Dagboek uit Hong Kong 4: Bierkaai

Hong Kong is een van de drukste wereldhavens. Vanuit het conferentiecentrum zie ik grote containerschepen, kleine vissersboten, superdure jachten en Chinese jonken kriskras door elkaar varen. Overal waar je kan kijken, zie je kades vol goederen. Ondertussen geniet ik tijdens een korte pauze van een biertje. We hebben deze week al sloten thee gedronken, dus het mag wel eens iets anders zijn. Als je uit een verwend bierland als België komt, moet je het stellen met een Filippijnse pils, een bekend Chinees bier of een lokale 'ale', een nagelaten traditie van de Britten. Veel soeps is dat niet, maar goed, we zijn hier niet op culinaire uitstap.

Ik kreeg al vaak de vraag of het lobbywerk wat we op zo'n conferentie doen ook maar iets uithaalt. Heeft dit wel enige invloed? Hoe kan je als Vlaamse dwerg optornen tegen de grote machten van handel en geld?

Het is inderdaad vechten tegen de bierkaai. Soms denk ik dat ze met opzet net het tegenovergestelde doen van wat wij voorstellen. Maar het zou allemaal nog veel erger zijn als we niet op hun vingers kijken, argumenteer ik dan.

Als de motivatie onder het vriespunt daalt, kijk ik naar de mensen uit het Zuiden. De armen die dagelijks de gevolgen moeten ondervinden, hebben duizend keer meer recht van klagen. Maar dat doen ze niet. Aanklagen wel, maar klagen niet. Donderdag kropen Zuid-Koreaanse boeren drie uur op hun knieën in Hong Kong rond om de aandacht op hun eisen te vestigen. Hun sprong in de zee bij de opening van de WTO-conferentie ging maandag de wereld rond. En hun knieval zal ook wel overal te zien. Die moet je niet leren wat mediastrategie is.

Ik vind bij de collega's niet direct een handvol mensen bereid om een namiddag lang hun knieën open te halen. Eerlijk gezegd, ik ben ook geen kandidaat. Voor mij hoeven acties niet altijd zo spectaculair te zijn. En geweld vind ik helemaal uit den boze.

Niemand van de armen zit echter in een hoekje te grienen dat het allemaal niets uithaalt. Een portie Afrikaanse humor kan je weer behoorlijk oppeppen. Vaak gaat dit gepaard met een stevige schouderklop die nog minuten lang nazindert. En daarnet liep ik een van onze projectpartners uit Bolivia tegen het lijf. Die voeren vrolijk actie tegen de privatisering van water. Wat loop ik dan te zaniken?

Ja, het is dus vechten tegen de bierkaai. Het is slaan met argumenten, zonder iemand pijn te doen. Het is zalven waar het kan en harde woorden spreken als het moet. En daarom doen we voort, tegen beter weten in.

Bart Bode, politiek medewerker van Broederlijk Delen, volgt voor ons de WTO-top in Hong Kong. Hij brengt dagelijks verslag uit op deze website. (dit artikel verscheen op 17 december 2005 in Het Nieuwsblad)

Interview met Bart Bode in Hong Kong
Wat staat er op het spel in Hong Kong? Lees het hier.
Meer info over duurzame handel vind je hier.

Deel dit artikel