Belgische steun aan Libische kandidatuur voor de VN-Mensenrechtenraad is geen moedige beslissing.

Het voorbije weekend onthulde De Morgen dat waarnemend Minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere in 2010 de kandidatuur van Libië voor een zitje in de VN-Mensenrechtenraad steunde. De minister deed dit bovendien ondanks een negatief advies van zijn administratie.

Pax Christi Vlaanderen is onaangenaam verrast door deze onthulling. Beslissingen als deze ondermijnen de geloofwaardigheid van ons land als het om mensenrechten gaat.

In 2009 werd België verkozen om in de VN-Mensenrechtenraad te zetelen. Ons land motiveerde zijn engagement toen met de boodschap dat de mensenrechtenraad niet overgelaten mocht worden aan omstreden regimes. Reeds een aantal jaren kampt de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties immers met een gebrek aan geloofwaardigheid en daadkracht. De malaise is voor een groot deel terug te brengen op de groeiende invloed van de soevereinistische staten in de raad; regimes die het zelf niet nauw nemen met de mensenrechtensituatie in hun land en geen kritiek dulden op hun intern beleid, hebben op dit ogenblik een overwicht in de raad. De gevolgen van de huidige verhoudingen in de mensenrechtenraad uiten zich in inconsequente en selectieve veroordelingen van mensenrechtenschendingen. Dit zorgt voor een tanende legitimiteit van de mensenrechtenraad.

In het licht van de oorspronkelijke, eerbare, motivatie van ons land om een engagement op te nemen in de mensenrechtenraad is de steun aan Libië niet goed te keuren. Het Libische regime van Muammar Kadhafi staat immers haaks op wat begrepen dient te worden onder respect voor democratie en mensenrechten. De Libische leider mag dan sinds enkele jaren uit zijn internationale isolement gehaald worden, dit heeft allerminst te maken met een toegenomen eerbied voor democratie en mensenrechten. Zowel Amnesty International als Human Rights Watch berichten recent nog over de precaire toestand inzake mensenrechten in het land.

De uitlatingen van Kadhafi over de situatie in Tunesië, waarbij hij de val van het autoritaire regime van president Ben Ali betreurde, laten niet meteen vermoeden dat ethische motieven een leidraad zijn in het externe beleid van de Libische leider. In 2002 werd Kadhafi trouwens beschuldigd van het leveren van wapens aan de MLC of Mouvement de libération du Congo, de rebellengroepering van Jean-Pierre Bemba. Deze wapens zouden door de MLC onder meer gebruikt zijn toen ze in 2002 meestreden met toenmalig president Patassé in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Vandaag staat Jean-Pierre Bemba terecht voor het Internationaal Strafhof in Den Haag, op beschuldiging van oorlogsmisdaden die hij beging in de Centraal-Afrikaanse Republiek.

Pax Christi Vlaanderen is van oordeel dat een Belgisch internationaal beleid dat ethische standaarden hoog in het vaandel wil dragen, niet te rijmen valt met een stem voor Libië in de VN-Mensenrechtenraad. Wij vragen daarom dat Minister Vanackere een verklaring geeft over zijn steun aan het Libische regime en dat deze kwestie grondig besproken wordt in de commissie buitenlandse zaken van het federale parlement.


Pax Christi DOOR:

Deel dit artikel

       

Niet te missen