Internationale hulp m.b.t. water en sanitatie zeer ongelijk verdeeld

Protossbphoto Web76(foto: Stéphane Brabant)


Volgens het rapport Bridging the Divide worden de armste bevolkingsgroepen in de wereld systematisch te weinig bereikt, waardoor de ongelijkheden in de wereld zelfs groter worden in plaats van dat ze zouden afnemen.


Van de 48 armste landen in de wereld zijn er tussen 2007 en 2012 amper 8 die in de top 10 stonden van landen die de meeste financiële steun kregen voor water en sanitatie. Dit zijn Tanzania, Bangladesh, Mozambique, Ethiopië, Burkina Faso, Yemen, DR Congo, en Oeganda.

Ondanks het feit dat in Jordanië 90% van de bevolking toegang heeft tot drinkwater en sanitatie, ontvangt het land via internationale donoren maar liefst 855 dollar per persoon die geen toegang heeft. Het contrast is groot: Madagaskar ontvangt amper 0,6 dollar per persoon die geen toegang heeft; DR Congo 1 dollar; Burundi 1,6 dollar; Haïti 2 dollar; Mali 4,2 dollar; Oeganda 4,2 dollar; Rwanda 4,7 dollar; Benin 5,8 dollar. Nochtans ligt de graad van toegang tot drinkwater en sanitatie in die laatste landen een pak lager.

Volgens het rapport werd in 2012 amper 6% van het globale budget voor ontwikkelingssamenwerking besteed aan het verbeteren van de toegang tot water, sanitatie en hygiëne. Bovendien werd een derde van de beloofde financiële steun nooit effectief bezorgd.

Lees het WaterAid-rapport hier.

Deel dit artikel