Buitenlandse druk stijgt in dossier politieke moorden op de Filippijnen

Eind maart wijdde het Permanente Volkerentribunaal in Den Haag een tweede sessie aan de serie politieke moorden in de Filippijnen. Een internationaal panel – samengesteld uit gerenommeerde mensenrechtenexperten – boog zich een week lang over de golf politieke moorden die het land teistert sinds het aantreden president Arroyo. De commissie achtte de Filippijnse overheid schuldig aan betrokkenheid bij de moorden. Ook de Verenigde Staten, een traditionele bondgenoot van Arroyo, stellen zich steeds kritischer op tegenover de flagrante mensenrechtenschendingen in de Filippijnen. Bij het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken gaan stemmen op om de financiële steun aan de Filippijnse overheid terug te schroeven. Sinds het aantreden van president Arroyo in 2001 werden volgens schattingen al meer dan achthonderd mensen omgebracht.


Het oordeel van het Volkerentribunaal in Den Haag heeft geen rechtsgeldigheid, en kan in de praktijk dus niet worden afgedwongen. Toch heeft het tribunaal een groot moreel gezag in de internationale gemeenschap. Op die manier krijgt de Filippijnse overheid het steeds moeilijker om de moorden door het overheidsleger in de doofpot te stoppen. Op 10 februari jongstleden arriveerde ook een speciale onderzoekscommissie van de Verenigde Naties op de Filippijnen. De commissie stond onder leiding van speciaal rapporteur Philip Alston. De commissie werd met open armen onthaald door de plaatselijke mensenrechtenorganisaties en de families van de honderden slachtoffers. De Filippijnse regering was minder tevreden met de komst van de VN-commissie.

Moorden gaan gewoon door

De verantwoordelijken achter de politieke moorden lijken niet meteen onder de indruk van de VN-commissie of de andere buitenlandse kritieken. Op 24 februari werd zelfs een getuige van de Alston-commissie op koelbloedige wijze vermoord. De vrouw verklaarde eerder dat ze vreesde voor haar leven.

Ondertussen worden vooral leden en activisten van de linkse oppositiepartij Bayan Muna geviseerd. Naast de gebruikelijke intimidaties van het leger, werden eerder dit jaar al een rechter en een professor omgebracht. Die laatste werd neergekogeld terwijl hij college gaf aan de universiteit.

Ook de voorzitter van Bayan Muna, Satur Ocampo, werd op 16 maart gearresteerd en opgesloten. Ocampo is parlementslid voor Bayan Muna, de grootste oppositiepartij in de Filippijnen. Hij wordt ervan beschuldigd betrokken te zijn bij een moordpartij uitgevoerd door een groep communistische rebellen tweeëntwintig jaar terug. Onmogelijk, volgens Ocampo, omdat hij op het tijdstip van de moorden gevangen zat onder het dictatoriale regime van Fernando Marcos. Bovendien bestaan er sterke twijfels of het verhaal rond de moorden überhaupt wel klopt. De overheid vaardigde desalniettemin een arrestatiebevel uit tegen Ocampo. De man werd uiteindelijk gearresteerd tijdens een optocht nabij het Hooggerechtshof. Even tevoren had Ocampo er een petitie overhandigd omtrent zijn onschuld in de zaak.

ngo Bevrijde Wereld is actief rond voedselzekerheid en versterking van basisorganisaties in de Filippijnen. Meer info op www.bevrijdewereld.be

Deel dit artikel