CETA: géén letter veranderd, maar dat komt misschien nog wel

ceta stopceta betoging

Geert Bourgeois heeft gelijk: de crisis van de afgelopen weken heeft geen letter veranderd aan CETA en die vermaledijde investeerder-staat geschillenregeling. Toch zijn er een aantal bakens verzet. Niet alleen door het verzet in België maar ook door het grondwettelijke hof in Duitsland.

Het is nu duidelijk dat héél CETA van de baan is als er ook maar één lidstaat of (Belgische) deelstaat tegen CETA stemt. Dit zou een hefboom kunnen zijn om de Commissie en Canada nog tot toegevingen te dwingen bij de uitvoering van het akkoord.

Het verzet van de vier Belgische deelstaatregeringen heeft wel degelijk wat opgeleverd.

Bovendien stuurt België de investeerder-staat geschillenregeling naar het Europese Hof van Justitie.  Het verzet van de vier Belgische deelstaatregeringen heeft dus toch wat opgeleverd.

Géén letter veranderd

De Europese Commissie en Canada hielden het been stijf: de CETA-onderhandelingen zouden niet heropend worden. Daarmee legden ze de bal in het kamp van diegenen die de investeerder-staat geschillenregeling uit het Ceta-akkoord wilden of andere wijzigingen wilden aankaarten. Zij moesten maar weigeren te tekenen. Tegelijk werd de prijs daarvoor opgedreven door schande te spreken over de “onredelijkheid” van hun gedrag. Het leek er dus aanvankelijk op dat het bij de bijkomende en “interpretatieve” verklaringen zou blijven.

De Belgische verklaring is een tijdbom

Ten eerste, omdat nu duidelijk is dat een verwerping van CETA door één van de Belgische deelstaatparlementen tegelijk een verwerping door België betekent.

Ten tweede omdat de Duitstalige en Franstalige regeringen het voornemen bevestigen om CETA met de investeerder-staat geschillenregeling (versie ICS) – behoudens een andere beslissing van hun parlementen- niet te ratificeren.

Ten derde omdat België aan het Europese Hof van Justitie (EHJ) gaat vragen of de investeerder-staat geschillenregeling in CETA (versie ICS) wel verenigbaar is met de Europese Verdragen. Er is al een klacht in die zin neergelegd bij het EHJ door Duitse ngo’s.

Bovendien heeft de Europese Commissie zelf, het EHJ gevraag om zich te buigen over de vraag of de investeerder-staat geschillenregeling (in een oudere versie dan ICS) in het EU-Singapore-akkoord een exclusieve Europese dan wel een gemengde bevoegdheid is.

Deze cases schorten de ondertekening en zelfs de ratificatie van CETA niet op, maar alvast de Duitstalige en Franstalige regeringen in België, zullen wachten op de afloop ervan. Verwacht wordt dat ook andere Europese lidstaten dit zullen doen.

Actieve opvolging

In de Belgische verklaring engageren de deelstaatregeringen zich om de uitvoering van CETA nauwgezet op te volgen. Dat geldt in bijzonder voor de sociaaleconomische gevolgen, de gevolgen voor de landbouw en voor het EU-Canadees regelgevend overleg. Ze zullen elke uitkomst van het regelgevend overleg in het kader van CETA meedelen aan hun parlementen en ter stemming voorleggen. 

Duits grondwettelijk Hof

Voor een deel volgt de Belgische verklaring het advies dat het Duits grondwettelijk hof over CETA gaf: goed toekijken op de uitvoering van CETA door de EU en Canada en vooral op wat er gebeurt binnen het Gezamenlijk Comité dat de uitvoering aanstuurt,  en bevestigen dat een niet-ratificatie door de eigen parlementen ook betekent dat CETA komt te vervallen.

Een niet-ratificatie door de eigen parlementen betekent ook dat CETA komt te vervallen.

Hoewel dat laatste eigenlijk evident zou moeten zijn bestond er toch enige twijfel over of de Europese Commissie en de Belgische Federale regering wel de nodige stappen zouden ondernemen om de verwerping van CETA door een deel- of lidstaat over te maken aan de Europese Raad, die bevoegd is ze officieel mee te delen aan Canada. Dit is nu opgeklaard in de Belgische en Europese verklaring.

De discussie gaat verder

Ondertussen gaat de discussie verder over de (juridische) waarde van de “interpretatieve” verklaring die de Europese lidstaten en de Europese Commissie hebben opgesteld om tegemoet te komen aan de kritieken op CETA.

11.11.11 blijft dan ook bij het standpunt dat CETA best niet wordt goedgekeurd en terug naar de onderhandelingstafel wordt gestuurd.

De verklaring is vooral beschrijvend en ook de vorm is niet van dien aard dat ze iets aan CETA verandert. 11.11.11 blijft dan ook bij het standpunt dat CETA best niet wordt goedgekeurd en terug naar de onderhandelingstafel wordt gestuurd.

Marc Maes
Beleidsmedewerker handel/Secretariaat Adviesraad voor Beleidscoherentie ten gunste van ontwikkeling (ABCO)

11.11.11 DOOR:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels