Obama's tweede ambtstermijn: naar nucleaire ontwapening?

obama[Foto: Barack Obama via photopin cc]

Op 21 en 22 februari zitten de Ministers van Defensie van de NAVO-lidstaten samen in Brussel. Mogelijk wordt ook daar de ontwapeningsagenda van de regering-Obama besproken.

Sinds het begin van president Obama's tweede ambtstermijn zijn er hoopvolle signalen die er op wijzen dat de VS de mogelijkheid van de verwijdering van de Amerikaanse tactische kernwapens uit Europa ernstig nemen.

De Belgische regering mag zich niet beperken tot lijdzaam toekijken. Ons land moet duidelijk laten horen dat de Amerikaanse kernwapens uit Europa weg mogen en dat België van haar nucleaire taken in de NAVO afstand wil doen.



 

 

Wat wil de NAVO eigenlijk?

Op de NAVO-top in Chicago in mei 2012 keurde het bondgenootschap haar Deterrence and Defense Posture Review goed. Moeizame onderhandelingen leverden uiteindelijk een halfslachtig document op. De NAVO houdt vol dat "nuclear weapons are a core component of NATO's overall capabilities for deterrence", maar acht het extreem onwaarschijnlijk dat ze ooit het gebruik van kernwapens zou overwegen.

Het document zet de deur open voor een vermindering van het aantal kernwapens toegewezen aan de NAVO, maar linkt eventuele reducties aan stappen aan Russische kant. Wat dat precies inhoudt, is stof voor discussie, in alweer een nieuw comité: "allies agree that the NAC [North Atlantic Council] will task the appropriate committees to further consider, in the context of the broader security environment, what NATO would expect to see in the way of reciprocal Russian actions to allow for significant reductions in forward-based non-strategic nuclear weapons assigned to NATO."

Intussen zijn we bijna een jaar verder. Wat de NAVO dan van Rusland verwacht en wat ze zelf bereid is op de onderhandelingstafel te leggen, blijft onduidelijk. Ook het Belgische standpunt terzake is niet bekend.

 

 

Obama's tweede ambtstermijn: de Amerikaanse agenda

Op die manier geraken we niet vooruit, en dat schijnen de Amerikanen zelf goed te beseffen. Veel Amerikaanse militairen en diplomaten zijn het eens dat de ontplooiing van tactische kernwapens in Europe achterhaald en overbodig is.

Ivo Daalder, de Amerikaanse ambassadeur bij de NAVO, stelde in 1993 al: "...U.S. nuclear weapons can now be removed from Europe—they no longer serve the political or military function they once did."  Dat is vandaag niet minder waar.

In zijn State of the Union van 12 februari herhaalde president Obama zijn belofte een voortrekkersrol te spelen in het voorkomen van verdere verspreiding van kernwapens en in nucleaire ontwapening: "America will continue to lead the effort to prevent the spread of the world's most dangerous weapons. ... We'll engage Russia to seek further reductions in our nuclear arsenals."

De Amerikaanse regering lijkt bereid tot 'informele' afspraken met Rusland over reducties van het aantal niet-strategische kernwapens (naar het model van zogenaamde Presidential Nuclear Initiatives, de ontwapeningsronde onder Bush en Gorbatsjov begin jaren negentig), als werkbaar alternatief voor moeizame onderhandelen over een formeel verdrag.

 

 

Transparantie

Zo'n formeel verdrag veronderstelt immers ook duidelijke afspraken over transparantie, verificatie en controle, wat uiterst moeilijk en gevoelig ligt aan beide kanten. In de onderhandelingen die tot zo'n verdrag moeten leiden zouden bovendien ook andere twistappels (waaronder Europese raketverdediging en ontplooiing van conventionele krachten) een grote rol spelen, wat de zaak alleen maar moeilijker maakt.

Tenslotte is de kans groot dat de Amerikaanse Senaat aan de verificatie van zo'n verdrag zware voorwaarden zou verbinden (zoals gebeurde met de ratificatie van het New START), en dat vermijdt Obama mogelijk liever.

De afgelopen weken waren de VS druk bezig de mogelijkheden van gesprekken met Rusland af te tasten. Rose Gottemoeller, Acting Under Secretary of State for Arms Control and International Security, was op 5 februari in Brussel. Ze besprak er met vertegenwoordigers van de EU en NAVO-bondgenoten over de agenda van de Amerikaanse regering inzake ontwapening en internationale veiligheid. Van 12 tot 15 februari ontmoette ze in dat kader ook Russische regeringsfunctionarissen.

Op de vraag of de verdere reducties nu verder moeten via de NAVO of in bilaterale gesprekken tussen de VS en Rusland antwoordde Rose Gottemoeler op een workshop in Warschau op 7 februari: "From the U.S. perspective, it's possible that information exchanges and discussion of confidence building measures on NSNW could take place in the NATO-Russia Council or they could occur in other venues such as the bilateral track. In contrast, we would expect any further discussion of reductions to take place on a bilateral track. The United States will consult with our allies regarding the future basing of nuclear weapons in Europe, and we are committed to making consensus decisions during and through NATO processes."

Dat wijst er op dat de VS voor afspraken met Rusland geen NAVO-consensus willen afwachten, maar de NAVO-bondgenoten op de hoogte zullen houden van de vooruitgang van de gesprekken en hen de kans zullen geven zich aan de uitkomst van die gesprekken aan te passen. De VS willen zich niet laten verlammen door het gebrek aan NAVO-consensus maar vermijden tegelijk liefst dat de NAVO gezichtsverlies lijdt door interne verdeeldheid.

 

Trek Frankrijk mee het bad in

Frankrijk verzet zich tegen een beperking van de rol van kernwapens in de NAVO-strategie, uit vrees dat een reductie van het aantal kernwapens in Europa toegewezen aan de NAVO ook de legitimiteit van haar eigen nucleaire strategie ondermijnt. Met andere woorden: Frankrijk ligt in de NAVO dwars omdat het niet wil meetrokken worden in multilaterale gesprekken over nucleaire ontwapening.

De Franse kernwapens hebben vooral een symbolische functie: ze bevestigen haar status als grootmacht. ("In a nuclear-free world, France would just be another middle-size power with great cuisine", merkte Ward Wilson in New York Times op.)

Maar ook verantwoordelijken in het Franse leger zich vragen bij de verderzetting van de huidige nucleaire strategie, zoals onder andere blijkt uit een recent rapport van de invloedrijke Centre d'Etude et de Prospective Stratégique (CEPS), dat bekijkt waar in het Franse nucleaire arsenaal geknipt kan worden.

Het is te gek voor woorden dat Frankrijk, zelf geen lid van de Nuclear Planning Group van de NAVO, er in slaagt een verdere vermindering van de rol van kernwapens in de NAVO-strategie te blokkeren. De andere NAVO-landen zouden Frankrijk er moeten toe bewegen constructief deel te nemen aan multilaterale gesprekken over nucleaire ontwapening.

 

Wat doet onze regering?

De Nederlandse Tweede Kamer keurde op 19 december, op initiatief van de christen-democratische fractie, een motie goed die de regering aanspoort om dringend werk te maken van de verwijdering van de tactische kernwapens uit Europa. De motie stelt "dat tactische kernwapens geen nut meer hebben" en wijst er op "dat de dialoog binnen de NAVO en met Rusland niet of nauwelijks vooruitgang heeft gebracht op het gebied van afbouw van de tactische kernwapens in Europa".

Daarmee spoort de Tweede Kamer de regering aan zich niet langer neer te leggen bij de patstelling binnen de NAVO en de verwijdering van de kernwapens niet afhankelijk te maken van het resultaat van onderhandelingen met Rusland. In plaats daarvan suggereert de motie dat de bevoegde ministers hierover bilaterale gesprekken aanknopen met de VS.

Ook de Belgische regering mag niet louter afwachten wat de Amerikaanse initiatieven opleveren, maar moet actief werken aan de verwijdering van de Amerikaanse kernwapens uit Europa. Ze kan zich niet langer verschuilen achter de NAVO-consensus (of het gebrek daaraan) - de VS geven immers zelf aan dat ze zich daar niet afhankelijk van wil maken.

Bovendien liggen de Amerikaanse kernwapens hier op basis van bilaterale akkoorden met de VS. Dat de verwijdering er van afhankelijk zou zijn van consensus in de NAVO is een politieke keuze en geen dwingend gegeven. Onze regering moet, zowel binnen de NAVO als in bilaterale contacten met de Amerikaanse regering, duidelijk maken dat wat ons land betreft de Amerikaanse kernwapens uit Europa weg mogen en dat ons land van haar nucleaire taken in de NAVO afstand wil doen.

 

 

Debat in de Senaat

Minister van Defensie De Crem kondigde op 13 november aan dat hij in februari een debat wil organiseren in de Senaat "naar aanleiding van de belangrijke rol die president Obama en de nieuwe Amerikaanse regering de komende vier jaar inzake ontwapening en bewapening zal spelen."

Mogelijk krijgen we daar meer zicht op de Amerikaanse agenda en de consequenties voor de tactische kernwapens in Europa. Vredesactie is alvast bijzonder benieuwd naar de goede voornemens van onze regering.



Vredesactie DOOR:

Deel dit artikel