 

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels