Q&A: De interne Palestijnse crisis

1. Staan de Palestijnse gebieden op de rand van een burgeroorlog?

Momenteel heerste er een ongeziene interne crisis in de bezette Palestijnse gebieden. Die kan uitmonden in ongecontroleerd geweld tussen Fatah en Hamas en zelfs in een gewelddadig conflict. Sinds een aantal maanden worden meer en meer Palestijnse burgers het slachtoffer van intern geweld. Dit kende een hoogtepunt in december toen drie kinderen bewust werden gedood en er een aanval op premier Haniyeh werd gepleegd. De spanningen tussen Fatah en Hamas stegen na de verkiezingsoverwinning van Hamas bij de parlementsverkiezingen in januari. Fatah kan haar nederlaag moeilijk verkroppen en probeert zoveel mogelijk macht vast te houden. Dit kan via president Abbas. De internationale gemeenschap steunt Fatah en boycot de Hamasgeleide regering. Hamas weigert immers Israëls bestaansrecht te erkennen, het geweld af te zweren en de met Israël gesloten akkoorden te erkennen. De Palestijnse bevolking betaalt echter de prijs voor deze boycot. Zo werden sinds 10 maanden meer dan 165.000 ambtenaren nauwelijks betaald en is de armoede in de Palestijnse gebieden dramatisch gestegen. Om uit deze impasse te raken en de boycot te beëindigen, probeerden Fatah en Hamas een eenheidsregering te vormen. Maar deze gesprekken faalden. Hierdoor nam het geweld tussen de milities van Fatah en Hamas sterk toe.

2. Waarom lokte de speech van president Abbas van 16 december zoveel geweld uit?

President Abbas riep op tot vervroegde parlementaire en presidentiële verkiezingen. Abbas stelde dat de basis van de macht bij het volk ligt volgens de Basiswet, of de effectieve Palestijnse grondwet. Het is aan het volk om te beslissen. Abbas verklaarde dat hij de macht heeft om de regering te ontslaan en verbond zich ertoe een burgeroorlog te vermijden. Als president heeft hij echter niet de bevoegdheid op te roepen tot vervroegde verkiezingen, en hij vroeg aan de centrale Palestijnse verkiezingscommissie om uit te zoeken of dit kan. In zijn speech haalde Abbas ook scherp uit naar Hamas. Hij gaf te kennen dat hij nog steeds een eenheidsregering wil, maar dat eerdere gesprekken faalden omdat de positie van Hamas niet realistisch is. Zo weigert Hamas, in tegenstelling tot Fatah, het bestaansrecht van Israël te erkennen. Abbas veroordeelde ook de aanvallen van Palestijnse gewapende groeperingen die Qassamraketten afvuren op Israël vanop de Gazastrook. Hamas beschuldigde de president van een staatsgreep en kondigde aan niet deel te nemen aan de verkiezingen. Er braken onlusten uit die aan drie mensen het leven kosten. Ondertussen schaarden beide partijen zich achter een bestand, maar dit is niet duurzaam.

3. Kunnen verkiezingen een uitkomst bieden?

President Abbas deed een gevaarlijke politieke zet, gezien de huidige chaos in de bezette Palestijnse gebieden. Momenteel heerst er een gewelddadige strijd om de politieke controle. Hierbij moet de partij die de verkiezingen won, toegevingen doen aan de verliezer. Hoewel Hamas niet de nodige transformatie van terreurbeweging naar politieke partij maakte, deed de partij inspanningen voor de vorming van een eenheidsregering. De kloof tussen Fatah en Hamas vergrootte echter. President Abbas wordt gesteund door het Westen. Hij profileert zichzelf als de persoon die vredesonderhandelingen met Israël kan aanknopen. Hamas weigert het ‘verzet’, geweld tegen Israëlische burgers, af te keuren. De partij moedigt deze aanvallen zelfs aan, ook al schortte ze de zelfmoordaanslagen in januari 2005 op. Zolang de militaire bezetting aanhoudt, weigert Hamas onderhandelingen met Israël. Politieke leiders aan beide zijden verklaren dat ze het interne geweld willen bedaren, maar wijzen elkaar aan als schuldige voor de chaos. Het is onwaarschijnlijk dat verkiezingen de spanningen zullen wegnemen.

4. Hoe is het zover kunnen komen?

De gewelddadige interne strijd is voornamelijk te wijten aan de bezetting en het passieve optreden van de internationale gemeenschap. Als bezettende macht moet Israël instaan voor de veiligheid en voor de administratie van de burgerbevolking. Na het vredesproces van 1993, werd de Palestijnse Autoriteit opgericht voor de administratie en basisdiensten aan de bevolking. Ze kreeg veel verantwoordelijkheden, maar kon niet besturen omdat Israël de effectieve controle over het grondgebied behield en doorging met zijn schendingen van het internationaal humanitair recht, zoals geweld tegen burgers en de nederzettingenexpansie. Israël verhinderde de staatsvorming en stimuleerde politieke repressie en corruptie. Door onder meer de restricties op bewegingsvrijheid, was de Palestijnse Autoriteit afhankelijk van Israël om te besturen. Regeringspartij Fatah verloor haar legitimiteit. Samen met het falen van het vredesproces, leidde dit tot het succes van de radicale Hamas. Israël stopte onmiddellijk na de verkiezingen met het terugstorten van het taksgeld dat het int voor de Palestijnse Autoriteit. Daarnaast schortte de internationale gemeenschap de budgethulp op. Hierdoor heeft de regering geen fondsen meer en worden de Palestijnse gebieden de facto niet bestuurd. Deze situatie wil het internationaal humanitair recht ten alle tijden vermijden. Elke burger heeft naast bescherming, recht op administratie en bestuur. De internationale gemeenschap verhindert echter niet dat Israël de Palestijnse staatsstructuur vernielt en zijn aanvallen op Palestijnse burgers opvoert. De wetteloosheid en het geweld in de Palestijnse gebieden zijn een rechtstreeks gevolg van de bezetting. Zolang Palestijnse burgers worden blootgesteld aan extreem Israëlisch geweld en geen basisdiensten krijgen, kan er geen stabiliteit zijn.

Brigitte Herremans, Midden-Oostenmedewerker Broederlijk Delen-Pax Christi Vlaanderen

Deel dit artikel