Toegang tot de gezondheidszorg in Burundi

Naar aanleiding van het geplande bezoek van de Minister van Ontwikkelingssamenwerking Dhr. Armand De Decker aan de DRCongo, richtten AZG-België en 11.11.11 zich tot hem in een gezamelijke brief over de toegang tot de gezondheidszorg.

AZG-België publiceerde in maart 2004 het rapport: Armste Burundezen verstoken van de gezondheidszorg.


Mijnheer de Minister,


België neemt een belangrijke plaats in in de ontwikkelingshulp van Centraal-Afrika. Het engagement ten aanzien van de landen van de Grote Meren wordt onophoudelijk vernieuwd, wat ondermeer blijkt uit de programmering van uw bezoek aan de Democratische Republiek Congo  en uw recente ontmoeting met de Senaatsvoorzitters van Burundi en Rwanda, de heren Biruta en Bararunyeretse.

Bij deze gelegenheid willen we u laten kennismaken met het verslag van AZG-België over de gezondheidszorg in Burundi: de conclusies van dit verslag zijn alarmerend.  Het terugbetalingssysteem voor de kosten inzake gezondheidszorg dat de Burundese regering uitwerkte (in ruime mate aangemoedigd door de internationale donorgemeenschap) heeft dramatische gevolgen voor de meerderheid van de plaatselijke bevolking.

Sinds februari 2002 moeten 5 (van de 6.9) miljoen inwoners van Burundi zelf elke vorm van gezondheidszorg financieren. 99% van de bevolking leeft echter onder de absolute armoededrempel van 1$ per dag en 85% van de bevolking moet met 1$ per week overleven. De gevolgen zijn rampzalig: 1 op 5 mensen wordt in Burundi volkomen van de gezondheidszorg uitgesloten en de rest van de bevolking haalt zich schulden op de hals om op die diensten een beroep te kunnen doen. Dit leidt op termijn tot systematische verarming van de bevolking. 

België kan voor deze situatie niet ongevoelig blijven. Als ondertekenaar van  het internationale Pact betreffende de sociale en culturele economische rechten, heeft België zich er formeel toe verbonden om "zowel door eigen inspanningen als door internationale samenwerking en bijstand, (...), met maximale inzet van de beschikbare middelen, de volle uitoefening van de erkende rechten in dit Pact geleidelijk te waarborgen". Het recht op gezondheid valt onder dit Pact en heeft  volgens het Comité van de economische, sociale en culturele rechten een toegankelijkheidscriterium, met inbegrip van de non-discriminatie en de financiële toegankelijkheid (abordabilité ).

De resultaten van het onderzoek tonen echter duidelijk het discriminerende karakter van het gezondheidszorgsysteem in Burundi dat de minst weerbare mensen uitsluit.

Voorts maakte België van de "Millenium ontwikkelingsdoelen van UNO" een prioritair thema van de Belgische samenwerking: vermindering met de helft van dat deel van de bevolking die in uiterste armoede leeft en  vermindering met twee derde van het sterftecijfer van de kinderen van minder dan 5 jaar vóór 2015. 

Deze zeer concrete doelstellingen zijn nochtans verre van bereikt; het onderzoek wijst uit dat het sterftecijfer in heel Burundi hoger is dan de alarmdrempel en dat het sterftecijfer bij malariapatiënten aanzienlijk hoger is bij de bevolking die in de zone van het terugbetalingssysteem leeft.  De financiële toegang tot de essentiële gezondheiszorg speelt een belangrijke rol in de bestrijding van het sterftecijfer en het ziektecijfer van de bevolking. 

Het terugbetalingssysteem dat ondermeer door de Wereldbank, het Internationale Monetaire Fonds en de donorlanden (waaronder België) wordt ondersteund, legt aan een uiterst arme bevolking de volledige last  van de gezondheidszorg op, terwijl onze eigen bevolking dit zelf niet kan betalen. 

Het moet zonder meer duidelijk zijn dat het beleid van de internationale donorgemeenschap moet veranderen, dit zowel op het niveau van de bilaterale hulp als op het niveau van de financiering van NGO's . 

Het terugbetalingssysteem laat de meest kwetsbaren het tekort aan middelen toegekend voor gezondheidszorg dragen. Koffi Anan herhaalde tijdens de AIDS-conferentie van Bangkok dat de budgettaire verplichtingen inzake gezondheidszorg duidelijk onder het behoeftepeil blijven.

In januari dit jaar verbond het Forum van de Partners zich in Brussel ertoe om de financiële steun aan Burundi te verhogen tot  810 miljoen Euro, waarvan 279 miljoen vrijgemaakt door de Europese Unie. Van deze aanvullende hulp (waaraan ook België deelnam) ging geen eurocent naar de gezondheidszorg.

Het optrekken van de middelen die vrijgemaakt worden voor de gezondheidszorg vormt een van de oplossingen van dit probleem.  Hieronder zitten zowel de  Belgische participatie in het Global Fund als die aan de Europese Unie. Maar het is tevens de plicht van de Belgische regering om het goede gebruik van deze middelen te garanderen. Dienovereenkomstig  kunnen wij slechts hopen dat de bijdrage van België tot de Wereldbank niet dient om projecten te financieren die zulke terugbetalingssystemen vereisen en vragen we met klem de waarborg  hiervoor van de Belgische vertegenwoordiger bij het Internationale Monetaire Fonds, Mr. Willy Kiekens. 

De situatie van Burundi is helaas slechts een voorbeeld onder de vele andere. Nochtans bestaan er alternatieven. Zuid-Afrika, Oeganda en Zambia garanderen de kosteloosheid van de gezondheidszorg en treden zo in het voetspoor van Kenya, Ghana en Tanzania. Deze keuze heeft geen schijn van kans zonder de duurzame steun van de internationale donorgemeenschap.

Wij hopen zo snel mogelijk met u een onderhoud te krijgen over dit ingewikkeld dossier. U kan hiervoor contact opnemen met  Alexandra Hostier (MSF) 02/475.36.21 en Johan Cottenie (11.11.11) 02/536.11.35.

Wij zijn er zeker van dat u tijdens uw mandaat de gelegenheid ten bate zal nemen om het Belgische standpunt over de hulp aan de meest kwetsbaren kracht bij te zetten.

Gorik Ooms,  Directeur-Generaal AZG-België, 94 rue Dupré , 1090 Brussel
Mieke Molemans, Voorzitter Koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging - 11.11.11 vzw, Vlasfabriekstraat 11, 1060 Brussel

Deel dit artikel