11Dossier: Klimaatfinanciering. Oplossingen voor een rechtvaardig klimaatbeleid

Met de oprichting van een VN-Klimaatfonds op de klimaattop in Cancún (december 2010) werd een impasse in de klimaatonderhandelingen doorbroken en een begin gemaakt van een herstel van vertrouwen tussen de verschillende onderhandelingsgroepen.

Toch hebben we opnieuw moeten vaststellen dat de industrielanden zich nog steeds niet willen verbinden tot voldoende hoge reductiedoelstellingen, wat op de klimaatconferentie in Kopenhagen een jaar eerder ook al zorgde voor een enorme ontgoocheling.

De uitstoot blijft jaar na jaar stijgen: de consumptie in de industrielanden blijft groeien en in de opkomende landen neemt de productie voor export en interne consumptie toe. Intussen blijven de ontwikkelingslanden als zwakke broertjes in de marge steken en betalen de rekening omdat zij de gevolgen van de opwarming van de aarde nu al moeten verwerken.

Er is nu onmiddellijk geld nodig voor adaptatie in ontwikkelingslanden. Zonder de noodzakelijke mitigatie in Noord en Zuid blijven de financieringsnoden stijgen.

Nu onmiddellijk moet compensatie mogelijk zijn voor behoud van de koolstofputten. Nu onmiddellijk moet werk gemaakt worden van een koolstofarme ontwikkeling.

De klimaatconferentie in Cancún had één lichtpuntje: het Green of Global VN-Climate Fund waarlangs ontwikkelingslanden hopelijk voldoende financiering zullen vinden voor het uitvoeren van nationale adaptatie- en mitigatieplannen.

In deze bijdrage bekijken we aan welke criteria een rechtvaardige klimaatfinanciering moet voldoen en welke mechanismen en structuren noodzakelijk zijn om voldoende financiering te garanderen.

We evalueren de afgesproken faststartklimaatfinanciering en geven aan welke stappen nodig zijn om een voorspelbare langetermijnfinanciering mogelijk te maken.

Deel dit artikel