De Nicaraguaanse crisis en haar uitweg

 

Nicaragua-protesten-foto-wikipedia-2

Dubbelinterview met leiders uit Nicaraguaans middenveld

De politieke crisis in Nicaragua sleept ruim twee maanden aan. De menselijke tol loopt elke dag op. Hoe is het zover kunnen komen? En hoe geraakt het land hier uit? We vroegen het aan Enrique Picado en Pedro Ortega, twee leiders uit het Nicaraguaanse middenveld.

Op moment van schrijven van dit artikel spreken we van 285 doden en meer dan duizend gewonden. Naast de menselijke tol is er ook de economische tol die het land betaalt. Zowel in Nicaragua als daarbuiten verschijnen tal van analyses over de oorzaak van het conflict en de schuldigen van de onrust. Maar hoe denkt het Nicaraguaanse middenveld zelf over de situatie?

Enrique Picado is een van de historische leiders van de Sandinistische beweging. Hij is actief bij Movimiento Comunal Nicaraguense (MCN), een organisatie die haar wortels heeft in de jaren 80 als Comités ter verdediging van het Sandinisme. Nog tijdens de eerste Sandinististische revolutie ontstond uit die comités het MCN.

Pedro Ortega staat aan het hoofd van CST-ZF, een Sandinistische vakbond die de arbeiders in de vrijhandelszone organiseert, hoofdzakelijk in de textielsector.

Hoe kon het zo uit de hand lopen? Van het meest vreedzame land van Centraal-Amerika naar meer dan 280 doden en duizend gewonden in twee maanden tijd?

Enrique Picado (MCN): Daar staat iedereen van te kijken. Had de regering niet zo gewelddadig gereageerd op de eerste protesten, was het volgens mij nooit uit de hand gelopen. Mensen zijn in de nasleep van de gebeurtenissen op 18 april uit verontwaardiging op straat gekomen. Verontwaardiging over het brutale geweld dat gebruikt werd tegen de studenten. Je moet weten dat daar in Nicaragua toch ook wel wat symboliek achter schuilt. De laatste keer dat een studentenprotest met dergelijke reactie te maken kreeg was voor '79, ten tijde van de dictatuur.

Ik ben er nog steeds van overtuigd dat de zaken onder controle waren gebleven, had Daniel Ortega zich toen als een staatsman opgesteld en op de voorgrond was getreden als president van de hele natie. In plaats daarvan is er olie op het vuur gegooid door de protestbeweging te omschrijven als 'bloedzuigende vampieren'.

Pedro Ortega (CST-ZF): Voor mij heeft de oorzaak van de hele heisa een naam: Gustavo Porras (voorzitter van de vakbondskoepel FNT, parlementsvoorzitter en topfiguur in de regering Ortega-Murillo nvdr.). Zonder enige vorm van overleg of raadpleging met wie of wat dan ook, heeft hij de hervorming van de sociale zekerheid willen doorvoeren.

Als klap op de vuurpijl riep hij op tot massamobilisatie op 30 mei, op dezelfde dag dat de moeders van de vermoorde studenten een mars organiseerden. De opkomst voor studenten was massaal. Die van Porras moet zowat de kleinste geweest zijn in de geschiedenis van het Sandinisme. Het enige wat hij hiermee bewezen heeft, is hoeveel steun het FSLN verloren is op een maand tijd.

Beeld: Jorge Mejía peralta

Betogers en opposanten spreken niet meer over de hervorming van de sociale zekerheid. Wat heeft het protest er nog mee te maken?

Ortega: Klopt, de frustratie zit dieper. Ik heb mij altijd kritisch opgesteld tegenover de manier waarop mijn partij geregeerd heeft de afgelopen tien jaar. Er leefde veel frustratie aan de basis en bij het middenveld over de autoritaire koers. Blijkbaar werd dit gevoel gedeeld door bredere lagen in de maatschappij. Maar ik blijf erbij: had Porras zich niet zo arrogant opgesteld, leefden we vandaag nog in alle rust.

Picado: Sindsdien is alles verder gepolariseerd en is vooral het geweld verder uit de hand gelopen. Er zijn bewijzen dat de agressie tegen de bevolking aangestuurd wordt vanuit het Sandinisme.

Op 18 oktober zijn er bijvoorbeeld betogers aangevallen door de zogeheten turbas, die steun krijgen van de regering. De politie beschermde de belagers. Daarop volgden massabetogingen en daarbij kwamen paramilitairen tegenover de betogers te staan. Op beelden kan je zien hoe de politie die gewapende milities escorteert.

Het is wel niet duidelijk of het geweld echt van bovenaf wordt aangestuurd of dat lokale partijafdelingen of -leden autonoom opereren. Hopelijk brengt onderzoek dat aan het licht. Wat ook niet helpt is dat de president en de vicepresident het licht van de zon ontkennen en beweren dat de groeperingen niets met het FSLN te maken hebben, in plaats van intern duidelijke orders te geven dat hun geweld onmiddellijk moet stoppen.

De overheid wijst inderdaad naar de oppositie. Beide kanten geven hun eigen versie. Hoe kan je weten wie de waarheid vertelt?

Picado: Het is aan de onderzoekscommissies om dat uit te maken, want het geweld komt vanuit verschillende hoeken. Maar de videobeelden spreken voor zich. Het spreekt tegen de regering: in 2018 kan alles vastgelegd worden met dit apparaatje (wijst op zijn smartphone). Wees er ook maar zeker van dat mensen in de wijken heel goed weten wie voor wat verantwoordelijk is, daar kent iedereen elkaar.

Ortega: Het is wel duidelijk dat het geweld in het begin van een zijde kwam, maar intussen is het een chaos geworden. Er zijn leden en leidinggevenden van het FSLN bedreigd en aangevallen, een karavaan van FSLN-demonstranten beschoten en er zijn partijgebouwen in brand gestoken. Ook lang niet alle wegblokkades van de oppositie verlopen vreedzaam. Ook criminelen misbruiken de situatie. Sommige wegblokkades hebben niets te maken met politiek protest, maar met misdadigers die misbruik maken van de situatie om autobestuurders geld af te troggelen en te bestelen.

Dan is er nog een voorbeeld van hoe het geweld ontaardt. Een aantal weken terug is een textielfabriek met molotovcocktails belaagd omdat de arbeiders niet wilden staken. We spreken hier niet alleen over economische schade toebrengen, maar over mensenlevens in gevaar brengen. Voor mij komt het geweld nu van twee kanten. Je hebt aan de ene kant de paramilitairen die terreur zaaien tegen opposanten en daarbij op zijn minst beschermd worden door partijgeledingen. Aan de andere kant heb je het geweld die georganiseerd wordt vanuit de wegblokkades.

Wat vinden jullie van de wegblokkades in Nicaragua, waar de regering al anderhalve maand moord en brand over schreeuwt?

Ortega: Wij steunen de wegblokkades niet, integendeel. We hebben daar ook al publiekelijk onze mening over gegeven. Vrijheid van protest is inderdaad een democratisch basisrecht, maar vrijheid van beweging is ook een grondrecht. De langdurige blokkades sluiten dat laatste uit. Arbeiders in de textielsector geraken niet meer op hun werk. In Nicaragua heeft het een impact op je gezinsbudget als je een dag niet werkt. Op lange termijn kan het de productie en de tewerkstelling bedreigen. Wij zijn tegen die blokkades en we denken dat er andere manieren zijn om te protesteren.

Beeld: Reporters

Picado: (aarzelend) De vraag is welke andere middelen de studenten hebben. Ze hebben niets: ze hebben geen economische macht, geen politieke macht en geen wapens. Voor alle duidelijkheid: gelukkig maar wat dat laatste betreft. Het enige wat ze hebben om druk uit te oefenen op Daniel Ortega zijn de blokkades en de universiteitsbezettingen. Sommige wegblokkades lijken inderdaad in handen van criminele bendes te zijn of van opposanten die geweld gebruiken, maar ik ben deze week nog naar Matagalpa gereden voor een workshop over seksuele en reproductieve rechten. De drie blokkades die ik onderweg tegenkwam lieten mij rustig door toen ik uitlegde waar ik heenging en waarom.

Ik weet ook niet of het de juiste strategie is, maar ik heb er wel begrip voor. Laat ons ook eerlijk zijn: wij hebben die tactiek in de jaren 90 zelf ook meer dan eens gebruikt tegen de neoliberale regeringen om onze eisen door te drukken.

Pedro, welke alternatieve drukkingsmiddelen zie jij voor de protestbeweging?

Ortega: Wie nu meeste druk wil uitoefenen op de regering, na eerst tien jaar beste vriendjes te zijn, is het bedrijfsleven. Zij zijn op de kar van het studentenprotest gesprongen en hebben er nu meest belang bij dat de regering valt. Als zij zo nodig willen dat de president onmiddellijk vertrekt, dat ze dan opnieuw een lock out organiseren en intussen de werknemers hun loon uitbetalen. Als zij willen mobiliseren tegen de regering, dat ze maar doen. Wij zijn als vakbond zelfs bereid om te onderhandelen over hoe de arbeiders in de fabrieken niet getroffen worden door hun beslissing. Maar ze moeten stoppen met de wegblokkades te verdedigen en moeten terug de vrije circulatie in dit land garanderen.

Ik wil trouwens nog iets kwijt over 'de beweging'. Ik heb alle begrip voor de studenten en had er in het begin ook veel sympathie voor. Het is ook zo dat de regering bloed aan haar handen heeft en daardoor alle legitimiteit kwijt is. Maar ondertussen is het voor mij duidelijk dat de studenten marionetten geworden zijn van het bedrijfsleven en van de Verenigde Staten. Ze hebben een trip georganiseerd met een paar studentenleiders naar de VS, georganiseerd en gefinancierd door Freedom House (een gepolitiseerde Amerikaanse ngo nvdr.). Ze zijn daar op de koffie gegaan bij de meest extreemrechtse figuren uit de Republikeinse partij, bij Miami-Cubanen die elke progressieve beweging in Latijns-Amerika hartgrondig haten. Sorry, maar als je steun gaat zoeken bij dat soort vrienden, dan haak ik af.

Picado: Dat bezoek aan die Republikeinse senators heeft kwaad bloed gezet. Het was een fiasco. Vergeet niet dat er een sterk anti-imperialistisch sentiment leeft in Nicaragua, we zijn onze geschiedenis niet vergeten. Er is dan ook van binnenuit heel wat kritiek gekomen van politiek bewustere studenten. Maar die studenten die nu tot leiders gebombardeerd worden, hebben geen enkele politieke ervaring en lijken mij vrij naïef. Het zijn studenten die niet op straat gekomen zijn vanuit een duidelijke politieke ideologie of overtuiging, maar die zwaar verontwaardigd waren en reageerden op een onrechtvaardigheid. Het antwoord van de politie en regering was zo buitenproportioneel, dat ze nu in de armen van gelijk wie vallen die hen wil steunen.

Beeld: Jorge Mejía Peralta

Hoe moet het nu verder?

Picado: Ik was aanvankelijk voorstander dat Daniel Ortega zijn termijn zou uitdoen, maar dan hadden er akkoorden gesloten moeten worden voor de volgende presidentsverkiezingen om het democratisch verloop te garanderen.

Een van de punten had bijvoorbeeld kunnen zijn dat noch Daniel Ortega, noch vicepresident Rosario Murillo herverkozen had kunnen worden. Dat had de stabiliteit van het land gegarandeerd en volgens mij zou de harde greep vanuit het Carmen (woonplaats van president Ortega en vicepresident Murillo, echtegenote van Ortega nvdr.) automatisch verminderd zijn, omdat sowieso niemand dat nog zou slikken na 18 april. Maar na wat er gebeurd is de afgelopen twee maanden, lijkt mij de enige realistische uitweg vervroegde verkiezingen. Volgens mij denken er ook heel wat mensen aan de basis van het FSLN er zo over. Maar blijkbaar dringt het niet door tot in het Carmen.

Ortega: De enige uitweg uit deze crisis zijn vervroegde verkiezingen. Maar dan nog is er een probleem. Alle partijen zijn gediscrediteerd. Als de huidige partijen naar de verkiezingen gaan, ben ik ervan overtuigd dat FSLN de grootste blijft. Al zullen ze heel veel stemmen verliezen.

De rechtse oppositiepartijen hebben zo mogelijk nog minder geloofwaardigheid dan het FSLN. Niet alleen omwille van hun beleid in de jaren '90, maar ook omdat ze zich in de zak van Ortega hebben laten steken (de rechtse partijen maakten de afgelopen legislaturen verregaande deals met Ortega nvdr.). Nu oppositie voeren is dan ook compleet ongeloofwaardig. De enige politieke partij die overtuigend de volgende verkiezingen zou kunnen winnen, is een partij van de studentenbeweging. Dat zij zouden winnen staat buiten kijf, de vraag is alleen maar met welk programma, gezien de belangengroepen die hen nu steunen.

Sowieso zal er een grote uitdaging liggen om het land terug te verzoenen. Binnen onze vakbond hebben we militanten die mee de wegblokkades tegen de regering bemannen en hebben we militanten die deelnemen aan de mobilisaties van het FSLN. Datzelfde scenario speelt zich soms af binnen dezelfde familie of zelfs binnen hetzelfde gezin. De weg naar een vreedzame oplossing zal nog lang zijn.

Dit interview is opgenomen en uitgeschreven door Jasper Rommel van de Vlaamse solidariteitsorganisatie FOS. Die zet zich in voor waardig werk en sociale bescherming in Nicaragua. Daarvoor werkt de organisatie onder andere samen met MCN en CST-ZF.

Auteur: Jasper Rommel

 

Deel dit artikel