Belgische NGO's zijn bezorgd over mensenrechtensituatie in de Filipijnen

 

Schendingen moeten stoppen

11.11.11 zijn samen met 8 Vlaamse NGO's die actief zijn in de Filipijnen, met name Bevrijde Wereld, Broederlijk Delen, Intal, Oxfam Wereldwinkels, Vlaams Internationaal Centrum, Volens, Wereldsolidariteit en Trias zwaar verontrust over de mensenrechtensituatie op de eilandengroep. De Filipijnse samenleving kent een stijgend aantal geweldplegingen op rekening van zowel overheid als een brede waaier van niet-staatsactoren. Hoewel de overheid verantwoordelijk blijft voor de meerderheid van de schendingen constateren we toenemende schendingen door de niet-staatsactoren. Op de Internationale Dag van de Mensenrechten, vandaag 10 december, lanceren 11.11.11 en haar leden een brede oproep naar de Filipijnse overheid en niet-gouvernementele groepen in de Filipijnen om dringend de mensenrechten te respecteren. Geweld is immers een hinderpaal om te komen tot ontwikkeling.


Slachtoffers van het geweld zijn in eerste plaats de armen en onderdrukten in de Filipijnse samenleving: boeren, arbeiders, inheemse volkeren, straatkinderen, verarmde stedelijke bevolking en andere groepen die aan de rand van de samenleving staan. Net met deze groepen werken de Belgische NGO's and solidariteitsgroepen samen om uit die marginaliteit te kunnen ontsnappen. Vandaar de oproep onderaan dit persbericht.

Schendingen van mensenrechten door staatsactoren

Rapporten van diverse Filipijnse mensenrechtenorganisaties tonen aan dat het aantal schendingen door de Filipijnse overheid toeneemt, in bijzonder door het leger en de politie. Tijdens operaties tegen zgn. islamterroristen of communistische opstandelingen worden mensen willekeurig gearresteerd en gefolterd zonder enige vorm van proces. Anderen verdwijnen of worden vermoord. Deze operaties veroorzaken in vele gevallen een massale stroom van vluchtelingen. Oorzaak zijn een situatie van straffeloosheid en het niet naleven van de wetgeving en procedures inzake de bescherming van personen. De mensenrechtenorganisatie Task Force Detainees in the Philippines (TFDP) stelde van januari tot september 2004 een stijgend aantal schendingen vast (109 gevallen) en slachtoffers van folteringen (17 gevallen met 41 slachtoffers). Volgens TFDP is het Filipijnse leger de hoofdschuldige hiervoor en volgt de Filipijnse politie op en oneervolle tweede plaats. Hoewel de Filipijnen officieel een democratie is, worden er nog steeds 239 politieke gevangenen vastgehouden.

Vele leden van volksorganisaties van inheemse volkeren of gemarginaliseerde groepen worden er steevast van verdacht te sympathiseren met de New People's Army (NPA), de gewapende vleugel van de Communistische Partij (CPP). Ook linkse opposanten en mensenrechtenactivisten die behoren tot reguliere organisaties worden door de militairen beticht van het rekruteren van rebellen of van lidmaatschap van de front-organisaties. Deze verdachtmakingen maken hen kwetsbaar voor schendingen van mensenrechten, in het bijzonder in die provincies die zwaar gemilitariseerd zijn en waar de rebellen ook actief zijn.

Bij het neerslaan van een staking in Hacienda Luisita op 16 november werden minstens 7 boeren en boerenleiders gedood door de politie van Tarlac en Noord-Luzon met steun van twee gevechtseenheden van het leger. Op het eiland Mindoro werden van 2001 tot nu 20 leden van de politieke partij Bayan Muna vermoord.

Schendingen van mensenrechten door niet-staatsactoren

Mensenrechtenactivisten zijn in toenemende mate verontrust door de operaties van privé-legers van grootgrondbezitters en grote ondernemers, privé-milities en andere gewapende groepen. Deze groepen blijven geweld gebruiken als middel om de oppositie de mond te snoeren of angst te zaaien bij burgers en krijgen daarbij blijkbaar steun van het leger en de politie. Verontrustend is zeker het stijgend aantal moorden op journalisten. Sinds 1986 werden in totaal 60 mensen uit de media vermoord, in 2004 alleen al zijn dit er 15. Het merendeel van deze moorden wordt in verband gebracht met aantijgingen van corruptie door lokale politici, zakenlui of criminele organisaties. Tot nu toe is er weinig of geen vooruitgang geboekt in het onderzoek naar deze moorden.

Amnesty International heeft in mei 2004 melding gemaakt van moorden door de NPA tijdens de kiescampagne. Andere bronnen, waaronder verklaringen van de CPP-NPA zelf, maakten melding van het feit dat verscheidene kandidaten tijdens de campagne dienden te betalen om campagne te kunnen voeren in gebieden die onder controle zijn van het NPA. Mensen die weigerden te betalen werden zwaar onder druk gezet en bedreigd.

Het NPA heeft ook verschillende moorden op CPP-dissidenten opgeëist. De recente aanslag op Arturo Tabara, is daarvan é é n voorbeeld. Tabara was leider van een splintergroep en zijn dood deed de vrees bij andere dissidente groepen toenemen dat hun leiders of activisten geviseerd worden. Dergelijke aanslagen verhogen ook het risico op wraaknemingen door gewapende groepen en individuen die de CPP of NPA verlieten. Er is eveneens een toenemende vrees bij een aantal progressieve partijen, NGO's en volksorganisaties op het schiereiland Bondoc ten zuiden van Manilla dat zij "legitieme doelen" zijn van de militaire operaties van de NPA. Eé n van de boerenleiders die onlangs werd vermoord, werd door de NPA bestempeld als een "legitieme moord."

Tenslotte wijst een rapport van Handicap International op het gebruik van geïmproviseerde landmijnen door drie gewapende oppositiegroepen.

Oproep van Belgische ngo's:

Als vertegenwoordigers van de Belgische ontwikkelings- en solidariteitsorganisaties zijn wij geschokt door deze ontwikkelingen. Onze boodschap op deze Internationale Dag van de Mensenrechten is duidelijk: de rechten van alle Filippino's zijn universeel en ondeelbaar en moeten nageleefd en gepromoot worden door zowel de overheid als door niet-staatsactoren. Daarom:

  • veroordelen we sterk alle schendingen van de mensenrechten los van welke partij de dader is.
  • roepen we de Filipijnse regering op om een grondig en onpartijdig onderzoek te doen naar alle gevallen van buitengerechtelijke executies die gebeurd zijn in het verleden en om alle gevallen van verdwijningen op te helderen en komaf te maken met de straffeloosheid.

  • roepen we de Filipijnse regering op om te stoppen met buitengerechtelijke moorden, vrijwillige arrestaties en het lastigvallen van burgers. We roepen de regering op om de privé-legers, paramilitaire milities en gewapende groepen op te doeken als een teken dat ze inspanningen wil doen om te werken aan vrede.

  • roepen we de CPP en andere niet-staatsactoren die betrokken zijn bij schendingen van mensenrechten op om publiekelijk aan te kondigen dat ze voortaan afzien van moorden en executies.

  • roepen we de Filipijnse regering en het National Democratic Front of the Philippines, met inbegrip van de CPP en NPA op om de afspraken in het kader van het "Comprehensive Agreement on Respect for Human Rights and International Humanitarian Law" dat in 1998 afgesloten werd na te leven.
  • roepen we dezelfde partijen op om Artikel 3 van de vier Genève Conventies van 1949 te respecteren. Deze verbieden regeringen en gewapende groepen om te folteren, burgers die niet deelnemen aan gevechten aan te vallen, of gewonden, gevangenen of mensen die zich overgeven schade te berokkenen of te gijzelen.
  • vragen we met aandrang dat groepen die aanleunen bij slachtoffers van geweld ervan afzien om op onwettelijke wijze wraak te nemen.
  • roepen we alle groepen en individuen die bezorgd zijn om de Filipijnen op om de stijgende trend in schendingen van mensenrechten door het Filipijns leger en de politie te veroordelen en te protesteren tegen het falen van de regering om de mensenrechten te respecteren.
  • verwachten we van individuen, groepen en landen die banden hebben met gewapende oppositiegroepen in de Filipijnen om hun politieke en morele invloed te gebruiken om alle praktijken te stoppen die kunnen leiden tot moorden, verminkingen en/of het lastig vallen van personen die niet deelnemen aan gewapende conflicten.
  • roepen we alle gewapende oppositiegroepen op om de Geneva Call Deed of Commitment, dat elk gebruik van anti-personenmijnen bant, te ondertekenen.
  • roepen we de Filipijnse regering op publieke controle toe te laten op haar naleving van het antimijnen verdrag en om onmiddellijk de wetsontwerpen terzake goed te keuren.

Deel dit artikel