Wat staat Reynders en De Croo in Congo te wachten?

reynders decroo
[Ministers De Croo en Reynders tijdens hun trip naar Rwanda vorig jaar.]

Minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders en Minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo zullen vanaf zondag voor een kort bezoek in Congo zijn. 11.11.11 beleidsmedewerker Thijs Van Laer was hen voor en schetst vanuit Goma en Kinshasa welke uitdagingen de ministers te wachten staan.

Verkiezingen

Het was even een vrolijk moment in een sombere context. Het Amani-festival in Goma bracht een boodschap van vrede voor het talrijk opgekomen publiek, dat even de dagdagelijkse realiteit in Oost-Congo kon vergeten. Geëngageerde bands namen het podium in, zoals het Burundese Lion Story, waarvan de leden Burundi moesten ontvluchten omwille van een lied over mensenrechtenverdediger Pierre Claver Mbonimpa. Ook de Ivoriaanse reggae-artiest Tiken Jah Fakoly, met zijn teksten waarin hij zich verzet tegen Afrikaanse leiders die zich aan de macht vastklampen, oogstte veel bijval.

Er lijkt niemand aan te twijfelen dat Kabila een voorbeeld is van zo’n president die graag nog wat langer aan de macht wil blijven. Eerst was er het ballonnetje van een herziening van de grondwet, die nu stelt dat Kabila in 2016 de scepter aan een opvolger moet overdragen. Daarna de kieswet, die via een koppeling tussen verkiezingen en volkstelling die verkiezingen zou uitstellen. Nu is er sinds kort een verkiezingskalender, met lokale en provinciale verkiezingen in oktober dit jaar en presidentiële en parlementsverkiezingen in november 2016.

Min of meer binnen de grondwettelijke termijnen, zoals onder meer minister Reynders gevraagd had. Maar of de kalender ook gerespecteerd zal worden, is nog maar de vraag. De kalender is immers erg ambitieus. Bovendien werden lokale verkiezingen, hoewel erg belangrijk, nog nooit georganiseerd en dreigen ze zonder extra inspanningen lokale conflicten aan te wakkeren. En de Congolese regering moet nog heel wat voorbereidingen treffen om de verschillende stembusgangen te organiseren. Het zou niet verbazen mochten chaos of vertraging in de voorbereiding een uitstel van de presidentsverkiezingen veroorzaken. Met als gevolg dat Kabila in zijn zetel blijft zitten.

Protest

De vraag is of de Congolese bevolking dat zomaar gaat accepteren. Door betogingen in verschillende steden, spanningen binnen de presidentiële meerderheid en diplomatieke druk werden in de kieswet de verkiezingen losgekoppeld van een volkstelling, min of meer althans. Een groot deel van de Congolezen lijkt het beu te zijn. Niet omdat ze zo graag de oppositiekandidaten aan de macht wil zien. Die maken immers deel uit van diezelfde politieke klasse die vooral veel met zichzelf bezig is. Wel omdat er te weinig vooruitgang is. Op vlak van jobs, veiligheid en sociale voorzieningen.

Maar protesteren in Congo is niet zonder risico. Niet alleen in Kinshasa, ook in Goma werden betogers gedood tijdens de protestmarsen of opgepakt. De veiligheidsdiensten gingen stevig hun boekje te buiten en nog steeds zitten een aantal mensen achter tralies omwille van dubieuze redenen. Iets wat minister van Buitenlandse Zaken Reynders en minister van Ontwikkelingssamenwerking De Croo, vanaf zondag voor enkele dagen in Congo, sterk moeten veroordelen. België moet daarom vragen naar onderzoek en vervolging omtrent deze wantoestanden.

Daarnaast is het essentieel dat De Croo, tevens minister van Digitale Agenda, vraagtekens plaatst bij het blokkeren van sociale media. Ook sms’en en 3G-internetgebruik waren een tijd door de overheid geblokkeerd als een poging om kritische stemmen de mond te snoeren.

Toch laat niet iedereen zich door politiegeweld intimideren. In Goma sprak ik met een paar leden van La Lucha, een groep van jonge activisten die regelmatig op straat komen om veiligheid en sociale voorzieningen te eisen. Ze werden reeds verschillende keren opgepakt en opnieuw vrijgelaten, maar door een blok te vormen weten ze daar weerstand tegen te bieden. Ze staan op hun onafhankelijkheid en activistische methoden. Verademend.

De saga FDLR

Verkiezingen of sociale media, dat is iets waar de vrouwen die ik in Mugunga sprak (een kamp voor Congolezen die hun regio zijn ontvlucht) niet echt van wakker liggen. Wel van het feit dat ze geen voedselhulp meer kregen, omdat ze zogezegd niet kwetsbaar genoeg zijn. Revolterend genoeg, zeker met die oh zo zichtbare aanwezigheid van internationale actoren in Noord-Kivu. Maar daarbovenop moeten verschillende vrouwen uit het kamp om brood op de plank te krijgen vaak een halve dag wandelen om hout te halen dat ze kunnen verhandelen. Met het risico op verkrachting in de afgelegen bossen. De daders zouden vaak leden van het FDLR zijn, een van oorsprong Rwandese rebellenbeweging die al lange tijd onrust zaait in de Kivu’s.

Op het moment dat ik met deze vrouwen sprak, vond aan de andere kant van Congo een nieuwe aflevering plaats in de soap die de strijd tegen dat FDLR lijkt te zijn geworden. President Kabila liet op 15 februari tijdens een bijeenkomst met de internationale gemeenschap immers weten geen steun te wensen van VN-vredesmissie Monusco aan operaties tegen het FDLR. Nogal vreemd, want de VN had van haar kant zo’n steun al uitgesloten, omdat hun vraag om twee generaals met een slecht mensenrechtenconto te vervangen nooit werd ingewilligd.

Wat ging vooraf? Op 2 januari was het ultimatum dat de internationale gemeenschap aan deze Rwandese rebellengroep had verstreken, zonder betekeningsvolle ontwapening van de rebellen. Op 29 januari kondigde het Congolese leger militaire operaties aan tegen het FDLR, iets wat ook minister Reynders ondersteunde. Of die operaties weldra zullen plaatsvinden, is onduidelijk.

In elk geval heerst er bij de vele mensen die ik hierover sprak grote ongerustheid over de humanitaire gevolgen van militaire operaties tegen het FDLR. Eerdere operaties zorgden al voor heel wat burgerslachtoffers, doordat het FDLR zich wreekte op de bevolking en door het haveloze gedrag van het Congolese leger. Dat lijkt nu niet sterk veranderd: ook nu zijn er signalen dat de rebellen zich mengen met burgers, veel gedisciplineerder is het leger nu ook weer niet geworden en er is geen geloofwaardig alternatief voor de rebellen.

Drie puntjes voor in Goma

Meteen drie zaken die Reynders en De Croo tijdens hun bezoek moeten aansnijden.

Een: militaire actie tegen het FDLR is eigenlijk geen oplossing. In tegenstelling tot het in 2013 verslagen M23 zal het FDLR de strijd met het Congolese leger niet aangaan, maar zich vooral verder terugtrekken in de brousse en zich mengen tussen Rwandese vluchtelingen of lokale bevolking. Met alle gevolgen vandien.

Belangrijk is dus dat Reynders de nood aan bescherming van de burgerbevolking onderlijnt. Bovendien moet hij benadrukken dat men de criminele netwerken die gewapende groepen ondersteunen aan banden moet leggen en dat men de grondoorzaken van het conflict in Oost-Congo moet aanpakken.

Ook De Croo kan daaraan bijdragen. Niet meteen door een geïsoleerd programma met infrastructuurprojecten te financieren in de Kivu’s, zoals zijn voorganger Labille dat deed. Maar door een Belgische bijdrage te doen aan een internationaal programma voor stabilisatie van Oost-Congo, dat momenteel in haar startblokken staat en donoren zal zoeken.

Twee: het Congolese leger blijft nood hebben aan een hervorming. België en de Europese Unie zijn al jaren actief in de ondersteuning van het Congolese leger. Maar van resultaten is weinig sprake. Het lijkt wel dat president Kabila geen sterk en professioneel leger wil hebben. Toch blijft het een belangrijke nagel voor België om op te kloppen: vooruitgang op vlak van legerhervorming.

Drie: Om rebellen te overtuigen te ontwapenen heb je een alternatief nodig. En dat is er nu niet: voormalige rebellen zitten vast in kampen, zonder perspectief. Het huidige programma is volgens donoren te vaag en biedt te weinig Congolese inbreng. Nog zo’n punt om te bespreken met de Congolese autoriteiten. Zodat ook België hierin kan investeren, want dat is nodig.
Heel wat thema’s die onze ministers zullen moeten aansnijden. Wij hopen dat er in de dialoog met de Congolese autoriteiten, maar ook publiekelijk, een aantal van de bovenstaande boodschappen gegeven worden.

Tijdens de reis van De Croo en Reynders naar Burundi en Rwanda begin januari werden een aantal belangrijke zaken besproken. Wij hopen dat dit in Congo, het land dat de grootste ontvanger is van Belgische ontwikkelingssamenwerking, ook het geval zal zijn.

 

 

Deel dit artikel