Nieuwe MO*paper: Sociaal ondernemerschap als nieuwe benadering voor internationale solidariteit?

De afgelopen drie decennia is de populariteit van sociaal ondernemerschap toegenomen, zowel in hoge- als in midden en lage-inkomenslanden. Bovendien zijn veel sociale ondernemingen erin geslaagd een plek te veroveren op het raakvlak van de traditionele ontwikkelingssector, de markt en de staat. Om de woorden van Gert van Dijk, hoogleraar aan de Nyenrode Business Universiteit, te gebruiken: de 'stille revolutie van de sociaal ondernemers' is volop bezig.

Medewerkers van Trashy Bags in Accra (Ghana) verzamelen plastic zwerfaval en toveren het om tot tassen en zelfs kleding die op de markt worden verkocht. Bij Alive & Kicking in Nairobi (Kenia) en Accra (Ghana) produceren jongeren met een grote afstand tot de arbeidsmarkt lederen voetballen, die zelfs door de UEFA worden gekocht.

In de verschillende werkateliers van Friends International hervinden jongens en meisjes, mannen en vrouwen die voorheen werkzaam waren in de seksindustrie hun menselijke waardigheid en krijgen toegang tot de arbeidsmarkt.

Tech-Innov in Niamey (Niger) verleent boeren technologische ondersteuning met een verantwoord waterbeheer. In Nederland steunde Nicolette Mak haar broer 'met een moeilijk lichaam' door het opzetten van een pakjesdienst (Valid Express) een plaats vinden de samenleving.

De Vlaspit (Scherpenheuvel) noemt zichzelf een pleitbezorger voor een meer sociale economie met de kernopdracht acties te
ondernemen die het welzijn en de maatschappelijke participatie van kansengroepen bevorderen.

Wat hebben deze voorbeelden gemeen? Het gaat telkens om sociale bedrijven, die actief zijn op de markt maar de doelstelling hebben om op een financieel duurzame manier bij te dragen aan maatschappelijke veranderingsprocessen.

Valid Express is maar een van de vele voorbeelden van sociale bedrijven die een maatschappelijk probleem aanpakken op
een ondernemende manier. Die ondernemingen streven er in de eerste plaats naar om van de wereld een betere plek te maken en zijn daarmee, zoals Lynch en Wall het noemen, 'bedrijven voor het algemeen belang'.

Deze paper is het resultaat van een langlopend onderzoek van Context, International Cooperation naar sociaal ondernemerschap in vooral lage- en middeninkomenslanden. Deze paper bouwt voort op eerdere publicaties van de auteurs.

 

Seminarie op 17 februari
Op 17 februari wordt over deze MO*paper een seminarie georganiseerd. Meer op MO.be.

 

Over de auteurs
Fons van der Velden en Pol De Greve werken als zakenpartners samen in Context, international cooperation in Utrecht en verlenen ondersteuning aan ontwikkelingsorganisaties en sociaal ondernemers in binnen- en buitenland.

Vóór de oprichting van Context in 1998 was Fons van der Velden jarenlang werkzaam aan het Centre for International Development Issues van de Radboud Universiteit Nijmegen en de ontwikkelingsorganisatie ICCO en de Vereniging PSO. Zijn thematische specialisaties zijn capaciteitsversterking van organisaties, leiderschapsontwikkeling en sociaal ondernemerschap.

Pol De Greve is ontwikkelingseconoom met een lange ervaring in de ontwikkelingssector. Voor hij in 2011 aansloot bij Context werkte hij bij de FAO, het Internationaal Agrarisch Centrum (nu CDI – Universiteit Wageningen), Plan Nederland, Plan Indonesië en Broederlijk Delen. Zijn belangrijkste werkterreinen zijn landbouwwaardeketens, sociaal ondernemen, sociale-impactanalyse en plattelandsontwikkeling.

Over de MO*papers
MO*papers is een serie analyses die uitgegeven wordt door Wereldmediahuis vzw. Elke paper brengt fundamentele informatie over een tendens die de globaliserende wereld bepaalt. MO*papers worden toegankelijk en diepgaand uitgewerkt.

MO*papers worden niet in gedrukte vorm verspreid. Ze zijn gratis downloadbaar op www.MO.be/papers. Bij het verschijnen van een nieuwe paper wordt een korte aankondiging gestuurd naar iedereen die zich registreert op www.MO.be/papers.

 

Deel dit artikel