Uitspraak Sierra Leona-hof lost probleem van kindsoldaten niet op

Het Speciale Hof voor Sierra Leone in Den Haag bepaalt vandaag (donderdag) of de voormalige president van Liberia, Charles Taylor, schuldig is aan oorlogsmisdaden in Sierra Leone. De uitspraak zal echter weinig veranderen aan de problemen die het land heeft met voormalige kindsoldaten die slecht gere-integreerd zijn in de samenleving en nog steeds de stabiliteit in Sierra Leone bedreigen.

Taylor wordt beschuldigd van misdaden tegen de menselijkheid, massamoorden, seksueel geweld en de inzet van kindsoldaten door zijn steun aan het Revolutionair Verenigd Front, in ruil voor 'bloeddiamanten'. Hij zou het brein zijn achter het idee om gedrogeerde kinderen in te zetten in de strijd.

Ishmael Beah is een van die voormalige kindsoldaten. Hij werd op zijn dertiende jaar gedwongen mee te vechten in de burgeroorlog in Sierra Leone (1991-2002), toen hij gerekruteerd werd voor het regeringsleger. Hoewel hij in staat bleek weer een ander leven op te bouwen en zich bij het VN-kinderfonds Unicef inzet voor kinderen met oorlogstrauma's, maakt hij zich zorgen over de voormalige kindsoldaten in Sierra Leone die nu werkloos zijn.

"Als Taylor schuldig wordt bevonden, zal dat een grote overwinning zijn. Niet alleen voor Sierra Leone, maar voor heel West-Afrika", zegt Beah. "Als hij wordt vrijgesproken, zal dat een klap in het gezicht zijn van iedereen in Sierra Leone en de rest van West-Afrika."

Jeugdwerkloosheid

Beah zegt dat met de aanstaande verkiezingen in november jongeren werk moeten hebben om te voorkomen dat ze door politieke partijen gebruikt worden om het verkiezingsproces te verstoren. "Als er een grote groep ontevreden, werkloze jongeren is, kan er van alles gebeuren", zegt hij.

In september 2011 brak politiek geweld uit in de zuidelijke stad Bo. Daarbij vielen 23 gewonden en een dode. Na onderzoek bleek dat politieke partijen voormalige strijders hadden ingehuurd als onofficiƫle bodyguards. In januari brak bij een tussentijdse verkiezing opnieuw geweld uit.

Werkloze jongeren zijn gemakkelijk te rekruteren, zegt Beah. "Ze hebben vandaag niets te eten, dus ze denken niet vooruit. Ze kijken alleen naar wat ze vandaag kunnen verdienen. Ik heb zelf in zo'n situatie gezeten. Je kunt van dat soort jongens niet verwachten dat ze over de toekomst gaan nadenken, als ze geen toekomst hebben."

Re-integratie

De Verenigde Naties schatten dat er ongeveer tienduizend kindsoldaten zijn ingezet in de burgeroorlog in Sierra Leone. Na de oorlog werd een ontwapenings- en re-integratieprogramma opgezet. Voormalige rebellen leverden hun wapens in en kregen een opleiding tot bijvoorbeeld timmerman, chauffeur of monteur. Volgens de VN zijn er in totaal ongeveer 71.000 voormalige strijders ontwapend en gedemobiliseerd.

Veel voormalige soldaten zeggen echter dat het programma niet gewerkt heeft. Tamba Fasuluku, vroeger commandant van een rebellenfactie, zegt dat hij geluk heeft gehad. Hij werkt nu als pastor. Maar veel jongens die hij kent uit zijn rebellentijd, hangen op straat. "Het doet me pijn dat te zien", zegt Fasuluku. "Ze zijn een gemakkelijk doelwit voor hebzuchtige politici die hen gebruiken om onrust te stoken in de samenleving."

Hij erkent dat het meeste politieke geweld in Sierra Leone wordt veroorzaakt door voormalige strijders. Dat komt volgens Fasuluku omdat ze op een gevoelige leeftijd zijn blootgesteld aan wapens en geweld. Ook worden ze in hun oude gemeenschap vaak niet meer geaccepteerd.

Bobson Yappo, een voormalige kindsoldaat die nu in Freetown leeft, zegt dat hij niets gehad heeft aan het re-integratieprogramma. "Ik heb mijn wapens ingeleverd, maar ik heb er nooit iets voor teruggekregen. Naar huis kan ik niet."



BRON:
IPS

Deel dit artikel