Tsunami Zuid-Azië: een stap vooruit zetten is mogelijk (Oxfam)


De internationale gemeenschap is solidair met de slachtoffers van de verwoestende tsunami die op 26 december Zuid-Azië overspoelde. Het dodental staat momenteel op 165.000 mensen, miljoenen anderen hebben hulp nodig om te overleven en hun bestaan weer op te bouwen.

Nota door Stefaan Declercq, Algemeen secretaris Oxfam-Solidariteit

Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen de hulp die beloofd is door de regeringen enerzijds en de fondsen die de wereldbevolking inzamelt en schenkt.

Enkele cijfers:

België
De bijdrage van de Belgische federale overheid: - 30 miljoen euro of 3,6 dollar / inwoner. Daarvan gaat de helft naar noodhulp en de andere helft is voorzien voor wederopbouw.
- Vanuit Wallonië komt er 1,170 miljoen euro, de Vlaamse Gemeenschap schenkt 0,5 miljoen euro. De Belgische bevolking zal naar schatting 40 tot 50 miljoen euro schenken.

Europese Unie (= Europese Commissie en de lidstaten)
- 1,513 miljard euro (ongeveer 2 miljard dollar). Op de Europese Ministerraad (7 januari) werd gesteld dat het om extra fondsen gaat, die dus bovenop de reeds gebudgetteerde ontwikkelingshulp en de noodhulpfondsen komen. Tijdens de rest van het jaar moet worden opgevolgd of dat wel degelijk zo is.

Giften uit andere landen
- De Duitse regering belooft het meest van alle Europese regeringen: 500 miljoen euro;
- de Nederlandse bevolking schonk 112 miljoen euro, de Nederlandse regering belooft 29 miljoen euro;
- de Noorse regering belooft 134 miljoen euro (40 dollar / inwoner);
- de Zweedse regering belooft 55 miljoen euro (9,1 dollar / inwoner);
- Australië is in relatieve termen de grootste donor en belooft 572 miljoen euro;
- de Verenigde Staten beloven 350 miljoen dollar (1,2 dollar / inwoner). De Verenigde Naties schatten de kosten voor de noodhulpfase tijdens de eerste zes maanden op 741 miljoen euro (977 miljoen dollar). Dit bedrag is voldoende om voedsel, voorlopig onderdak en drinkbaar water te voorzien voor 1,8 miljoen mensen.

In totaal hebben 5 miljoen mensen alles verloren: behuizing, productie- en bestaansmiddelen,... Er is nog geen inschatting gemaakt van de totale som die nodig is voor de wederopbouw van de getroffen landen.

Oxfam-Solidariteit maakt enkele overwegingen bij de beloofde hulp

1-De beloften van de overheden moeten ook uitgevoerd worden.
De ervaring met vorige rampen leert dat gemiddeld amper een derde van het beloofde geld effectief overgemaakt wordt. Bijvoorbeeld, voor hulp na de ramp met de orkaan Mitch (1998) werd 9 miljard dollar beloofd en slechts 3 miljard effectief gegeven. Oxfam eist dat op de donorvergadering in Geneve (11 januari) een datum wordt vastgelegd voor het overmaken van de fondsen.

2-De giften van de regeringen moeten vergeleken worden met hun andere uitgaven om een duidelijk beeld te krijgen van hun inspanningen als schenkers.
Het defensiebudget van België bedraagt ongeveer 2,5 miljard euro per jaar, dat van de Verenigde Staten ongeveer 450 miljard dollar per jaar. In totaal spendeerden de VS al meer dan 151 miljard dollar aan de oorlog in Irak, wat volgens econoom Douglas Henwood neerkomt op ongeveer 3.415 dollar per gezin.

3-Het draagvlak voor internationale solidariteit is heel groot, de laatste jaren lijkt het zelfs breder te worden.
De gulheid van de bevolking wereldwijd is enorm. In sommige landen zoals in België zullen de giften van de bevolking de inspanning van de regering evenaren of zelfs anderhalf keer zo groot zijn. Ook België moet naar het beloofde cijfer van 0,7% van het BNP voor ontwikkelingshulp gaan, hoewel de tendens veeleer de andere richting uitgaat.

4-De Belgische regering moet bij de andere Europese lidstaten aandringen om de totale VN-vraag voor humanitaire hulp voor 2005 in te vullen.
Naast de vraag voor 997 miljoen dollar voor de tsunami-ramp is er de vraag naar 1,7 miljard dollar voor het lenigen van de nood voor de 14 grootste humanitaire crisissen vandaag. Op 11 januari moet er in Geneve ook een belofte komen om aan die dubbele humanitaire vraag van de VN tegemoet te komen.

5-De hulp voor de getroffen landen mag niet gekoppeld worden aan de voorwaarde tot liberalisering.

Oxfam-Solidariteit stelt dat het elan van de internationale solidariteit moet gebruikt worden om werk te maken van structurele maatregelen die voor de wederopbouw essentieel zijn.

1- De regeringen moeten zich verbinden om de internationale hulp te verhogen.
Tot nu toe beloven zij ongeveer 4 miljar dollar hulp in totaal voor de tsunami-ramp (de laatste cijfers spreken zelfs van 6 miljard). De internationale solidariteit bewijst dat de regeringen op steun van de bevolking kunnen rekenen voor een substantiële verhoging van de uitgaven.

2-De coördinatie van de hulpoperatie door de Verenigde Naties is noodzakelijk en alle landen moeten die coördinerende rol van de VN erkennen.
De ‘reddingsinterventies’ door legereenheden zijn in een eerste fase misschien nodig en zijn te verdedigen voor zover ze onder het bevel van civiele authoriteiten vallen. Maar na de noodfase moeten ze stoppen.

3-Wederopbouw Plus:
herstellen we de armoede waarin de landen zich bevonden voor de tsunami toesloeg, of starten we een reëel programma waarbij de kwetsbaarheid van de lokale bevolking structureel wordt verminderd, dat is de vraag.
Wij vragen inspraak en participatie van de civiele samenleving in de heropbouwfase. We moeten de ambitie hebben een programma op te zetten van minstens 5 jaar, gebaseerd op schenkingen in plaats van leningen, en op basis van ongebonden hulp.

4-Schuldverlichting:
- Een minimale eerste stap is het moratorium op de afbetaling van de schulden. Dit moet op de vergadering van de Club van Parijs op 12 januari besproken en beslist worden.
- Dezelfde vergadering moet beslissen tot een tweede fase met afspraken voor schuldverlichting en schuldkwijtschelding tussen de betrokken organisaties zoals de Wereldbank, het Internationaal Monetair Fonds, de Aziatische Ontwikkelingsbank, de Club van Parijs en de G8. De door de tsunami getroffen landen betalen aanzienlijke bedragen af:
- De Indonesische regering betaalt jaarlijks alleen al bijna 4 miljard dollar aan intresten op haar schuldenlast, evenveel als de totale som van de beloofde hulp voor de hele regio!
- India, Sri Lanka, Indonesië en Thailand betaalden in 2002 samen 50 miljard dollar aan schuldaflossing. Dit is 12 maal het bedrag dat nu beloofd wordt, namelijk 4 miljard dollar.
De schuldverlichting kan enorme bedragen aan nationale middelen vrijmaken. Er dient wel zorgvuldig op toegezien dat deze middelen bijdragen aan de wederopbouw en de sociaal-economische ontwikkeling.

5- Handel:
er moeten maatregelen komen zodat de textielexport uit de Malediven en Sri Lanka beter toegang krijgt tot Europa en de VS nu het multivezelakkoord de vorige exportquota’s niet meer garandeert.

Oxfam-Solidariteit vraagt uitdrukkelijk dat de inspanningen voor de tsunami-slachtoffers niet ten koste gaan van andere crisissen in de wereld en evenmin ten koste gaan van de structurele ontwikkelingshulp die nodig is om de Millenniumdoelstellingen te verwezenlijken.
1-De inspanningen voor de crisis in Darfour, de Democratische Republiek Congo en andere minder mediagenieke crisissen (Palestina, Colombia,...) moeten eindelijk verhoogd worden. De VN-oproep voor de tsunami heeft nu al meer opgebracht dan de VN-oproep in 2004 voor de crisis in Darfour en de DRCongo samen. In Oost-Congo alleen sterven er sinds 1996 elke 6 maanden ongeveer evenveel mensen als in de tsunami-ramp. Onze solidariteit mag niet selectief zijn.

2-De regeringen moeten eindelijk hun beloften van de Millenniumdoelstellingen waarmaken met structurele maatregelen voor de toegang tot onderwijs, gezondheidszorg, voeding, onderdak, en het bannen van armoede.
In september 2005 komt er een eerste opvolgingsconferentie van de VN, vijf jaar na de Millenniumverklaring, en tien jaar vóór de deadline van 2015. Die conferentie in september wordt een belangrijke mijlpaal om de inspanningen te beoordelen. Om die doelstellingen te bereiken zijn structurele maatregelen nodig:
- de regeringen van de rijke landen moeten onmiddellijk hun hulp verhogen met 50 miljard dollar; tegen 2010 ten laatste moet de 0,7% van het BNP voor ontwikkelingssamenwerking gehaald worden;
- andere internationale handelsovereenkomsten en maatregelen zijn nodig voor de schuldverlichting of schuldkwijtschelding. Dit laatste moet gebeuren voor alle HIPC-landen, wat op de G8-bijeenkomst moet beslist worden.
Oxfam-Solidariteit stelt voor de 0,7% te gebruiken als voorwaarde om een plaats in de Veiligheidsraad te krijgen. In 2005 zal beslist worden wie in de VN-Veiligheidsraad mag zetelen en men zou de regel kunnen instellen dat een land dat geen werk maakt van de 0,7% ook niet mag zetelen.

3-Bedrijven die actief zijn in de landen die getroffen werden door de tsunami mogen hun filialen niet verplaatsen naar andere landen.

Alleen via implementatie van deze structurele maatregelen kan de kwetsbaarheid van arme landen duurzaam verminderd worden.

Deel dit artikel