Droogte in Kenia: Dierenartsen Zonder Grenzen kiest voor duurzame noodhulp

Droogte in Kenia: Dierenartsen Zonder Grenzen kiest voor alternatieve noodhulp mét economisch voordeel voor lokale bevoking


De Keniaanse regio Turkana wordt momenteel ernstig getroffen door droogte. Internationale organisaties snellen de getroffen bevolking te hulp met grootschalige graanbedelingen. Ook Dierenartsen Zonder Grenzen biedt noodhulp, maar dan op zo’n manier dat de lokale bevolking er extra voordeel uit haalt. 100 % van het te verdelen voedsel is afkomstig van lokale veehouders, bijna 100 % van het noodhulpbudget komt bij de lokale bevolking terecht in plaats van bij buitenlandse graanproducenten.

Dierenartsen Zonder Grenzen (DZG) is een Belgische ngo die in de meest afgelegen Afrikaanse streken projecten ter verbetering van de veeteelt beheert. Door er diergeneeskundige netwerken uit te bouwen met de lokale bevolking, strijdt ze tegen honger en armoede. DZG is al sinds 1998 actief in het getroffen Turkana-gebied. Ze ondersteunt nomadische herders met opleidingen, waterpunten, handel en vredesakkoorden tussen rivaliserende stammen.

Langetermijnvisie versus kortetermijneffect
Het noodhulpproject van DZG is gelinkt aan het project ICRD (Improved Community Response to Drought). Dit leert herdersfamilies uit het grensgebied tussen Kenia, Somalië, Oeganda en Zuid-Soedan (waar 1 miljoen mensen wonen) hoe hun vee gezond te houden en hoe zich te wapenen tegen de steeds weerkerende droogtes. Het noodhulpproject kocht 8000 door droogte bedreigde geiten en schapen en 300 koeien op van herders uit 60 verschillende gemeenschappen uit het grensgebied. Deze dieren werden geslacht en verdeeld onder de gezinnen van die gemeenschappen, samen zo’n 300.000 mensen. In tegenstelling tot bij graanbedelingen wordt de kostprijs van dit noodhulpproject (135.000 € gefinancierd door ECHO, het noodhulpproject van de Europese Commissie) bijna integraal geïnjecteerd in de lokale economie. Helemaal anders dan bij bedelingen van graan dat grotendeels in het buitenland aangekocht wordt en waarvan het langetermijneffect erg beperkt is.

Meervoudig voordeel voor lokale bevolking

Economisch:
Verschillende lokale actoren verdienen geld over aan het noodhulpproject. In de eerste plaats de veehouders, die een deel van hun verzwakte veestapel voor een rechtvaardige prijs kunnen verkopen (daar waar de dieren anders misschien gewoon zouden sterven en niets zouden opleveren). Verder ook de mensen die de dieren in de gemeenschappen selecteren, de vrouwen die het vlees bewerken, de chauffeurs, dierenartsassistenten…

Ecologisch: Doordat de kudde strategisch uitgedund wordt, vermindert de druk van het aantal dieren op de natuurlijke bronnen, zoals water en gras (of wat ervan overblijft). De sterkste dieren blijven leven, en bieden meer garantie op een sterkere kudde in de toekomst.

Sociaal: Voor vele gezinnen vormen de proteïnen uit het vlees een noodzakelijke aanvulling op hun karige en eenzijdige dieet. Ouders blijven hun kinderen naar school sturen, omdat ook daar vlees verdeeld wordt via schoolprogramma’s.  De verdeling van het voedsel gaat gepaard met vredesonderhandelingen. Stammen die elkaar wegens twisten over water en graasweiden naar het leven staan, moeten nu leren samenwerken.

Voor meer info, conctacteer An Kokken, communicatieverantwoordelijke Dierenartsen Zonder Grenzen: a.kokken@vsf-belgium.org, 02/ 539 09 89
www.dierenartsenzondergrenzen.be

Deel dit artikel