Nieuws van Afrika-Europa Netwerk 15de september 2011

17 september internationale dag tegen deze EPA's: Hoe staat het met de eerlijke handel tussen de Europese Unie en Afrika?

 

De ACS-landen, 76 oud-koloniën van Europa in Afrika, Caribisch gebied en Stille Oceaan, hadden 30 jaar lang het voorrecht bepaalde producten bijna zonder invoerrechten in te voeren in Europa. Dit was niet in overeenstemming met het vrijhandelbeleid van de Wereldhandelsorganisatie (WTO), die vrije wederzijdse handel nastreefde tussen alle landen zonder onderscheid. Zij wilde daarom dat dit alleenrecht voor de ACS-landen in 2008 beëindigd zou worden. De EU stelde dus wederkerige vrijhandels-akkoorden voor in 2001 en begon hierover onderhandelingen met de ACS-landen.

De EU stelde de zogenaamde "Economische Partnerschap Overeenkomst" (EPA) op, waarin zij dit vrijhandelbeleid formuleerde voor bijna 100% toegang voor de ACS-landen voor hun producten in Europa en 80% toegang voor de producten van de EU tot de Afrikaanse markten met een invoeringsperiode van 25 jaar. Maar in deze overeenkomst zaten ook andere belangen van de EU verwerkt en onvoldoende die van de ACS-landen. Daarom kwam er verzet van de Afrikaanse en West Europese NGO's tegen deze zes regionale overeenkomsten en de EU, vooral rond de internationale dag van 17 september.

Hoe staat het nu in 2011 hiermee? Alleen het Caribisch gebied sloot einde 2007 zulk een regionale EPA met de EU. Een aantal landen in Afrika en Oceanië sloten alleen met tegenzin voorlopige EPAs af, maar geen enkele werd tot nu toe definitief. Want geleidelijk aan kwam er steeds meer verzet van deze landen en kwamen ze met eigen voorstellen waarin hun eigen belangen verwoord werden en ze verzochten en eisten de teksten van de EPAs te wijzigen, dit tot wanhoop van de EU.

De Afrikaanse regeringsleiders zeiden in december 2006: "Toegeven aan deze EPA's is zoveel als een blanco cheque tekenen en je hele bevolking daaraan verplichten. We kunnen niet gedwongen worden een overeenkomst te ondertekenen die tegen het belang van ons volk ingaat".

En de onderhandelingen en het verzet van Afrika blijft voortduren tot ze het als partners eens worden. Als AEN blijven we de Afrikaanse landen, als zij ons ertoe oproepen, steunen in dit verzet tot er eerlijke handelsovereenkomsten zullen zijn.

Intussen werken de Afrikaanse landen aan goede overeenkomsten met hun buurlanden en andere ontwikkelingslanden en met Brazilië, India en China, zeer ter verontrusting van de EU, dat haar relaties met de Afrikaanse landen en haar invloed op hen ziet verslechteren.

Bronnen: www.aefjn.org; www.tralac.org; www.namibian.com.na; www.observer.com.na. 13.09.2011

Afrika boekt langzaam vooruitgang in bestrijding moedersterfte

De deadline van de VN-milleniumdoelstellingen nadert gestaag. Volgens prognoses zullen slechts drie landen in Oost-, West- en Zuidelijk Afrika in staat zijn om tegen 2015 de moedersterfte tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen (doelstelling 5). Die landen zijn Eritrea, Rwanda en Ethiopië.

Tijdens een bijeenkomst in Nairobi begin september van Afrikaanse beleidsmakers, medische experts en ontwikkelingspartners werd gesproken over het reduceren van de moedersterfte. Uit onderzoek, blijkt dat de meeste landen ten zuiden van de Sahara worstelen met de toegankelijkheid van kraamzorg. Alleen Eritrea, Rwanda en Ethiopië liggen op schema als het gaat om het verbeteren van deze zorg. Eritrea wist de moedersterfte te reduceren met 70 procent, van 930 doden per 100.000 vrouwen in 1990 tot 280 per 100.000 in 2008. In Rwanda spelen traditionele vroedvrouwen een belangrijke rol bij de geboorte, vooral op het platteland. Bij complicaties zijn zij echter niet altijd in staat adequaat te reageren, wat het risico op overlijden vergroot. Odette Nyiramilimo, arts en politicus in Rwanda, zegt dat de traditionele vroedvrouwen echter ook zorg bieden die vrouwen in een ziekenhuis niet krijgen, zoals aandacht voor het persoonlijke welzijn van de moeder. In West-Afrika wist Ghana de moedersterfte tussen 1990 en 2008 te verminderen met 44 procent. Experts zeggen dat dit komt doordat Ghana de kwestie serieus neemt, gratis zorg biedt bij bevallingen en de zorgverzekeringen heeft uitgebreid. (Bron: IPS, 8/9/2011)

Vooral rijke landen worden beter van ontwikkelingshulp

 

Twee derde van de 92 miljard euro die in 2009 aan ontwikkelingshulp werd uitgegeven, ging naar bedrijven uit die rijke landen. Dat is een van de redenen waarom ontwikkelingshulp slechte resultaten oplevert, zegt het Europese Netwerk over Schuld en Ontwikkeling (Eurodad) in een nieuwe studie.

Uit de studie blijkt dat westerse bedrijven het gros van de contracten voor infrastructuurwerken, studies, de levering van medicijnen en andere hulpacties in de wacht slepen. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) verklaarde al in 2001 dat ontvangende landen niet mogen verplicht worden hun aankopen te verrichten in het donorland. Toch is nu nog altijd een vijfde van alle bilaterale hulp gebonden, zegt Eurodad. Maar ook de meeste contracten die niet gebonden zijn, blijken naar westerse bedrijven te gaan. Dat effect is nog meer uitgesproken bij grote contracten. De Wereldbank zet ontvangende landen vaak onder druk om ook transnationale ondernemingen te laten meedingen naar de contracten. Weinig bedrijven maken dan nog een kans bij megaprojecten.

Eurodad pleit voor 'slimme' aanbestedingen en een voorkeursbehandeling voor plaatselijke en regionale bedrijven. "Als we een weg willen aanleggen in Ghana, moeten we de opdracht toekennen aan een Ghanese onderneming", zegt Bodo Ellmers, een medewerker van Eurodad die twee jaar aan het rapport werkte. "Dat levert dubbele winst op: de weg komt er, en de plaatselijke werkgelegenheid, het inkomen en de kennis nemen toe." Slimme aanbestedingen houden ook in dat bedrijven die contracten in de wacht slepen, voorwaarden krijgen opgelegd. "Het heeft geen zin plaatselijke werknemers in te zetten als die onderbetaald worden of het werk hen ziek maakt. En bedrijven moeten ook het milieu ontzien." (Bron: IPS, 7/9/2011)

 

AEFJN België DOOR:

Deel dit artikel