Oxfam: Regeringen blijven in gebreke tijdens rampenjaar

De aardbeving in Zuid-Azië is voorlopig de laatste ramp in een jaar dat gekenmerkt werd door enkele van de zwaarste natuurrampen die we ooit gekend hebben. Maar de reactie van de regeringen bleef ondermaats en daardoor zijn talloze mensen omgekomen, zegt de internationale hulporganisatie Oxfam.

Uit een nieuw rapport van Oxfam, 2005: een rampenjaar (2005: Year of Disasters - Engels /PDF/ 174,5 Kb) blijkt dat het aantal slachtoffers van deze natuurrampen de voorbije tien jaar enorm is toegenomen, met tientallen miljoenen getroffenen in het voorbije jaar alleen. De reactie van de regeringen op deze noodsituaties was dikwijls “niet consequent en laattijdig”. Soms was de internationale humanitaire hulpverlening volledig inefficiënt. Ze werd bovendien haast onmogelijk gemaakt doordat de oproepen voor financiële steun van de Verenigde Naties onvoldoende beantwoord werden”.

Blijkens dit rapport “beantwoordt de humanitaire hulpverlening nog steeds niet aan alle noden. Ze komt dikwijls veel te laat aan en factoren zoals de media-aandacht en politieke criteria zijn dikwijls doorslaggevender dan de humanitaire noden zelf”. Het rapport besluit dat door deze tekortkomingen “duizenden mensen onnodig moeten lijden of zelfs omkomen”.

Stefaan Declercq, Algemeen secretaris van Oxfam-Solidariteit, zegt dat dit rapport tot stand kwam na een onderzoek van de grootste crisissen van 2005. Het onderzoek wijst erop dat de internationale reactie op de VN-oproepen voor de crisissen in Niger, de Democratische Republiek Congo, Darfour (Soedan) en Zuidelijk Afrika in sterke mate ontoereikend was.

“2005 zal de geschiedenis ingaan als een rampenjaar en wij moeten er lessen uit trekken. De regeringen waren heel vrijgevig na de tsunami en het ziet er naar uit dat ze op de aardbeving in Azië ook zo zullen reageren. Maar andere, minder zichtbare crisissen hebben zij vrijwel totaal verwaarloosd, zoals deze in de DR Congo, in Malawi en in Niger,” zegt Declercq. Bij gebrek aan een snelle en passende financiering moeten tientallen miljoenen vrouwen, mannen en kinderen overal ter wereld nodeloos lijden; in een aantal gevallen moeten zij het zelfs met de dood bekopen.”

De conclusie van het Oxfam-rapport:
De enorm grote en levensbedreigende tekortkomingen van het huidige systeem voor humanitaire hulpverlening wijzen erop dat dit systeem dringend dient te worden hervormd. Bij wijze van eerste stap moeten de regeringen een bijkomende bijdrage van 1 miljard dollar voorzien voor het Centrale Doorlopende Noodhulpfonds van de VN (Central Emergency Revolving Fund – CERF), bovenop de bestaande fondsen voor humanitaire hulpverlening. Slechts op die manier kan onmiddellijk worden ingegrepen bij een crisis.
Met dit fonds voor snelle hulpverlening wordt het mogelijk een einde te stellen aan de vertragingen waardoor zovele levens verloren gingen. Tegelijk zijn er gegarandeerd fondsen beschikbaar voor alle crisissen, en niet alleen voor de crisissen die het nieuws halen.
De hervorming van het Centrale Doorlopende Noodhulpfonds van de VN is een essentiële eerste stap waarover regeringen het eens moeten worden tijdens de bijeenkomst van de Algemene Vergadering van de VN in november 2005 waar de balans zal opgemaakt worden van de humanitaire acties.

“Hongersnood en langdurig lijden kunnen vaak voorkomen worden. De voedselcrisis in Niger was al maanden op voorhand aangekondigd, indien de gepaste financiering tijdig beschikbaar geweest was, had men die crisis kunnen voorkomen. De creatie van een fonds van 1 miljard dollar voor snelle interventies zou duizenden levens kunnen redden en het lijden van miljoenen mensen kunnen beperken.”

Volgens VN-schattingen zouden momenteel zo’n 16 miljoen mensen direct bedreigd zijn door tien ‘vergeten crisissen’ in Afrika alleen. In 2004 constateerden de VN een jaarlijks tekort van meer dan 1,3 miljard dollar in zijn fondsen voor noodoproepen. Mensen waren bijgevolg overgeleverd aan armoede, hongersnood en overlijden van zodra hun eigen middelen uitgeput raakten en de nationale hulpmiddelen opdroogden.


“2005, een rampenjaar” stelde vast dat:

1 voor sommige crisissen er massaal geld te kort was.
-In de Democratische Republiek Congo (DRC) sloegen 2,3 miljoen mensen op de vlucht als gevolg van het conflict en sinds 1997 zijn meer dan 3,8 miljoen mensen omgekomen. Toch werd de oproep van de VN voor 194.109.117 dollar slechts voor iets meer dan de helft (53 percent) beantwoord tot op 12 oktober 2005. -Een gelijkaardige situatie zien we in Darfour (Soedan), waar 200.000 mensen gedood werden en 1,8 miljoen mensen op de vlucht sloegen voor het conflict. Van de gevraagde 1.866.325.654 dollar voor deze humanitaire crisis had de VN minder dan de helft (amper 46 percent) ontvangen op 12 oktober 2005.

2 we in 2005 enkele van de zwaarste natuurrampen gekend hebben. (I) De tsunami zorgde in Zuidoost-Azië voor het onthutsende dodencijfer van 224.495 personen. De orkaan Stan in Centraal-Amerika en de orkaan Katrina in de VS eisten veel minder slachtoffers, maar ten gevolge van de overstromingen en de aardverschuivingen werden respectievelijk 2 miljoen en 500.000 personen getroffen. (II)

3 het aantal rampen en het aantal slachtoffers van rampen is de voorbije decennia sterk toegenomen. (III)
- Het gemiddeld aantal rampen op jaarbasis in de periode 2000-2004 was 55 percent hoger dan in de periode 1995-1999. Met 719 geregistreerde rampen was 2004 het derde ergste jaar van de voorbije tien jaren (1994-2004). (IV) - In de periode 2000-2004 werd een derde meer mensen door een ramp getroffen dan in de periode 1995-1999. (V) - In dezelfde periode lag het aantal mensen dat getroffen werd door een ramp in ontwikkelingslanden twee keer zo hoog, de sterkste toename situeert zich in Afrika. (VI)

Vergeten crisissen zijn ook de crisissen waarvoor het minste financiële middelen beschikbaar zijn:
-omdat ze weinig media-aandacht krijgen; -omdat ze geen politieke prioriteit zijn, zoals de crisis in de DR Congo bijvoorbeeld; -of omdat ze al jarenlang aanslepen, zoals het 20-jaar durende conflict in het noorden van Oeganda.

Voor meer info:
- Stefaan Declercq, Algemeen secretaris van Oxfam-Solidariteit,
Tel. 02-501 67 08 -- gsm 0476-46 30 53 -- e-mail: stefaan.declercq@oxfamsol.be

- Channah Bentein, coördinatrice voor noodhulp bij Oxfam-Solidariteit
tel. 02-501 67 39 - e-mail: channah.bentein@oxfamsol.be


Lees het volledige rapport ‘2005, een rampenjaar’- Engels /PDF/ 174,5 Kb- op de site van Oxfam-Solidariteit

Voetnoten
(I) Gegevens over rampen en andere humanitaire crisissen en over de omvang ervan dienen met enige omzichtigheid gebruikt te worden, vermits er niet voor elke crisis (volledige) gegevens beschikbaar zijn. Vele cijfers uit dit rapport werden geput uit het World Disasters Report van de Internationale Federatie van het Rode Kruis en Rode Kruisverenigingen (IFRC) of van het in België gevestigde Centrum voor Epidemiologisch onderzoek van rampen (CRED), waarop het rapport van de IFRC steunt.
Het CRED spreekt van een ramp ‘wanneer een situatie of gebeuren de locale capaciteit te boven gaat, en dus een verzoek tot de nationale of internationale gemeenschap voor externe hulp nodig maakt; een onvoorziene en dikwijls plotselinge gebeurtenis die grote schade en vernietigingen veroorzaakt naast veel en menselijk lijden’.

(II) De tsunami eiste veel mensenlevens maar dit was niet het hoogste aantal slachtoffers ooit. De hongersnood in Ethiopië van 1984 doodde 900.000 mensen: een vloedgolf in Bangladesh in 1970 eiste 200 tot 500.000 mensenlevens; en hongersnood in de Democratische Volksrepubliek van Korea eiste in de periode 1995-1999 op z’n minst 270.000 doden.

(III) Het is van belang te signaleren dat het aantal dodelijke slachtoffers bij natuurrampen een dalende trend vertoont, als gevolg van verbeterde satellietvoorspellingen, verbeterde early warning-systemen, een betere voorbereiding van de bevolking op rampen in landen als India en Bangladesh, met uitzondering van 2004 toen de tsunami uitzonderlijk veel slachtoffers maakte.

(IV) World Distasters Report 2005, IFRC, tabel 1, pag. 194, tabellen

(V) World Disasters Report 2005, IFRC, tabel 3, pag. 196

(VI) World Disasters Report 2005, IFRC, tabel 3, pag. 196

Deel dit artikel