Waterverhalen uit Guinee-Bissau

APRODEL, een partnerorganisatie van Bevrijde Wereld in Guinee-Bissau, kon de uiterst voedselonveilige situatie in het dorp Mamporu aanzienlijk verbeteren door de aanleg van graanbanken, de verbetering van de rijstvelden en een intensievere groenteteelt. Vroeger zagen de vrouwen zich jaarlijks verplicht enkele maanden op velden in de buurdorpen te gaan werken, om op die manier voldoende zaaigoed bijeen te krijgen. Nu kunnen dezelfde vrouwen zaaigoed uitlenen aan buurdorpen, die het dan met een kleine intrest teruggeven na de oogst. Hoewel de voedselsituatie in het dorp sterk verbeterd is, blijft het dorp met een groot probleem kampen: het gebrek aan drinkbaar water. Het graven van nieuwe waterputten is bijzonder problematisch. De losse structuur van de zandgrond bemoeilijkt telkens de werkzaamheden. Dat betekent dat men niet diep kan graven zonder het risico te lopen dat de waterputten in elkaar storten. Bart Casier, regionaal coördinator voor Bevrijde Wereld in West-Afrika, brengt verslag uit.

 


Mamporu is een arm dorp in het oosten van Guinee-Bissau. Tenzij je de moed hebt uren op een ezelkarretje te zitten, raak je er niet zonder terreinwagen. Het dorp leeft in een situatie van quasi-volledige autarchie. Dat betekent dat de inwoners voor hun overleven bijna volledig aangewezen zijn op wat ze zelf verbouwen. In het regenseizoen telen de boeren rijst, gierst en sorghum. Daarmee moet men het hele jaar proberen overbruggen. In het droge seizoen kweken de inwoners nog wat groenten om het povere dieet een beetje aan te vullen. De bewoners van Mamporu hebben een hard leven. Tegen het einde van het droge seizoen worden de voorraden namelijk steeds schaarser, zodat de vrouwen het lastig hebben om een volwaardige maaltijd samen te stellen voor het hele gezin. Wanneer de oogst tegenvalt, gaat het hele dorp niet zelden een hongerperiode tegemoet.

Mud stories

Maimouna – een vrouw van 70 jaar die al haar hele leven in Mamporu woont – vertelt dat de weinige waterputten in het dorp van erg slechte kwaliteit zijn. Enkele maanden na het regenseizoen zakt het water in de putten en vermengt het zich met losse grond, tot uiteindelijk enkel een soort waterige modderbrij achterblijft. De vrouwen moeten het water dan een poosje laten staan, het zand laten bezinken en dan langzaam afgieten. Op die manier tracht men dan een beetje drinkbaar water over te houden. “Vanaf december tot juli-augustus (begin van het regenseizoen) drinkt iedereen in het dorp vuil water, zowel mensen als dieren. We weten dat het water niet gezond is, want we krijgen er buikpijn en diarree van. Soms moeten we zelfs naar het ziekenhuis in Bafata. Om daar te geraken, moeten we dan een geit of een schaap verkopen. In Bafata krijgen we een goede behandeling, maar wanneer we naar het dorp terugkeren, moeten we weer hetzelfde vuile water drinken. Omdat er zo weinig water in de putten zit, moeten we telkens een hele poos wachten tot de put wat bijgevuld raakt. Het kost ons heel wat tijd,” aldus Maimouna. Daarna moeten de vrouwen ook nog eens het water nog naar huis dragen, soms over lange afstanden. 

Maimouna en Umi bij een aftandse waterput

Ruzie om water

Ook Umi Seidi komt erbij zitten om haar verhaal te vertellen: “Ik heb zelf geen waterput, want mijn man heeft geen geld. Ik ben te beschaamd om nog langer water bij de buren te bedelen. Ze komen zelf amper rond, en die put komt dus snel droog te staan. Daarom ga ik naar de groentevelden in de vallei, en haal ik water uit de open putten daar. Het is vuil slijkwater, maar ik heb geen andere keus. Ik moet het water het hele eind naar huis dragen. Als mijn man het dan aan de dieren geeft, moet ik nog eens helemaal terugkeren om nieuw water te halen. Ik heb veel ruzie met mijn man omdat er niet genoeg water is.”

De waterige modderbrij die tevens gebruikt wordt als drinkwater

Wanneer we polsen of de situatie altijd zo problematisch was, antwoordt Maimuna dat er voorheen veel meer natuurlijke bronnen waren in de regio. Het water wordt nu steeds schaarser door de verminderde regenval en de bevolkingstoename in het dorp. Vroeger beschikte het dorp over een handpomp met zuiver water, maar die ging kapot. De fabrikant van de bewuste pomp bestaat niet meer, en dus is het onmogelijk om wisselstukken te vinden.

Nieuwe infrastructuur

Als alles goed gaat, kan APRODEL met steun van Ello Mobile en Bevrijde Wereld in 2008 een watersysteem installeren in Mamporu.  Het dorp is met bijna 1000 inwoners is alleszins groot genoeg om de investering te rechtvaardigen. Bovendien is de bevolking supergemotiveerd om mee de werkzaamheden te helpen uitvoeren en ook financieel een steentje bij te dragen aan het watercomité... Wordt vervolgd! 

www.bevrijdewereld.be

Deel dit artikel