Meerderheid van Bolivianen steunt nieuwe grondwet

Bolivia heeft een nieuwe grondwet, na drie jaar hevige strijd tussen de verschillende regio’s en politieke machtsblokken. In een nationaal referendum keurde ruim 60 % van de bevolking de grondwet goed. Een historische gebeurtenis voor de inheemse bevolkingsgroepen, die nu officieel erkend worden en voortaan niet langer buitenspel kunnen gezet worden in de politieke besluitvorming.

De Wetgevende Vergadering, bestaande uit de Eerste en Tweede Kamer, wordt omgedoopt in de Plurinationale Wetgevende Vergadering. De term ‘plurinationaal’ duidt natuurlijk op de verschillende Boliviaanse bevolkingsgroepen, met onder meer de talrijke indiaanse etnieën – goed voor meer dan de helft van de Boliviaanse bevolking. In de Tweede Kamer stijgt het aantal volksvertegenwoordigers van drie naar vier per departement. Minstens één van de volksvertegenwoordigers moet van inheemse afkomst zijn. Het aantal vertegenwoordigers in de Eerste Kamer blijft gelijk.

Een pittig detail is dat ambtenaren in de toekomst twee officiële talen moeten spreken. Behalve het Spaans moeten ze dus ook één van de twee erkende inheemse talen kennen: Quetchua of Aymara. Allicht zal de dubbele taalvereiste voorlopig niet naar de letter van de wet toegepast worden. President Evo Morales spreekt bijvoorbeeld enkel vloeiend Spaans, net als vele andere Bolivianen.

Traditionele rechtspraak erkend
Naast de ‘gewone’ rechtspraak erkent de nieuwe grondwet voortaan ook het systeem van traditionele ‘gemeenschapsrechtspraak’, dat al eeuwenlang wordt gehanteerd door de inheemse volkeren. Verder laat de grondwet toe dat inheemse bevolkingsgroepen hun grondgebied zelf besturen. Bijgevolg krijgen ze ook zeggenschap over de natuurlijke bodemrijkdommen.

Naast deze inheemse autonomie worden in de grondwet ook vormen van zelfbestuur erkend op departementaal, regionaal en gemeentelijk niveau. De oppositie van Evo Morales in het laagland eiste de afgelopen jaren meer departementale autonomie, om zich op die manier los te maken van de centrale overheid in La Paz. Maar de departementale autonomie in de nieuwe grondwet gaat lang niet zo ver als de oppositie had gehoopt.

Een andere belangrijke bepaling in de grondwet omvat het beheer van natuurlijke rijkdommen. De bodemgrondstoffen, zo stelt de nieuwe grondwet, zijn voor altijd eigendom van het Boliviaanse volk. De grondstoffenindustrie kan dus niet meer in privé-handen terecht komen, net als de water -en energievoorziening. Ook beschermt de Boliviaanse staat het cocablad als cultureel erfgoed. Het gaat hier voor alle duidelijkheid om de cocaplant in haar natuurlijke vorm, en niet om cocaïne.

De Bolivianen stemden in het referendum ook voor een maximaal privébezit van 5 000 hectare grondeigendom. Heel wat grootgrondbezitters in het oostelijke laagland bezitten veel meer dan 5 000 hectare, maar hoeven geen grond in te leveren. De maatregel geldt namelijk niet met terugwerkende kracht. Eigenaars die nu minder dan 5 000 hectare bezitten, mogen hun eigendom dus uitbreiden tot maximaal 5 000 hectare. Indien het land niet productief gebruikt wordt, kan het alsnog herverdeeld worden door de Boliviaanse overheid.

Verder werd de terugvordering van de toegang naar zee nu grondwettelijk vastgelegd. Meer dan honderd jaar terug verloor Bolivia haar maritieme ontsluiting aan buurland Chili.

Breuklijnen blijven bestaan
Weinig mensen hebben – naar aanleiding van het referendum – de nieuwe grondwettekst bestudeerd en de nieuwigheden op een rijtje gezet. Dat heeft deels te maken met het wijdverspreide analfabetisme in Bolivia. Het referendum over de nieuwe grondwet werd door veel Bolivianen geïnterpreteerd als een stem vóór of tegen president Evo Morales. Een nieuwe grondwet met aandacht voor de inheemse bevolkingsgroepen was namelijk een belangrijke verkiezingsbelofte van Morales. Het is dus geen verrassing dat het referendum een gelijkaardig resultaat opleverde als de verkiezingen en referenda van de jongste jaren.

In het Boliviaanse laagland, waar de politieke tegenstanders van Evo Morales sterk staan, stemde een meerderheid tegen de nieuwe grondwet. In het hoogland stemden de bevolking overwegend pro. Verder was er opnieuw een duidelijk verschillend resultaat tussen de stad en het platteland. Morales krijgt nog steeds massale steun van de boerenbevolking, terwijl dat in de steden veel minder het geval is. De twee breuklijnen –hoogland versus laagland en stad versus platteland – blijven dus onverminderd voor politieke polarisatie zorgen. Vooral in het oostelijke laagland en de steden zal de uiteindelijke toepassing van de nieuwe grondwet dus nog heel wat voeten in de aarde hebben.

Jaap Op de Coul (Landenvertegenwoordiger in Bolivia)



Met het overheidsprogramma 'Nul Ondervoeding' wil de Boliviaanse overheid de strijd aangegaan met ondervoeding. Het programma wordt ondersteund door tal van internationale organisaties en instellingen, waaronder ook de Belgische ambassade. Bevrijde Wereld tracht haar projecten op dit nationale voedselprogramma af te stemmen.


Solidagro DOOR:

Deel dit artikel