Nieuwe MO*paper: Waarover gaat de toenemende Zuid-Zuidsamenwerking? Ontwikkeling, niet hulp

MOpaper 70 South SouthDe traditionele kijk op ontwikkeling heeft zich in de geïndustrialiseerde landen altijd gebaseerd op hulp. Rijke landen ("het Noorden") kunnen de ontwikkelingsinspanningen van armere landen ("het Zuiden") begeleiden en ondersteunen.

De hamvraag is altijd geweest met welk beleid en welke programma's die hulp zo effectief mogelijk verleend kon worden. Hoe zorgen we voor duurzame resultaten en hoe verzekeren we de inzet van de ontwikkelingslanden voor deze inspanning?

Er zijn heel wat opeenvolgende en zelfs parallelle strategieën gepromoot door de internationale gemeenschap en de bilaterale donoren, maar het blijft betwijfelbaar of er wel duurzame oplossingen gevonden zijn voor de ontwikkelingsuitdagingen. De jongste jaren kwam daar een heel belangrijke uitdaging bij: de toenemende Zuid-Zuidsamenwerking.

Die samenwerking is veel minder gebaseerd op de "wij-zullen-u-helpen" overtuigingen van het Noorden, en veel meer op een geloof in de fundamentele gelijkheid tussen partners.

Die visie gaat ervan uit dat ontwikkelingslanden geen lessen hoeven krijgen over economische groei, maar dat ze wel hun ontwikkelingservaringen en –kennis kunnen uitwisselen. Dat willen ze niet doen op de klassieke, voorschrijvende manier, maar eerder met open agenda's, zodat er op maat gemaakte oplossingen voor specifieke situaties ontwikkeld kunnen worden.

Deze Zuid-Zuid uitwisseling wordt gedreven door wat Fraeters en Maruri definiëren als 'de kracht van de dubbele vraag: een verlangen om te leren en een verlangen om te delen.'

Deze Engelstalige MO*paper analyseert verschillende aspecten van de groeiende trend van Zuid-Zuidpertnerships en –samenwerking, en zoekt uit wat deze trend kan betekenen voor de meer traditionele Noord-Zuidrelaties.

Een van de conclusies is dat een constructief Noord-Zuid engagement zich moet richten op een breder ontwikkelingspartnerschap en dat we daarvoor veel kunnen leren uit de ervaring van Zuiderse actoren.

Dat zou beter zijn dan te vast te houden aan een enge, hulpgerelateerde agenda die, ongeacht zijn waarde en know-how bij Noordelijke partners, weinig kans maakt op veel interesse en eigenaarsschap bij de meeste Zuidelijke partners.

Dr. San Bilal gaf de inleiding op het Ontwikkelingsdebat van 30 mei 2012. Deze MO*paper is een uitgewerkte en aangepaste versie van die inleiding. Het Ontwikkelingsdebat was een gezamenlijk initiatief van VVOB, MO*, VAIS, VLIR-UOS, VVN en BTC.


 

Over de auteur
Sanoussi Bilal  is verbonden aan het European Center for Development Policy Management (ECDPM), Maastricht. Meer info: www.ecdpm.org.

Over de MO*papers
MO*papers is een serie analyses die uitgegeven wordt door Wereldmediahuis vzw. Elke paper brengt fundamentele informatie over een tendens die de globaliserende wereld bepaalt. MO*papers worden toegankelijk en diepgaand uitgewerkt. MO*papers worden niet in gedrukte vorm verspreid. Ze zijn gratis downloadbaar op www.MO.be/papers. Bij het verschijnen van een nieuwe paper wordt een korte aankondiging gestuurd naar iedereen die zich registreert op www.MO.be/papers.

Wereldmediahuis MO* DOOR:

Deel dit artikel