Amerikaanse mijngigant Newmont vervuilt Buyat Baai in Noord-Sulawesi

De inwoners van de Buyat Baai en Ratatotok in Noord-Sumatra verdenken Newmont Minahasa Raya (NMR), een dochter van de Amerikaanse mijngigant Newmont, ervan  het water in hun baai te vervuilen.

Indonesië is rijkelijk bedeeld met natuurlijke rijkdommen. Er is een schat aan tropisch bos, er zit koper, goud en steenkool in de grond en er zijn olievoorraden, om er maar enkele te noemen. Jammer genoeg worden die schaamteloos geëxploiteerd. In de naam van economische ontwikkeling worden er aan een razend tempo tropisch bos gekapt en worden her en der de lucht en het water vervuild.

NMR was het eerste mijnbedrijf in Indonesië dat de techniek van dumping van mijnafval op de zeebodem toepaste. De goudmijn zelf is een open mijn, het afval wordt ongeveer 10 km verder in de Buyat baai gedumpt op 82 meter diepte. Sinds de mijn operationeel werd, belandde op deze manier 4 miljoen ton afval in zee.

Deze techniek is in veel landen verboden, ook bijvoorbeeld in de VS. Kustgebieden zijn in de natuur biologisch erg waardevolle gebieden, zowel voor mens als dier. Gedurende jaren hebben bewoners van de baai geklaagd over huidziektes, hoofdpijn, tumors en vruchtbaarheidsproblemen.

Een onderzoeksrapport van 2003 op aanvraag van WALHI toonde duidelijk aan dat het mijnafval van NMR 4 maal de toegelaten hoeveelheden kwik, cadmium en arsenicum bevatte.

Eerder kwam de universiteit van Noord Sulawesi in 1999 tot dezelfde resultaten. Maar deze feiten werden telkens weerlegd door studies op aanvraag van NMR zelf.

Het ministerie van leefmilieu ondernam jarenlang niks, tot ze na lang aandringen van de bevolking, maar helaas kort voor de sluiting van de mijnsite eind augustus, wel een grondige studie bestelde. Het team bestond uit zowel Indonesische als Amerikaanse experts.

 

Op 8 november 2004 werd het volledige rapport overhandigd aan de nieuwe milieuminister Witoelar. De belangrijkste conclusies van het rapport zijn:

  • De zeebodem van de baai is vervuild met arsenicum en kwik
  • De praktijken van Newmont zijn in een inbreuk op de Indonesische wet op het dumpen van giftig afval
  • Arsenicum en kwik zijn onmiskenbaar een gevaar voor de lokale gemeenschap die vooral leeft van visvangst
  • De dieren die op de zeebodem leven, zoals plankton en benthos, accumuleerden jarenlang kwik in hun lichamen
  • De biodiversiteit in de baai is verstoord door de arsenicum-vervuiling
  • In tegenstelling tot wat Newmont steeds heeft beweerd is er geen natuurlijke bescherming in de baai (thermocline ocean layer) die het afval op een diepte houdt van minstens 50 meter.

De aanbevelingen van het onderzoeksteam zijn:

  • De inwoners van de baai moeten hun consumptie van vis verminderen, of verplaatst worden naar een andere plaats
  • De overheid moet gedurende 30 jaar de gezondheidssituatie opvolgen, dit houdt o.a. de verplichting in de inwoners verder te onderzoeken naar de graad van vergiftiging. De overheid en Newmont zijn verantwoordelijk voor het saneren van de baai.
  • Wegens de overtreding van de wetgeving inzake dumping van giftig afval is een gerechtelijk onderzoek aangewezen. De dumping van mijnafval in zee moet voortaan verboden worden.

De zaak zorgt voor heel wat opschudding in zowel Indonesië als de VS.

De ontslagnemende milieuminister van de regering Megawati liet het rapport midden oktober publiceren op de website van zijn ministerie, vooraleer de finale versie klaar was.

Zijn voorbarige conclusie was dat de baai niet vervuild was. Dit was natuurlijk een gedroomde gelegenheid voor Newmont om verder verwarring te zaaien.

Het overhaast optreden van de minister kwam er nadat in het tussentijds rapport van de experts gesteld werd dat er bewijzen waren gevonden voor vervuiling door de mijngigant. Kort daarna werden 6 Newmont-officials opgepakt, waaronder 2 Amerikanen. Daarop waarschuwde de VS-ambassadeur in Indonesië de regering dat dergelijke praktijken buitenlandse investeerders verder zou afschrikken.

Nadat in de Amerikaanse pers eerder berichten verschenen die Newmont in het gelijk stelden, schreef de New York Times in haar editoriaal op 16 november 2004 dat het rapport wel duidelijkheid had gebracht en het riep Newmont op een dialoog aan te gaan met de overheid om te onderhandelen over een billijke vergoeding voor de slachtoffers .

WALHI en JATAM, beiden partners van 11.11.11, hebben de lokale bevolking steeds in hun eisen gesteund. Zij zien het rapport als een overwinning en beschouwen het als een zoveelste test voor de nieuwe president Yudhoyono om zijn beloftes voor een ander en beter beleid waar te maken.

 

Meer info:

Deel dit artikel

       


Gerelateerde artikels