Financiële hulp aan Haïti kan voedselcrisis niet bezweren

Haïti kan niet klagen over een gebrek aan internationale aandacht en lijkt voor volgend jaar zelfs op nog iets meer ontwikkelingshulp te kunnen rekenen. Toch blijft de voedselbevoorrading van de arme bevolking onzeker en kunnen er zo nieuwe voedselrellen uitbreken, waarschuwen experts.


Donorlanden hebben eerder dit jaar 324 miljoen dollar (228 miljoen euro) hulp toegezegd voor de komende twee jaar. Door die hulp zal de Haïtiaanse regering ondanks de crisis in 2010 nog iets meer kunnen uitgeven dan dit jaar, schat Claude Fignole, de directeur van de hulporganisatie ActionAid Haiti.

De aandacht voor het armste land van het westelijk halfrond heeft veel te maken met de benoeming van de voormalige Amerikaanse president Bill Clinton als speciale VN-gezant voor Haïti. In maart kreeg het land ook VN-secretaris-generaal Ban Ki-Moon op bezoek.

Labiele situatie
Experts waarschuwen dat de hulp aan Haïti de komende jaren niet mag worden teruggeschroefd. De sociale situatie in het land blijft labiel nadat er in april 2008 rellen waren uitgebroken naar aanleiding van de stijgende voedselprijzen. De onlusten kostten het leven aan vijf Haïtianen en dwongen de toenmalige premier Jacques-Edouard Alexis tot ontslag.

Daarna richtten orkanen ook nog eens schade aan op meer dan 70 procent van de Haïtiaanse akkers. Ook de wegen hebben zwaar onder het noodweer geleden en zijn nog altijd niet hersteld.

De Haïtiaanse regering houdt sinds april vorig jaar de voedselprijzen kunstmatig laag, maar toch kosten levensmiddelen nog altijd meer dan het gemiddelde van de afgelopen vier jaar. Intussen sturen Haïtiaanse emigranten minder geld naar huis, een gevolg van de economische crisis. Die geldstroom is goed voor een vijfde van het Haïtiaanse bruto binnenlands product.

Volgens de Ad Hoc Adviesgroep over Haïti van de VN is de voedselbevoorrading van meer dan een derde van de Haïtiaanse bevolking onzeker. In afgelegen gebieden, waar moeilijk voedselhulp kan worden geleverd, wordt er echt honger geleden.

De adviesgroep raadt de Haïtiaanse regering en de internationale gemeenschap aan snel werk te maken van extra banen en meer buitenlandse investeringen om de sociale situatie te stabiliseren. Buiten de VS zouden ook andere rijke landen Haïtiaanse producenten bevoorrechte toegang kunnen bieden voor hun exportgoederen. Haïti zou ook vrijhandelszones kunnen opzetten om meer buitenlandse bedrijven aan te trekken.

Beter af zonder buitenlandse raad
Maar sommige critici oordelen dat Haïti beter af zou zijn zonder al die goede raad. “De internationale gemeenschap heeft te veel aandacht besteed aan Haïti, en bijna altijd op een verkeerde manier”, vindt Charles Arthur, de directeur van de Britse Steungroep voor Haïti. Volgens Arthur steunt de internationale gemeenschap al jaren “de meest reactionaire vleugel van de private sector”, in plaats van de meerderheid van arme landbouwers. Om aan de weet te komen wat Haïti echt kan helpen, moeten donorlanden volgens hem meer luisteren naar Haïtiaanse burgerorganisaties.

In plaats van vrijhandelszones moet er meer steun komen voor de lokale boeren om meer voedsel te produceren voor de eigen markt. Dat zegt de Papda, een Haïtiaanse basisorganisatie die opkomt voor een landhervorming.

BRON:
http://www.ipsnews.be

IPS DOOR:

Deel dit artikel