• Jij bent #1van11 ❤
    Jij bent #1van11 ❤

    Eén van de kenmerken van de 11.11.11-campagne blijft de grote diversiteit van de acties. Ook dit jaar was er opnieuw veel creativiteit bij de organisatie van evenementen.

Niet te missen

  • 06 november
    Expo Lectrr
  • 23 november
    Kajaktrail 11.11.11

Geen B-fast maar B-local: Waarom niet investeren in lokale capaciteit?

Geen B-fast maar B-local: Waarom niet investeren in lokale capaciteit?

Een week na de aardbeving in Nepal ontspint zich een discussie over de aard van de B-fast operatie. Hadden we niet beter een veldhospitaal gestuurd dan een urban search and rescue team? Hebben we te lang getreuzeld? Misschien zouden we ons beter afvragen of we zo'n snel interventieteam wel nodig hebben. Zouden we niet beter gewoon investeren in lokale capaciteit? Noodhulp en ontwikkelingssamenwerking kunnen best hand in hand gaan.

- Opinie van G3W-directeur Wim De Ceukelaire


 

Politieke agenda

Het scenario is bekend. Telkens zich ergens – meestal in een arm land – een ramp voordoet, worden vanuit andere landen – meestal ver daar vandaan – teams uitgestuurd om hulp te gaan bieden. Elk zichzelf respecterend rijk land houdt eraan om een hulpteam naar het rampgebied te sturen.

In bepaalde gevallen is het eigenbelang niet ver te zoeken. De Israëli's zijn er bijvoorbeeld telkens als de kippen bij om hulp te sturen na een ramp, waar ook ter wereld. Een speciale afdeling van het leger, het Home Front Command, heeft daarvoor verschillende units 24 uur op 24 uur standby staan. Naar Nepal stuurden ze niet minder dan 250 manschappen. Media coverage verzekerd. Dat komt de Israëlische strijdkrachten, wier reputatie niet onbesproken is, natuurlijk niet slecht uit.

Ook de Verenigde Staten staan graag in de frontlijn als er noodhulp moet geboden worden. In 2013, na supertyfoon Haiyan in de Filipijnen, stuurden ze zelfs een heel vliegdekschip. Om te weten waarom het Amerikaanse leger zo enthousiast hulp bood, moest men de Amerikaanse pers lezen. Jonah Blank, een politieke analist van de RAND Corporation, schreef in de krant USA Today een opinie onder de titel "How Philippine Typhoon Aid Helps USA" om de operaties in de Filipijnen voor de Amerikaanse publieke opinie te verantwoorden. Hij legde uit hoe voor de VS noodhulp zich bevindt op het snijpunt van diplomatie, liefdadigheid en militaire actie. Het inzetten van de grote, militaire middelen voor noodhulp is volgens Blank "een opmerkelijk effectieve – en goedkope – investering in de toekomst". In het artikel herinnerde hij eraan dat de operaties van het vliegdekschip USS Abraham Lincoln na de tsunami van 2004 ongeveer evenveel hadden gekost als drie dagen oorlog in Afghanistan "maar de goodwill die deze operatie in Azië heeft teweeggebracht is echter van onschatbare waarde."


Kosten-baten

De ambities van België zijn natuurlijk veel bescheidener en aan de goede bedoelingen van de vrijwilligers van B-fast valt niet te twijfelen. Het gaat trouwens niet om een louter militaire missie. Toch is een humanitaire zending ook voor de Minister van Buitenlandse Zaken van een klein land als het onze een gelegenheid om zijn of haar daadkracht te tonen. En dat mag al eens wat kosten. Voor de interventie van B-fast na Haiyan in de Filipijnen werd door de ministerraad van 22 november 2013 naar verluidt 428.000 euro uitgetrokken. Daarmee werd aan 1300 onfortuinlijke Filipino's medische zorgen toegediend en werd een waterzuiveringssysteem geïnstalleerd. In verhouding met voornoemd bedrag klinkt dat toch niet indrukwekkend.

De informatie die B-fast op haar eigen website geeft, laat niet toe om een grondige kosten-batenanalyse te maken. Wat we wel weten is dat met 428.000 euro men in de nadagen van de tyfoon tientallen Filipijnse artsen uit Manilla naar het rampgebied had kunnen brengen om er een veelvoud aan landgenoten te behandelen.


Lokale competenties

Wat ook de gebreken en verdiensten zijn van zo'n internationaal interventieteam zijn, vaak wordt vergeten dat er in de getroffen landen en regio's heel wat competenties aanwezig zijn. Sterker nog, bij elke ramp zijn het de lokale structuren die het belangrijkste zijn in de hulpverlening. Zij zijn het snelste ter plaatse (of zijn zelfs gewoon ter plaatse) op een moment dat elk uur telt. Zij kennen de lokale talen en gebruiken en kennen de weg. Zij weten welke bevolkingsgroepen het meest kwetsbaar zijn en het dringendst hulp nodig hebben.

Zowel in de Filipijnen als in Nepal hebben we daarvan inspirerende voorbeelden gezien. Terwijl onze nationale pers zich de afgelopen dagen verdiepte in de problemen van het B-fast team, volgde ik via de sociale media de hulpmissies die studenten en jongeren uit Kathmandu zelf opzetten naar steden en dorpen in het binnenland van Nepal. Nu, een week na de ramp, hebben ook de internationale media dit bewonderenswaardig fenomeen opgepikt.

Maar er is toch ook nood aan gespecialiseerde hulp, zal men opwerpen. Inderdaad, maar moet die per sé uit Brussel of Tel Aviv komen? Er zijn lokale ngo's en overheidsinstellingen. Er zijn lokale antennes van internationale organisaties. Moeten we daar niet in de eerste plaats in investeren? Kunnen we desnoods geen beroep doen op teams uit omliggende landen? Ik kan me voorstellen dat er in landen als India, China of Pakistan wel wat gespecialiseerde capaciteit te vinden is.


Niet alleen slachtoffers

Investeren in lokale, of dus desnoods regionale, hulpverlening heeft nog een ander voordeel. De investering blijft renderen op langere termijn. De Nepalese studenten die vandaag het binnenland intrekken om hun landgenoten te helpen doen waardevolle ervaring op. Zij zullen hun land ook mee heropbouwen en klaar maken om weerstand te bieden aan de volgende ramp. Daarbij is het geen detail dat ze ook zelfvertrouwen opdoen en beseffen dat de toekomst van hun land in hun handen ligt. Noodhulp en ontwikkelingssamenwerking vloeien zo naadloos in elkaar over.

Het komt er dus vooral op aan dat we stoppen om in geval van rampen de bevolking van de getroffen regio's enkel als slachtoffers te zien. Nog voor er bij ons over een eventuele B-fast missie wordt nagedacht, zijn al ontelbare helden in de weer die search and rescue missies opzetten in hun buurt en evenzovele hulpverleners die dankzij lokale structuren de eerste hulpacties organiseren. Laat ons vooral proberen om hen te versterken. Misschien moet dat wel onze nieuwe specialiteit worden in de rampenbestrijding: Van B-fast naar B-local.

 


 

Steun deze lokale activisten met een gift op het noodfonds van G3W. Je steunt het noodfonds door een gift te doen aan G3W (rekeningnr. BE15 0010 4517 8030 - BIC: GEBABEBB) met de vermelding " gift noodfonds". U kan ook online een gift doen via deze link.g3W

 

 

 

Viva Salud DOOR:

Deel dit artikel