Minister De Gucht, bijt door!

BROEDERLIJK DELEN, PAX CHRISTI VLAANDEREN en 11.11.11 betreuren dat er voorlopig geen Europese troepenmacht voor Congo komt. Ze vragen minister De Gucht en premier Leterme vooralsnog niet op te geven en bij hun Europese collega’s te pleiten voor een grotere inspanning.


‘De ngo’s reageren ontgoocheld op de beslissing om geen Europese troepen te sturen’ schreef De Standaard gisteren. Natuurlijk zijn wij ontgoocheld, moet dat dan verbazen? Moeten we nog maar eens herhalen wat er zich op dit moment in Oost-Congo afspeelt? Is niet iedereen het moe om voor de zoveelste keer te horen dat er in Congo kinderen ontvoerd, vrouwen verkracht, dorpen geplunderd en mensen vermoord worden? Wel nu, wij blijven hetzelfde verhaal brengen omdat er sinds het uitbreken van de recente golf van geweld eind augustus, op het terrein nog bitter weinig veranderd is, ondanks alle ronkende verklaringen van Europese en andere beleidsmakers.
 
Twee weken geleden getuigde Malu-Malu, de coördinator van het Amani-programma voor Oost-Congo, in België dat hij vreest voor een escalatie van het etnisch geweld in Oost-Congo. De bevolking voelt zich compleet in de steek gelaten door haar eigen regering én door de internationale gemeenschap. Omdat de staat het geweldsmonopolie niet langer heeft en ook de MONUC haar ‘responsibility to protect’ niet waarmaakt, sluiten meer en meer gewone burgers zich aan bij gewapende groepen gevormd op basis van etnische achtergrond. De etnische haat verspreidt zich en dit vormt een heel gevaarlijk kruidvat, dat hebben we in 1994 in buurland Rwanda al gezien. Gaat de internationale gemeenschap ook deze keer toekijken en daarna een mea culpa slaan?
Al sinds september roepen de Congolese bevolking en de internationale ngo’s om een snelle en daadkrachtige aanpak vanwege de Europese Unie. Ook de Verenigde Naties hebben gevraagd dat de EU zou bijspringen met een zogenaamde ‘bridging force’. Die moet de tijd overbruggen tot de beloofde 3000 extra manschappen voor de MONUC ter plaatse zouden zijn (wat 3 tot 6 maanden kan duren). Javier Solana’s argument dat er geen officieel verzoek van de VN is gekomen voor een EU-tussenkomst klinkt dan ook ongeloofwaardig. Vervolgens beweren dat er op het terrein geen nood is aan een interventie zet nog meer kwaad bloed.
 
Het houdt geen steek om de ngo’s die vragen om een EU-interventie als inconsequent te bestempelen. Al jarenlang zeggen ontwikkelingsngo’s, hulporganisaties en vredesbewegingen dat dit conflict nooit opgelost zal geraken zolang de structurele oorzaken niet worden aangepakt. De voornaamste elementen zijn bekend: een einde aan de illegale handel in wapens en grondstoffen, een oplossing voor het probleem van het FDLR, de éénmaking en opleiding van het nationale leger, een einde aan de straffeloosheid, respect voor de territoriale integriteit van Congo, aanpakken van het identiteitsvraagstuk. Bovendien vragen we al lang dat de internationale gemeenschap zich hiervoor engageert op lange termijn en toeziet op de implementatie van de bestaande vredesakkoorden.
 
Maar we zijn niet naïef: de verschillende strijdende partijen lijken op dit moment weinig geneigd om aan een politieke oplossing te werken, ze halen immers veel voordeel uit dit conflict. Een MONUC-medewerker vatte het deze week goed samen: “We are a peace-keeping force. But in Congo the different actors just want to fight. There is no peace to keep.” Dus voor alle duidelijkheid: wij geloven niet dat een militaire oplossing mogelijk is. Wij denken wel dat een militaire interventie een middel is om de veiligheid van burgers te garanderen. Zo kan de ruimte gecreëerd worden voor een politieke oplossing. En beweren dat mensen die vragen om een militaire interventie niets van de realiteit van het terrein kennen raakt kant noch wal. Op 18 november ll. vroeg een coalitie van 44 lokale ngo’s en verenigingen uit Noord-Kivu bijvoorbeeld nog om een ondersteunende militaire interventie vanuit de EU.
 
We blijven als ngo’s overtuigd van het nut van een EU-interventie. We waarderen de inspanningen van de Belgische minister van Buitenlandse Zaken, Karel De Gucht,en zijn team van diplomaten en adviseurs, om de Europese collega’s hiervan te overtuigen. Geen gemakkelijke klus! Maar we willen onze Minister vragen om vooralsnog niet op te geven, de situatie op het terrein laat dit allerminst toe. Het lijkt op dit moment inderdaad moeilijk, maar wij hopen dat er nog wel degelijk opening blijft bij enkele belangrijke Europese landen: Frankrijk blijft van mening veranderen, en ook bij het Verenigd Koninkrijk en Spanje, en in mindere mate Zweden en Nederland kunnen nog medestanders gevonden worden. Minister De Gucht, geef dus niet op, onderneem een nieuwe diplomatieke ronde, samen met Premier Leterme en schud uw Europese collega’s wakker!
 
Hilde Deman, medewerker Grote Meren Broederlijk Delen en Pax Christi Vlaanderen
Tomas Van Acker, medewerker Centraal-Afrika 11.11.11 – Koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging
 
 

Deel dit artikel

       

Niet te missen