Non-Proliferatieverdrag op 40ste verjaardag aan nieuwe adem toe

Opiniestuk Abolition 2000 Belgium en Mayors for Peace

Op 1 juli is het precies veertig jaar geleden dat het Non-Proliferatieverdrag (NPT) voor ondertekening geopend werd. Dat verdrag steunt op drie poten: het wil de verdere verspreiding van kernwapens tegengaan, verplicht de kernwapenstaten te ontwapenen en geeft elk land toegang tot nucleaire energie. Maar op de veertigste verjaardag is er weinig reden tot feestvreugde.


In het begin van de jaren '60 verwierven naast de VS, de Sovjetunie en Groot-Brittannië ook Frankrijk en China kernwapens. Andere landen stonden op het punt om hetzelfde te doen. De kernwapenlanden zelf waren zich maar al te zeer bewust van de potentieel explosieve consequenties daarvan. Het antwoord hierop was het Non-Proliferatieverdrag. Vandaag zijn 189 landen lid van het verdrag.

Het NPT bevat drie belangrijke onderdelen. De kernwapenlanden verbonden zich ertoe om hun nucleaire arsenalen te ontmantelen. Van hun kant beloofden de niet-kernwapenlanden dat ze zouden afzien van nucleaire bewapening. Om voor het verdrag voldoende draagvlak te creëren, werd tenslotte het gebruik van nucleaire technologie voor civiele doeleinden toegestaan. Het verdrag was een poging om de kernwapenwedloop een halt toe te roepen èn om te keren. In ruil voor de belofte geen kernwapens te verwerven, beloofden de kernwapenstaten te ontwapenen. Een monopoliepositie op kernwapens werd niet zomaar cadeau gedaan. Dit verdrag bevroor de bestaande situatie, om vervolgens aan volledige nucleaire ontwapening te werken.

Balans na 40 jaar

Het NPT zette een rem op de verdere verspreiding van kernwapens. Verschillende landen (o.a. Libië, Argentinië, Brazilië) met vergevorderde nucleaire programma's zetten hun ambities om kernmacht te worden opzij. Zuid-Afrika beschikte over kernwapens maar ontmantelde die. Toch oogt de balans na veertig jaar NPT niet fraai. India, Pakistan en Israël, die het verdrag nooit ondertekenden, traden toe tot de club van kernwapenmachten. Noord-Korea, waarvan algemeen aangenomen wordt dat het kernwapens heeft, stapte in 2003, als eerste land ooit, uit het verdrag. Iran wordt er van verdacht aan kernwapens te werken. Door de verspreiding van civiele nucleaire technologie hebben tientallen landen de know-how in huis om op relatief korte termijn kernwapens te ontwikkelen.

Intussen hanteren de erkende kernwapenmachten het NPT als een instrument om hun aanspraak op nucleaire wapens te handhaven. Op het hoogtepunt van de wapenwedloop, in 1986, waren er wereldwijd zo'n 70.000 kernwapens. Na de Koude Oorlog reduceerden de kernmachten hun kernwapenarsenalen aanzienlijk: naar schatting zijn er nu nog 27.000, waarvan 97% Amerikaanse en Russische. Maar in feite hebben die aantallen weinig betekenis: de kernwapenstaten blijven vasthouden aan hun kernwapenstrategie - “noodzakelijk voor onze veiligheid” - en zijn bezig hun kernwapensystemen te moderniseren. Zeggen dat ze door die reductie aan hun plicht te ontwapenen hebben voldaan, is dus intellectueel oneerlijk.

Het ABM (het verdrag over anti-rakettenverdediging) bestaat niet langer. Het CTBT (dat het testen van kernwapens verbiedt) wacht op ratificatie door een aantal grootmachten voor het van kracht wordt. Het NPT dreigt te verglijden naar een 'papieren' afspraak. Sommige wereldleiders lijken de ontwapeningsverdragen te willen opbergen en vervangen door brute machtsverhoudingen.

NPT in impasse

Nochtans blijft het NPT de hoeksteen van alle inspanningen om kernwapens de wereld uit te bannen. Maar door de weigering om van ontwapening werk te maken zit het verdrag in een impasse. Landen die het NPT respecteerden en geen kernwapens verwierven, voelen zich bekocht. Ze stellen vast dat kernwapenstaten dubbele standaarden hanteren. Iran wordt internationaal in de verdomhoek geplaatst. Over Israëls kernwapenarsenaal wordt intussen met geen woord gerept. Op die manier verliezen de kernwapenstaten hun geloofwaardigheid en zijn niet-kernwapenstaten minder geneigd om het verdrag te ondersteunen en te versterken. Als de kernwapenstaten hun verplichtingen niet ernstig nemen, en telkens op eerder gemaakte beloftes terugkomen, hoeft het niet te verbazen dat andere landen zich gaan afvragen wat eigenlijk nog het nut is van het verdrag.

Ontwaping is mogelijk

Het Non-Proliferatie Verdrag legt verplichtingen en vereisten vast met het oog op een kernwapenvrije wereld, maar laat open hoe we tot dat einddoel kunnen komen. Daarom wordt de mogelijkheid van een wereld zonder kernwapens nog makkelijk als een illusie, een louter academische denkoefening, van de hand gewezen. Maar dat is het niet. Ontwapening is geen optie, maar een noodzaak. In 1997 werd aan de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de modelversie van een Nuclear Weapons Convention voorgelegd. De tekst laat zien hoe de weg naar nucleaire ontwapening er in de praktijk uit zou kunnen zien. De Nuclear Weapons Convention houdt een verbod in op het ontwikkelen, testen, overdragen, gebruiken, en dreigen met inzetten van kernwapens en voorziet in vijf stappen om tot totale nucleaire ontwapening te komen. Het verdrag zoekt een evenwicht tussen de belangen van alle betrokken partijen en houdt rekening met de actuele geopolitieke context. Op die manier schept het een realistisch kader waarbinnen landen aan hun verplichtingen ten aanzien van het NPT kunnen voldoen.

NAVO-kernwapens verwijderen uit Europa

De volgende NPT Review Conference vindt plaats in 2010. Om de toekomst van het verdrag te verzekeren, moeten de komende twee jaar beslissende stappen worden gezet. Het is ook aan onze regering om haar verantwoordelijkheid te nemen. In Kleine Brogel liggen naar schatting 20 Amerikaanse kernwapens, het resultaat van ons NAVO-lidmaatschap. In 2005 stemde het parlement een resolutie waarin de verwijdering van die kernwapens bepleit werd. Totnogtoe weigerden de bevoegde ministers om daar werk van te maken. Het excuus dat we het ons als klein land binnen de NAVO niet kunnen permitteren zo'n taboe te doorbreken, geldt niet langer. De voorzet is immers al gegeven. De Duitse en Noorse ministers van Buitenlandse Zaken hebben herhaaldelijk voorgesteld de terugtrekking van de NAVO-kernwapens op de agenda te zetten. Naar aanleiding van het recente rapport over de gebrekkige veiligheid van de in Europa gestationeerde kernwapens pleiten in Duitsland kopstukken van zowel sociaal-democraten, groenen als liberalen voor de verwijdering van de Amerikaanse kernwapens. NAVO-kernwapens weg uit Europa, als eerste stap naar een kernwapenvrije wereld. Alleen zo kan het NPT waardig oud worden.

Abolition 2000 Belgium - www.abolition2000.be
Mayors for Peace - www.mayorsforpeace.org

Deel dit artikel