NGO's vrezen dat het herzieningsproces van de mijnbouwcontracten in de DRC is gekaapt

Tijd voor de autoriteiten in Europa en Noord-Amerika om te handelen

Brussel- 4 februari 2008- Aan het begin van de INDABA, een mijnbouwconferentie in Kaapstad, Zuid-Afrika, waarschuwt een internationale coalitie van niet-gouvernementele organisaties (NGOs) ervoor dat het herzieningsproces van de mijnbouwcontracten in de Democratische Republiek Congo is gekaapt. NGOs zeggen dat het steeds duidelijker wordt dat nieuwe deals vorm krijgen achter gesloten deuren. Dit gebeurt door het gebrek aan transparantie in de uitvoering van het herzieningsproces. Als bewijs hiervoor noemen de NGOs de overdracht van de rechten op twee mijnbouwconcessies van Katanga Mining Company aan China's Sinohydro Corporation en de China Railway Engineering Corporation. Dit werd aangekondigd op 28 januari. Deze transactie zou deel zijn van de recentelijk gesloten lening van 5 miljard USD van China Exim Bank aan de Congolese staat. NGO’s dringen erop aan dat de regering van de DRC toelicht hoe en wanneer deze beslissing werd genomen.

Het stilzwijgen van de Congolese regering over de aanbevelingen van de interministeriële commissie, opgericht om de mijnbouwcontracten te herzien, heeft de bezorgdheid van maatschappelijke groeperingen versterkt. Afgelopen november heeft de Congolese minister van mijnbouw op de vergadering van de World Bank Consultative Group in Parijs de internationale donorgemeenschap beloofd dat het verslag van deze commissie openbaar zou worden gemaakt. De overheid is verplicht tot een dergelijke transparantie volgens de bepalingen over het beheer van natuurlijke hulpbronnen uit de Bestuursovereenkomst die eerste minister Antoine Gizenga in februari 2007 voorstelde. Ook volgens het geassocieerde “Bestuursprogramma” en het Poverty Reduction and Growth Strategy Paper (PRGSP) moet de overheid de noodzakelijke maatregelen nemen om de transparantie van het bestuurlijk proces te garanderen.

Volgens de NGOs moet de Congolese regering een allesomvattend plan publiceren voor de herziening en de mogelijke annulering van de mijnbouwcontracten, met een duidelijk tijdschema en de specificatie van de methode die zal worden gebruikt. “Publicatie van het verslag is van essentieel belang voor het herstellen van het vertrouwen in de integriteit van het herzieningsproces”, stellen de NGOs. Het is ook noodzakelijk dat adequate toezicht- en verslaggevingmechanismen worden ingesteld, om ervoor te zorgen dat het proces transparant is en verantwoording wordt afgelegd. “Het openbaar maken van cruciale informatie is een fundamentele plicht van een democratische regering. Het is de enige garantie dat het parlement en de civiele maatschappij hun rol kunnen vervullen als waakhond van de democratie”, zeggen de NGOs. Ze roepen donorlanden en de multilaterale instellingen op om een open en transparant herzieningsproces publiekelijk te ondersteunen.

De NGOs vestigen ook de aandacht op de verontrustende resultaten van de financiële audits van een aantal mijncontracten door Ernst & Young. Uit deze audits blijkt dat het financiële beheer en de boekhoudkundige praktijken van een aantal van de mijnbouwbedrijven die actief zijn in de DRC erg afwijken van aanvaarde internationale normen. De NGOs roepen openbare aanklagers en beurstoezichthouders in Europa en Noord-Amerika op na te gaan of er in de audits voldoende elementen aanwezig zijn om over te gaan tot vervolging. 
“Het is hoog tijd dat de Belgische, Canadese, Amerikaanse en Britse regeringen hun beloften om armoedebestrijding en goed bestuur in de DRC te bevorderen vertalen in concrete actie. Ze moeten onderzoek voeren naar mijnbouwcontracten van bedrijven waarover ze jurisdictie hebben”.

De NGOs herinneren alle partijen die betrokken zijn bij het herzieningsproces eraan dat de wederopbouw en ontwikkeling van de DRC alleen kan worden bereikt door te zorgen voor eerlijke en transparante exploitatie van de natuurlijke hulpbronnen. De inzet van het proces van de herziening van mijnbouwcontracten is buitengewoon hoog. De geloofwaardigheid van de inspanningen van de nieuwe Congolese regering en de internationale gemeenschap voor goed bestuur in de mijnsector en de toekomstige ontwikkeling van de DRC hangen in grote mate af van het succesvol voltooien van het herzieningsproces.

 
Ondertekenende organisaties:

Canada: Entraide Missionaire; Congo: Centre d'Etudes Pour l'Action Sociale (CEPAS), Forum de la Société Civile Congolaise (FSCC); Europa: Fatal Transactions (Europa),Koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging - 11.11.11 vzw (België) Broederlijk Delen (België), Urgewald (Duitsland), Nederlands instituut voor Zuidelijk Afrika (NiZA), Rights and Accountability in Development (RAID) (Verenigd Koninkrijk), Global Witness (Verenigd Koninkrijk).


Noot voor de redactie

  1. In oktober 2007 beëindigde een interministeriële commissie haar opdracht om joint ventures in de mijnbouwsector, ondertekend tijdens de oorlogen en de transitieperiode, te onderzoeken. De Commissie categoriseerde meer dan 60 contracten in drie categorieën: 'A' geldige contracten die niet herzien hoeven worden, 'B' contracten die heronderhandeld moeten worden, en 'C' de te annuleren contracten. De bevindingen van de Commissie die werden gelekt naar de pers in oktober vorig jaar concludeerden dat geen van de onderzochte contracten geldig waren. Ondanks sterke druk om de inhoud van het verslag openbaar te maken, heeft de regering van de DRC dat tot op heden nog niet gedaan, wat de heersende achterdocht en het wantrouwen ten aanzien van het herzieningsproces verder gevoed heeft.
  2. INDABA is een belangrijke internationale mijnbouw conferentie die plaats vindt in Kapstad, Zuid-Afrika, van 4 tot 7 februari 2008.Voor meer informatie zie http://www.iiconf.com/pebble.asp?relid=1
  3. Het internationale adviesbureau Ernst & Young kreeg een opdracht van de Wereldbank en de Congolese regering (Commissie over Public Sector Reform (COPIREP)) om een audit uit te voeren van een aantal contracten die afgesloten werden tussen het Congolese staatsbedrijf Gécamines en buitenlandse partners (Contrat de consultant N ° 24/COPIREP/SE/11/2004). De accountants voerden twee missies naar de DRC uit. De eerste vond plaats van 30 maart tot 22 mei 2005 en een aanvullende missie werd ondernomen van 15 tot en met 21 augustus 2005. Zoals uiteengezet in de inleiding van de audits, heeft het Ernst & Young één jaar gekost om de rapporten te schrijven omwille van de anomalieën, obstakels en ontbrekende gegevens. Het onderzoek werd afgerond op 26 mei 2006. De bedrijven waarvan de contracten werden gecontroleerd omvatten:
  • Groupement du Terril de Lubumbashi (GTL) juni 1997,
  • Société pour le Traitement du Terril de Lubumbashi (STL) september 1999,
  • Kababankola Mining Company (KMC) januari 2001,
  • Société de Traitement des Rejets de Mutoshi (SRM) januari 2001
  • Boss Mining  december 2003
  • Mukondo Mining december 2003
  • La Société Minière de Kabolela et de Kipese sprl (SMKK) april 2004
  • Compagnie Minière du Sud Katanga (CMSK) juli 2004

Je kunt de audits vinden op: www.freewebs.com/contratsminiers.

Deel dit artikel