VN-Millenniumtop: 'We kunnen ermee verder'


UN opening 68 general assembly 226 september 2013 -  Woensdag vond in New York op de algemene vergadering van de Verenigde Naties (VN) een ontmoeting op hoog politiek niveau plaats over de millenniumontwikkelingsdoelen en wat erop moet volgen: de post-2015 ontwikkelingsagenda. Uiteindelijk kwam er een eindtekst naar voor die vorige week al op tafel lag maar die volgens Belgische diplomaten pas na behoorlijk moeizame onderhandelingen tot stand was gekomen.

MO*  vroeg Rudy De Meyer die de top namens 11.11.11 volgde, wat hij van het resultaat vindt. Heeft zo'n meeting op hoog niveau zin als er een tekst uitkomt die vorige week al af was?




Voor dit soort processen heb je af en toe sterke politieke impulsen nodig, met liefst enkele belangrijke staatshoofden. Ban Ki Moon was op de ontmoeting , John Kerry voor de VS, Wang Yi de minister van buitenlandse zaken van China, de presidenten Paul Kagame van Rwanda, Yoweri Museveni van Oeganda en Jacob Zuma van Zuid Afrika. Ook Kim, de baas van de Wereldbank nam het woord. Een paar rijen voor de NGO-stoelen zaten ook Bill en Melinda Gates. En het lijstje is veel langer.



Maar wat is de impuls van al die mensen als de tekst al vooraf vast ligt?
De VN zit daar met een dilemma. Ze organiseert rond centrale thema's topvergaderingen. Alleen wagen staatshoofden en regeringsleiders zich liever niet in een wespennest en ze willen al helemaal niet geassocieerd worden met een conferentie of een top die mislukt. Het wordt dan ook meer en meer de gewoonte om de diplomaten in New York alles te laten afboksen en gladstrijken en ervoor te zorgen dat er een volledig akkoord is voor de top begint. Dat was vroeger wel eens anders. De politieke zwaargewichten werden toen vaak aangevoerd precies om de overblijvende knopen door te hakken. Dat was hachelijker maar wel spannender.



Die eindtekst is kort, maar is hij ook goed?

Drie pagina's en twee lijnen. Ook dat was ooit wel eens anders. Het gaat deze keer ook niet om de eindtekst van een heel proces, maar om de conclusie bij een tussentijdse evaluatie. Of hij ook goed is? Er wordt verwezen naar de mobiliserende kracht van de Millenniumontwikkelingsdoelen (MOD's) en naar de successen die er zijn geboekt, maar men erkent de grote gaten in de verwezenlijkingen. De nood aan meer aandacht en steun voor de zwakste landen en bevolkingsgroepen wordt niet weggemoffeld. Dat is positief.



Wordt het niet concreter?

Men wil vooral werk maken van de doelen waar men het verst weg blijft van de streefcijfers, en die waar de vooruitgang stilvalt. Enkel van die werkterreinen worden aangehaald: honger, universele toegang tot reproductieve gezondheid, ecologische duurzaamheid en de toegang tot proper water en sanitair . 

Spijtig vind ik dat waardig werk weer verdwenen is? Arbeid was 'vergeten' in de oorspronkelijke MOD's, maar kreeg na 2005 , onder grote druk van de Internationale ArbeidsOrganisatie , de vakbonden en de NGO's een mooie plaats in MOD 1, naast de strijd tegen armoede en tegen honger. Het doel was ook ambitieus geformuleerd als 'volledige tewerkstelling' , maar hier werd het opnieuw vergeten, terwijl werkloosheid nu toch meer dan ooit een probleem is.



Wat wordt er gezegd over het fameuze partnerschap voor ontwikkeling?

De G77, zeg maar de ontwikkelingslanden, zijn niet tuk op een nieuw globaal partnerschap, en zeker niet als gesuggereerd wordt dat de sterksten onder hen ook aan de donorkant thuis horen. Op zich zit de tekst over dat luik evenwichtig in elkaar. Er is nadruk op nationale verantwoordelijkheid, maar gekoppeld aan de nood aan internationale steun en een internationaal kader dat inspanningen ondersteunt.

Dat wordt nog aangevuld door een zin over het belang van mensenrechten, goed bestuur , de rechtstaat, transparantie en accountability op alle niveaus. En er wordt opgeroepen om alle engagementen uit het doel 8 (hulp, schulden enz.) dringend na te komen, met nog eens extra vermelding van de 0,7% . En men vraagt aan de privé sector om verantwoord te ondernemen. Alles samen niet zo slecht, behalve misschien de erg vrijblijvende formulering van de vraag aan de privé.




Wordt er al een tip van de sluier gelicht van de toekomst na 2015?

In dat luik wordt er weinig gezegd over inhoudelijke thema's. Behalve dat uitroeiing van armoede centraal blijft, maar niet los te koppelen is van duurzame ontwikkeling in zijn drie dimensies (sociaal , ecologisch, economisch). Dat is erg belangrijk , omdat er op basis van die vaststelling blijkbaar een akkoord is om toe te werken naar één set van doelen, die universeel zijn en voor iedereen gelden. Dat lag enkele maanden geleden helemaal niet voor de hand.

Er staat ook een crucaal zinnetje in over de 'common but differential responsibilities' (CBDR). Deze gemeenschappelijke maar verschillende verantwoordelijkheid komt rechtstreeks uit het klimaatverdrag en erkent dat iedereen er voor verantwoordelijk is maar de rijke landen in grotere mate. De G77 en vooral de Midden inkomenslanden houden hiermee slag om de arm in de discussie over het nieuw partnerschap en hun bijdrage tot de financiering van de nieuwe agenda. Precies daarom houden de VS en de Europese Unie helemaal niet van de CBDR. Er was bij de onderhandelingen naar het schijnt een ruil met CBRD en de zin over de rechten en goed bestuur. Die laatste twee liggen niet zo goed bij de G77.

Voor de rest is het stuk over de 'post 2015 ontwikkelingsagenda' eerder organisatorisch van aard. De stappen worden vastgelegd in de VN-agenda. Het komend jaar wordt de post 2015 agenda nog voorbereid in de Algemene vergadering. De parallelle processen die opgestart werden na Rio plus 20 krijgen de opdracht om hun werk af te maken tegen september 2014.Dat is het moment waarop de intergouvernementele onderhandelingen over de nieuwe ontwikkelingsagenda officieel zullen worden gestart: bij het begin van de 69ste algemene vergadering. Men wil daarbij ook de actieve input van alle stakeholders. De civiele maatschappij wordt uitdrukkelijk vermeld.

De secretaris generaal van de VN moet al die elementen samenbrengen in een rapport voor eind 2014. Dat moet volgens de eindtekst allemaal uitmonden in een top op het niveau van staatshoofden en regeringsleiders in september 2015.



Wat moeten we nu van deze tekst denken?

De tekst blijft algemeen maar legt toch het verder verloop van de onderhandelingen in grote mate vast. Vooral het akkoord over het werken naar één doelenset is belangrijk en volgens ons ook correct . Al blijft de 'integratie' van de verschillende processen en dimensies een heikele opdracht voor het komende jaar, zowel inhoudelijk, als inzake het getouwtrek tussen de verschillende instellingen.

De opdracht om in de komende twee jaar nog alles te doen aan de bestaande MDG's is duidelijk geformuleerd. Toch is niet duidelijk vanwaar de sterke politieke druk zal komen om dat ook waar te maken. Denk maar aan het snoeiwerk van de Belgische regering in haar ontwikkelingsbijdrage. Erg wrang als ze hier op hetzelfde moment in New York de grote woorden niet schuwt.

De Europese onderhandelaars zeggen dat het eigenlijk nog te vroeg was om specifieke thema's in de tekst op te nemen. Toch worden sommige zaken wel , en terecht aangehaald: gender, empowerment van vrouwen, en ook de mensenrechten en goed bestuur. Alarmerend is dan weer dat enkele principes die we in het verleden al onmisbaar vonden, maar die we zeker in het toekomstige kader willen, ontbreken of te zwak verschijnen. Het gaat dan om de strijd tegen ongelijkheid, de centrale rol van waardig werk en sociale bescherming, en de nood aan coherentie van het beleid. Ook de vraag naar de middelen voor het toekomstige kader wordt hier niet uitgeklaard. We willen niet dat die met deze tekst naar achtergrond worden geduwd.



Is 11.11.11 tevreden?

De delegatie europarlementairen was op onze vergadering dinsdagochtend uitgesproken positief. Wij zijn zeker voorzichtiger. We kunnen er mee verder. Maar het blijft opletten zowel wat het inwerken van de juiste principes betreft, als voor het institutionele steekspel dat nu al volop aan de gang is. 
De grote vraag blijft natuurlijk of we het kader en de engagementen op termijn dwingender kunnen maken én concreet bruikbaar voor de landen en mensen die het nodig hebben.

De druk vanuit de civiele maatschappij kan en moet daar een rol in spelen. We zullen daarvoor onze strategie in dit heel complex en politiek geladen proces nog stevig moeten aanpassen en aanscherpen.


BRON:MO* Magazine
[Foto:'Towards Achieving the Millennium Development Goals (MDGs)', 2de ronde tafeldiscussie - ©UN Photo].
 


 

Deel dit artikel