Oxfam: Jaren van verwaarlozing door rijke landen leidde tot hongersnood in West-Afrika

Jaren van verwaarlozing door de rijke landen hebben rechtstreeks bijgedragen tot de huidige voedselcrisis in Niger, in Mali, in Burkina Faso en in Mauritanië, zegt Oxfam.

De internationale humanitaire organisatie Oxfam analyseerde de toestand in de vier getroffen West-Afrikaanse landen Niger, Mali, Burkina Faso en Mauritanië. Zij behoren tot de armste landen van de wereld maar ontvangen slechts een fractie van de ontwikkelingshulp die andere landen zoals Afghanistan en Irak van de rijke landen krijgen.

Niger, het tweede armste land ter wereld, krijgt slechts 12 dollar per persoon per jaar. Vergeleken bij wat iedere inwoner van Irak gemiddeld per jaar aan hulp ontvangt, namelijk 91 dollar, is dat zeven keer minder. Zelfs landen die ongeveer even arm zijn als Niger, zoals Senegal, Sierra Leone en Zambia, krijgen op z’n minst drie keer zoveel hulp.

“Indien Niger evenveel hulp had gekregen als het veel rijkere Irak, dan had deze voedselcrisis waarschijnlijk nooit plaatsgevonden. Maar rijke landen reageren vooral op grote krantenkoppen én houden meer rekening met politieke prioriteiten wanneer ze beslissen hulp te bieden.

Vergeten door rijke landen

Niet de noodsituatie geeft de doorslag en dat betekent dat miljoenen mensen in West-Afrika nu de prijs betalen”, zegt Natasha Kofoworola Quist, regionaal directeur van Oxfam voor West-Afrika.

“Niger, Mali, Burkina Faso en Mauritanië werden door de rest van de wereld simpelweg vergeten en door die verwaarlozing kon de huidige crisis ontstaan. Dat vele rijke overheden pas reageerden nadat op televisie beelden van uitgehongerde en stervende kinderen getoond werden, is ontstellend”, zegt Quist nog.

Volgens de Human Development Index (ontwikkelingsindex) van de Verenigde Naties behoren Niger, Mali en Burkina Faso tot de vijf armste landen ter wereld. In een normaal jaar zijn 40 percent van de kinderen in Niger ondervoed en één op de vier kinderen sterft er vóór zijn vijfde verjaardag.

De beslissing van de G8 om meer hulp te geven aan Afrika, voor een totaal jaarlijks bedrag van 50 miljard dollar tegen 2010, zal onder meer ten goede komen aan Niger. Maar dat is duidelijk veel te laat om aan de huidige crisis iets te verhelpen en het zal wellicht ook niet volstaan om aan de noden van Niger tegemoet te komen. Bovendien is deze extra hulp aan vele voorwaarden gekoppeld.

Strijd tegen de armoede

“De mensen in de Sahelregio leven op het scherp van de snee. De kleinste schok is voldoende om hen mee te sleuren in een spiraal die leidt tot een voedselcrisis. De rijke landen kunnen helpen om ze weg te halen van de afgrond maar daarvoor is meer nodig dan kunst- en vliegwerk. De donorlanden moeten meer geven aan Niger, aan Mali, aan Mauritanië en aan Burkina Faso, ook wanneer er geen tv-camera’s in de buurt zijn”, zegt Quist.

Volgens een analyse van de VN hebben arme landen jaarlijks 45 dollar per persoon nodig om ook maar een kans te hebben om de strijd tegen de armoede te winnen en de Millenniumdoelstellingen te verwezenlijken. De vier West-Afrikaanse landen die nu door een hongersnood getroffen zijn, ontvangen veel minder dan dat bedrag. Mali krijgt 19 dollar per persoon, Mauritanië 20 dollar en Burkina Faso 13 dollar.

Voor meer informatie en interviews:

In België:
- Erik Van Mele, adjunct-directeur Zuidwerking bij Oxfam-Solidariteit tel. 02-501 67 47 - e-mail: erik.vanmele@oxfamsol.be
- Anne Buxant, programma-beheerder bij Oxfam-Solidariteit (Frans) tel. 02-501 67 59 - e-mail: anne.buxant@oxfamsol.be

www.oxfamsol.be

In Niger:
- Louis Belanger, Oxfam International, (Engels en Frans)
tel. 00 227 403 177 -
e-mail: louis.belanger@oxfaminternational.org

Deel dit artikel